Tags

Wilders en de retoriek van het paniekvoetbal Column (Hilde Sennema, Politiek/fd, 18-11-19)

‘Even vertolkte Geert Wilders de stem van het redelijke midden. Vorige week stelde hij voor om op te houden met paniekvoetbal door een half jaartje niks te doen, om zo in alle rust een oplossing te zoeken voor het stikstofprobleem. Hoewel ik heus erg vóór het milieu ben, knikte ik instemmend.

‘Toch gingen de alarmbellen af, want zo vaak komt het niet voor dat de woorden van Wilders een zalvend effect hebben. Sterker nog: mijn paniek wordt doorgaans groter als hij aan het woord is. Niet omdat ik bang ben voor massamigratie, maar omdat hij met de retoriek van de onderbuik een belangrijk deel van de bevolking wél angst weet aan te jagen.

‘Het leek me daarom nuttig eens te kijken wat het eigenlijk betekent als je iemand van paniekvoetbal beticht. Ik sloeg de krantenarchieven erop na en zag dat het woord in overdrachtelijke zin voor het eerst werd gebruikt in de jaren vijftig. Het gebruik van de term nam een vlucht tijdens de toenemende onvrede eind jaren zestig, met alle bezettingen en stakingen van dien. Politici buitelden over elkaar heen om elkaar ervan te beschuldigen en in 1976, in de nasleep van de oliecrisis en precies tussen twee oranje WK-finales in, werd het woord opgenomen in de Van Dale.

‘‘Wilders voelde haarfijn de crisissfeer aan en even leek zijn noodwet het redelijke alternatief’

‘Die heeft het over ‘op onberaden wijze, als in grote verwarring, een zaak aan te pakken’. Maar Van Dale laat na het effect te vermelden: als je iemand beschuldigt van emotioneel en verward gedrag, frame je jezelf als het toppunt van rationeel en vooruitziend beleid. (Da’s logisch).

In Wilders’ geval is dat lastig vol te houden: hij is bij uitstek de man van het sentiment en de emotie.’

Een prachtige en steekhoudende tekst over het gedrag van Wilders!

(…)

https://fd.nl/opinie/1324591/wilders-en-de-retoriek-van-het-paniekvoetbal