Tags

Stelling: Dat kort na het uitbreken van de Covidcrisis ons werd beloofd dat de wereld er post-Covid anders uit zou zien dan ervoor, klonk en klinkt logisch omdat zo’n virus het hele menselijke samenleving plat kan leggen een wereldprestatie genoemd mag worden. Dat hadden we nooit verwacht in onze arrogantie dat we ‘de natuurlijke elementen’ volledig onder controle zouden hebben. Dat bleek een enorm misverstand en dus moesten de resten van de oude economie opgeruimd worden: ‘Ethischer, groener, gelijker, kortom… beter.’ Maar als dan vervolgens wordt opgemerkt dat een aantal evoluties net het tegenovergestelde doen denken, dan moet daar kritisch, maar constructief worden onderzocht. Natuurlijk zijn er de conservatieven en orthodoxen die daar niets van moeten hebben vanwege hun hunkering naar romantiek van lang vervlogen tijden. Maar of dat ook betekent dat de “wereld van morgen niet datgene dreigt te worden waarop we hoopten”, is maar de vraag.

Dominique Dewitte, Business AM, 17/11/2020

CORONACRISIS

Kort na het uitbreken van de Covidcrisis werd ons beloofd dat de wereld er post-Covid anders uit zou zien dan ervoor. Ethischer, groener, gelijker, kortom… beter. Maar een aantal evoluties doen net het tegenovergestelde denken. De wereld van morgen dreigt niet degene te worden waarop we hoopten.

1. Kapitalistische structuur van multinationals is niet gewijzigd

Ten eerste heeft de Covid-19 crisis de kapitalistische structuur van multinationals niet gewijzigd. De aandeelhouders blijven tot op vandaag grote, internationale investeringsfondsen die voorstander blijven van globalisering, diversificatie en transnationaal handelsverkeer.

*Dit wordt terecht opgemerkt maar dat betekent niet dat die structuur niet zal worden gewijzigd of zelfs zal verdwijnen. Inmiddels is immers al opgemerkt dat het neoliberalisme aan het afsterven is en dan is in mijn visie ook onvermijdelijk.

2. Delokalisering blijft een uitzondering

Ten tweede regende het de voorbije maanden aankondigingen van Europese overheden en bedrijven die – in de nasleep van de coronacrisis – hun productie vanuit het buitenland zouden terugbrengen. Steeds meer Europese autobouwers begeven zich op de markt voor elektrische wagens, waar ze rechtstreeks in concurrentie komen met China.  België telt ondertussen al een half dozijn bedrijven, die in eigen land mondmaskers maken. Vaak worden ecologische factoren naar voren gebracht. Hier produceren, groener produceren en werkgelegenheid creëren, is de boodschap. Maar dat zal moeilijk gaan zonder staatshulp, lees belastinggeld. En zal de Europese belastingbetaler bereid zijn om voor de subsidies op te draaien die deze delokaliseringen mogelijk moeten maken? Want als overheden ook arbeidsintensieve activiteiten weer naar Europa willen halen, zullen daar subsidies, belastingverlagingen of andere steunmaatregelen voor nodig zijn. Sommige zullen groen licht van Europa vergen. Net daarom is de kans dat delokalisering de uitzondering op de regel blijft niet gering.

*Dat alle of vele outsourcingontwikkelingen zullen worden teruggedraaid, ligt voor de hand en zal zelfs onvermijdelijk zijn omdat we ontdekt hebben dat we ons daarmee kwetsbaar hebben gemaakt vanwege het ogenschijnlijk voordeel van lage lonenconstructies, maar dat je dan wel afhankelijk wordt van de industriële segmentering, is duidelijk geworden (zoals medicijnenproductie in China en India) en dat had niemand voorzien. Denktanks zijn hiermee al ongetwijfeld bezig.

3. Aziatisch handelsakkoord belooft weinig goeds voor de rest van de wereld

Tenslotte is het voorbije weekeinde in Azië geschiedenis geschreven. 15 landen in Azië en de Stille Oceaan, waaronder China, Japan, Australië, Nieuw-Zeeland en Zuid-Korea, hebben zondag het grootste regionale vrijhandelsakkoord ter wereld ondertekend. Het Regional Comprehensive Economic Partnership, of RCEP – was bijna een decennium in de maak en werd op de laatste dag van de 37ste Asean Summit in Vietnam goedgekeurd. Deze 15 landen tellen samen 2,2 miljard inwoners en vertegenwoordigen een gecombineerd bbp van 26.200 miljard dollar. Dat is een derde van het globale bbp. 92 procent van alle onderlinge handelstarieven verdwijnt, waaronder 86 procent van die tussen China en Japan, respectievelijk de tweede en derde economieën ter wereld.

*’Weinig goeds’ is in dit stadium voorbarig en dus een kwestie van afwachten hoe de praktijk gaat uitpakken, maar ook hier zijn alle experts en beleidsmakers ongetwijfeld al mee bezig om hun regeringen te adviseren.

De regio wordt dus een gigantische vrijhandelszone die 4 keer de omvang van de Europese Unie heeft. Een nieuwe stap die het centrum van de wereldeconomie opnieuw verder richting het Oosten duwt. Ter vergelijking: Azië vertegenwoordigde in 1950 amper 25 procent van de globale productieketen, India inbegrepen. Tegen 2050 zal dezelfde regio ruim 60 procent van de globale productie voor zijn rekening nemen.

*Als we nu aan de hand van de problemen binnen de EU zien hoe moeilijk het is een vrijhandelszone probleemloos op te bouwen en te consolideren, dan zal dat ook een van de voorspelbare problemen gaan worden als bij ons.

Staatseconomieën eisen steeds groter deel van de koek op

Echt goed nieuws kunnen we dat niet noemen. Niet enkel omdat Europa steeds meer naar de marge van de wereldeconomie verschuift, maar ook omdat niet-democratische (staats-)economieën tegen 2050 ruim 43 procent van het globale bruto binnenlands product voor hun rekening zullen nemen, vergeleken met 12 procent in 2000. In dezelfde tijdspanne zal het aandeel van het Westen dalen van 57 procent tot 33 procent.

*Het is helemaal de vraag of we die staatseconomieën niet goed nieuws kunnen noemen. Alle industriële verhoudingen en infrastructuren zijn zo veranderd dat van de overheid meer sturing en ontwikkeling van overzicht gevraagd mag en moet worden. Daarnaast kunnen we ook leren van die niet-democratische (staats-)economieën. Onderzoeken wat ook in onze economieën toepasbaar is, want één zaak is duidelijk, al het oude gaat ooit verloren.

Nog verontrustender is dat het handelsakkoord geen rekening houdt met sociale en milieu-aspecten, want die maken er geen deel van uit. Daarnaast vindt volgens berekeningen van het Freedom House steeds meer handel plaats in niet-democratische landen. Die zullen in 2050 ruim 40 procent van het globale bbp produceren, tegen 14 procent in 2000.

*De auteur(s) hebben gelijk met hun zorg dat het handelsakkoord geen rekening houdt met sociale en milieuaspecten, maar dat kan ook een kwestie van tijd worden beschouwd: naarmate er te weinig verandert op het sociale terrein en op milieugebied, hoe harder dat als een boemerang terugkeert in het eigen gezicht. Al die landen hebben een gemiddeld arme bevolking en de potentie van opstanden is navenant groot te noemen.

‘Niet echt waar we op zaten te wachten wanneer we over de ‘wereld van morgen’ brainstormden.’

*Dit valt dus wel mee als al die ontwikkelingen kritisch gevolgd worden.

Source: BusinessAM

https://businessam.be/de-wereld-van-morgen-zal-niet-degene-zijn-die-ons-bij-het-uitbreken-van-de-covidcrisis-werd-beloofd/?