Tags

,

Er staat nu een heel andere premier dan in 2017 (WILMA KIESKAMP, Week 1 Weekboek formatie, Vandaag/Trouw, 27-3-21)

Eén partij is veruit de grootste geworden bij de verkiezingen. Het heeft onherroepelijk gevolgen voor de politieke krachtsverhoudingen. Het is meteen zichtbaar, in de eerste week van de formatie.

Er staat een heel andere beoogd premier dan in 2017. Het is dezelfde man, Mark Rutte, namens dezelfde partij. Het is de Rutte die iedereen vertrouwd is, na drie premierschappen en ontelbare coronapersconferenties waarmee hij in elke huiskamer binnenkomt. Toch oogt zijn vierde premierschap nu al anders dan het vorige.

Zonder aarzeling heeft Rutte piketpalen geslagen, over hoe hij de leiding wenst te nemen in deze periode. Het oogt meer top-down. Niemand hoeft van hem verantwoording af te leggen over de grote vertrouwensbreuk in de prille kabinetsformatie. Notities uit de formatiegesprekken, over CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt die een ‘andere functie’ moet krijgen, roepen vele vragen op. Maar Rutte knipperde niet met de ogen. “Neeeee”, sprak hij. “Verantwoording afleggen, dat gaat niet. Nee.” Daarmee konden de andere partijen en vooral de Tweede Kamer het doen.

Het kan coronavermoeidheid zijn, maar toch: waar is de Rutte die zo soepel met iedereen kan verbinden? Die politieke verschillen kan overbruggen? Die zijn eigen rol het liefst klein houdt? Op een goed moment in de formatie zal die figuur vast weer terugkeren. Een kabinet smeden gaat niet samen met powerpolitiek van de grootste partij, hoe groot de winst ook was.

Een coalitie bouwen is lastiger dan in 2017. De twee grootste winnaars zijn het zelfs niet eens over de richting. De VVD wil naar rechts, met JA21. Maar D66 wil naar links, over de progressieve boeg. Het was de vorige keer overzichtelijker: toen liet het blok van VVD, CDA en D66 elkaar geen moment los, hoe eindeloos de formatie ook duurde. Rutte stak er veel energie in.

*De lessen van de versplinterde Kamersamenstelling van 2017 zijn bij deze formatie niet getrokken: er zijn minimaal 4 partijen nodig voor een nieuwe coalitie op basis van een meerderheid in deze Tweede Kamer, zodat er ook niet meer mag worden uitgegaan van een klassieke links-rechts-tegenstelling, die toch niet meer bestaat. Links bestaat namelijk niet meer. Zo redenerend had er alleen aan de verkenners geadviseerd mogen worden met een consequent tegengesteld duo-advies, zoals b.v. JA21 in combinatie met bijvoorbeeld SP, PvdA of GL. En iedere keer dat zo’n duo zou mislukken, een volgend duo vanuit het motorblok VVD/D66, het liefst als minderheidscoalitie gestart, maar als dat onmogelijk is, steeds nieuwe coalitiepartners. Het feit dat Rutte deze les ook niet getrokken heeft, geeft te denken. Hij is zijn politieke antenne kwijt geraakt, maar overigens niet zijn eeuwige glimlach, die nu averechts begint uit te pakken.

Zou de wendbare Rutte van 2017 ook zulke risico’s genomen hebben als hij deze week deed met het CDA, zijn favoriete coalitiepartner? Hij zet hoog in. Het is tevens te zien in de strategie die de VVD kiest in de formatie. Een coalitie met JA21 als vierde partij, Ruttes voorkeur, is vrij kansloos in de praktijk, en heeft qua zetels een smallere basis dan een coalitie met PvdA of ChristenUnie erbij. Het is hem misschien vooral om het signaal te doen, richting D66. Alsof Rutte zegt: die progressieve wensen van jullie, daar zit de VVD niet aan vast.

*En zo is Rutte evenzo vanuit het traditionele aloude politieke schaakspel bezig, zoals iedereen, en maakt hij er ook een potje van, nota bene als demissionair minister-president en dat gaat hem opbreken. In dit gepolariseerd veld kun je alleen gedepolariseerd optreden. In dit gepolariseerd veld kun je alleen gedepolariseerd optreden. Er had dus aangestuurd moeten worden op een zaken- of minderheidskabinet van VVD en D66 en vervolgens alle mogelijke combinaties op basis van een eerste schets uitproberen. De meest kansrijke combinatie zonder klassieke tegenstellingen wordt automatisch duidelijk.

De hakken in het zand

Alle partijen hebben nog de hakken in het zand. Een assertieve Tweede Kamer heeft in reactie op de chaotische start van de formatie zijn tanden laten zien. Of Rutte het wil of niet, er komt alsnog een debat met de opgestapte verkenners Ollongren en Jorritsma, over alles wat er is misgegaan.

Dat debat zal nog iets laten zien, dat ándere verschil met 2017. Partijen waren er destijds op gespitst alles zo zorgvuldig mogelijk te laten verlopen. Het was de eerste formatie zonder de koning. Fouten vermijden was een halszaak.

In deze tweede formatie door de Kamer zelf zit de slordigheid niet alleen in een A4’tje onder de arm. Die zit in de formatie zelf. De taken van een verkenner staan nergens formeel omschreven. Dat leek niet nodig, de verkenner zou een nietige figuur zijn, die alleen het voorwerk zou verrichten en een informateur aanwijzen. Maar zo bescheiden hebben de eerste verkenners van VVD en D66 zich bepaald niet opgesteld. Er werd al flink onderhandeld, in een grijs schemergebied. Het beeld is niet fraai, van winnaars die vast wat ruimte pakken.

[Politiek verslaggever Wilma Kieskamp blikt wekelijks terug op de kabinetsformatie.]

https://krant.trouw.nl/titles/trouw/8321/publications/1211/articles/1325099/6/2