Tags

Kijk in maart in het stemhokje vooral naar de grote vraagstukken van deze tijd, schrijft Tim Kuijsten namens een brede coalitie van jongerenorganisaties van politieke partijen.

[TIM KUIJSTEN BESTUURSLID PERSPECTIEF, CHRISTENUNIE-JONGEREN]

Met een allesomvattende coronacrisis zou je zeggen dat er meer dan genoeg onderwerp van gesprek is tijdens de verkiezingscampagne. Maar het gevaar is een te grote fixatie op die crisis. In de hectiek die 2020 voortbracht, wordt snel vergeten dat een crisissfeer in 2019 eveneens permanent in de lucht hing, toen nog geïllustreerd door een telkens volgepakt Malieveld. Of we onthouden moeilijk de steeds luidere noodkreet om radicale actie op klimaatgebied. En dan hebben we als jongerenorganisaties nog niet eens gesproken over specifieke jongerenproblematiek rond het leenstelsel, de arbeidsmarkt en huisvesting.

De komende verkiezingen vormen een electorale evaluatie van in ieder geval de laatste vier jaar, maar in essentie van een veel langere periode. We doen onszelf democratisch tekort als we onze beoordeling enkel laten draaien om één onderwerp, hoe groot en belangrijk dat onderwerp ook is. Onze samenleving staat voor een rij grote uitdagingen. Het is essentieel dat burgers een Tweede Kamer samenstellen op basis van een volledige afweging, en dat zij ook in staat worden gesteld om die afweging op alle terreinen te maken.

Neem het klimaat: op dit moment vooral genoemd als thema waar de campagne in ieder geval niet over gaat. Terwijl de prognoses er toch op wijzen dat klimaateffecten zich binnen elk domein van onze samenleving zullen laten gelden: we raken straks bakken met geld kwijt aan bestrijding en herstel van natuurschade, lopen grotere gezondheidsrisico’s door toenemende hitte en moeten vrezen dat de thuisgebieden van miljoenen mensen ter wereld onleefbaar worden.

Hoe die gitzwarte scenario’s te voorkomen, daarover bestaan fundamenteel verschillende opvattingen binnen de politiek. Datzelfde geldt voor de rol van de overheid: moet deze de zorg en volkshuisvesting structureel naar zich toe trekken, of vooral zorgen voor een klimaat waarbinnen de samenleving het zelf regelt? Wat te denken van migratie: minder mensen binnenlaten, meer asielaanvragen goedkeuren of vooral veel meer investeren in ontwikkelingssamenwerking? Ons belastingstelsel: wie moet welke lasten nu precies torsen? De arbeidsmarkt? Europa? Medische ethiek?

Wellicht dat de campagne nog warm moet draaien, maar voorlopig maken deze onderwerpen nog volledig plaats voor het coronadebat. En niet alleen wat de feitelijke inhoud betreft dreigt de verkiezingsstrijd te nauw gedefinieerd te raken. Ook als het over de poppetjes gaat, bespreken we tot op heden vooral crisismanagers. Maar uiteindelijk draait het toch in de eerste plaats om de ideeën van de politici. Welke visie heeft de lijsttrekker? Welk Nederland willen de fracties over twintig jaar bewerkstelligd hebben?

Bij de opsomming valt op: het gaat om grote vraagstukken met een invloed die tot ver in de toekomst reikt. En dat is juist voor jongeren essentieel. Als de keuzes van nu zo’n enorm verschil maken voor later, is het voor jongeren noodzakelijk dat die keuzes gemaakt worden op basis van een brede afweging. We kiezen immers voor vier jaar. In die periode zullen we de lockdownmaatregelen toch een keer achter ons kunnen laten, maar blijven we daarna wel zitten met dezelfde Kamerverhoudingen.

*Maar in ons gefragmenteerde bestel draait het alleen om coalitievorming met 4, 5 of 6 partijen en daarmee gaat het om de korte termijn van 4 jaar tot de volgende verkiezingen (en hoe je de coalitie kunt overleven). Korte termijn in plaats van lange termijn. Alleen maar een variant op een tweepartijenbestel zoals in de VS en het VK, waar het dus ook alleen over de komende vier jaar gaat. En daarmee zijn alle democratische landen, anders dan de (semi) communistische of éénpartijstaten, een laboratoriumsituatie van hoe de eigen maatschappij vertimmerd moet gaan worden nadat de tegenstander is verslagen.

Het is daarom cruciaal dat politiek, media en maatschappij zich de komende weken inspannen om zo veel mogelijk onderwerpen aan bod te laten komen tijdens de campagne. We kunnen het ons niet permitteren om bij cruciale verkiezingen immense uitdagingen uit het oog te verliezen. Corona heeft immers al een te grote greep gekregen op ons dagelijks leven. Laat dat voor onze stem straks niet het geval zijn.

*Maar ‘we’ zijn er wél steeds zelf bij aanwezig, al weten we dat de partijen zelf hun programma’s  vaststellen. Als je geen lid bent van een partij, dan heb je daarop geen invloed. Maar dat is niet het hele verhaal! Want zelf ben ik nu bijna 10 jaar partijloos, na veel frustraties te hebben opgelopen in diverse partijen waarvan ik lid was. En deze partijloosheid blijkt nu achteraf ideaal voor mij te zijn omdat ik letterlijk onafhankelijk mag denken, wat partijleden niet kunnen omdat ze gebonden zijn aan hun programma’s. en je moet je als partijlid altijd conformeren aan het programma waartoe de meerderheid van een congres heeft besloten. En wat mij altijd overkwam in mijn verleden is dat als het tegenzat je alle gewenste moties werden weggestemd. Kortom, het partijlidmaatschap is van een heel beperkte waarde als je een te onafhankelijke denker bent. Dan pas je niet in een partij en daarom kijk ik uit naar een toekomst met alleen een directe democratie binnen een digitaal bestel (zonder partijen) waarin iedere ‘ingeschrevene’ dus evenveel recht van spreken heeft als iedere andere geregistreerde stemmer. Het spreekt voor zichzelf dat in dat toekomstige bestel iedere niet- geregistreerde geen recht van spreken heeft. Maar die behoefte zal hij ook niet hebben, omdat de politiek tijd(sinvestering) vreet.     

[Tim Kuijsten schreef dit stuk samen met: Niels Honkoop (CDJA), Hilde Wendel (JOVD), Andrej van Hout (Jonge Socialisten), Nikki Fredriksz (Jonge Democraten), Arie Rijneveld (SGPJ), Esra Kahramanoglu (Oppositie, Denk) Sebastiaan Spierings (Pink!, PvdD) en Sabine Scharwachter (Dwars, GroenLinks).]

https://krant.trouw.nl/titles/trouw/8321/publications/1170/articles/1294174/21/1