Tags

Soms is het beter slim te zijn dan verstandig (René ten Bos, Opinie/fd, 3-1-19)

‘Slimheid is de achterbuurt van het verstand’, zei de dichter Harry ter Balkt ooit in een interview. Mooi beeld. Het verstand wordt neergezet als een plek waar je woont. Die plek zou je kunnen zien als een stad. En net als iedere, zichzelf respecterende stad heeft het verstand achterbuurten.

We zouden kunnen nadenken over wat die achterbuurten zijn. Ter Balkt suggereert slimheid. Ik kan me daar van alles bij voorstellen. In sommige buurten is het handiger om slim te zijn dan verstandig. Je zou maar eens een patser tegen het lijf lopen die een hekel heeft aan verstand. Geloof me, er zijn veel van zulke mensen. Steeds als ik een politicus een beroep hoor doen op zoiets als gezond verstand, vrees ik dat hij of zij zich verder vervreemdt van die patsers. Verstand is wereldverbeterend en dus bemoeizuchtig. Slimheid is dat niet. Verstand is rechtlijnig op weg naar een bepaald doel. Het verkiest helderheid. Slimheid meandert en voelt zich thuis in troebelheid.

Met de zinssnede ‘eens een patser tegen het lijf lopen die een hekel heeft aan verstand’ wordt een kernbegrip uitgedrukt aangezien een patser staat voor het klassieke begrip van ‘het recht van de sterkste’, en we dachten dat we van die middeleeuwse ‘wereld’ waren bevrijd. Maar neen, in deze column wordt duidelijk gemaakt dat dat recht van de sterkste nog steeds bestaat, maar dan in een andere vorm dan voorheen. Nu is het de slimheid (praktisch denken) van die lichaamskracht die maakt dat verstandelijke beleidsmakers niet meer begrepen worden, want allemaal van die diplomamannetjes. Terwijl de achterstandswijken alleen maar te maken hebben met het gebrek aan begrip van de sociale-dienst ambtenaren. Dat is in de ogen van bewoners onrechtvaardig en daarom zijn al die regels van ambtenaren alleen geschapen om overtreden te worden. Zo eenvoudig is dat.

Verstand is Amsterdam-Zuid, slimheid Katendrecht, ook al weet je het tegenwoordig met die gentrificatie nooit zeker.

In achterbuurten komt het neer op overleven. Daar geldt geen verstandige moraal. Waarom geldt er geen verstandige moraal? Als het om overleven gaat, bestaat er geen moraal, want de een zijn dood is de ander zijn brood. Daarom bestaat er wel wijk- of buurtcohesie die je in rijkere wijken niet aantreft, want daar redt iedereen zich persoonlijk wel zonder de buurt erbij te betrekken.

Zijn er andere achterbuurten van het verstand? Het onderbewustzijn misschien? Het onbegrensde domein dus van de lage lusten en de dito angsten. Deze buurt kunnen we zien als een soort onderwereld die ons aanstuurt, ook al wil het zojuist genoemde gezonde verstand dat niet. Integendeel zelfs, dat verstand stuurt ordetroepen naar deze achterbuurt: de lusten en de angsten moeten worden getemd. Impulscontrole staat er met grote letters op de roodomrande waarschuwingsborden. Helpt het? Het onderbewustzijn is, anders dan slimheid, onbegrensd. Kunnen we ons een onbegrensde buurt voorstellen? Ik geloof niet dat Ter Balkt het onderbewustzijn een achterbuurt vond.

Het onderbewustzijn is sinds Jung beter bekend geworden als het ‘collectieve onderbewustzijn’ en dus de onderbuikgevoelens van de maatschappij, die in de kroeg ruim geëtaleerd worden met als nieuwe uitlatklep de sociale media. En daarmee is de cirkel rond: de lagere inkomens voelen zich vandaag even benadeeld als hun evenknie in de 19e eeuw en dat krijg je de Macron-effecten dat je als politicus (geadviseerd door zijn keurkorps van topambtenaren) gemakkelijk naar een technocratisch middel van btw-verhogingen grijpt, die alle burgers aanslaan, maar tegelijkertijd vergeet dat vermogensbelastingen laten dalen juist woede oproepen. Inconsequent beleid en dus ook direct aanleiding tot het eigentijdse protest van de gele hesjes. Daarvan maken de eigentijdse hooligans en relschoppers graag gebruik om hun eeuwig gloeiende onlustgevoelens te uiten en de ‘tent’ staat in lichterlaaie. Dat zijn dus de uitingen van kardinale ambtelijke fouten, waarbij ook Macron als modern en hervormingsgezinde bestuurder met een fijne politieke antenne zijn klassieke fout blijkt te kunnen maken. dat wordt genadeloos afgestraft.

Slimheid is de enige serieuze kandidaat. Is slimheid ‘streetwise’? Of is slimheid berekenend en calculerend? De Duitse filosoof Immanuel Kant (1724-1804) schreef over ‘Klugheit’, een woord dat we meestal vertalen met ‘handigheid’, ‘schranderheid’ of ‘gevatheid’. In sommige van zijn ethische geschriften verwierp hij die Klugheit als amoreel. Logisch, in achterbuurten komt het neer op overleven. Daar geldt geen verstandige moraal. In zijn meer antropologische geschriften zegt Kant dat de mensen zonder Klugheit niet kunnen overleven en schroomt hij niet een soort survivalgids voor achterbuurten te maken.

Uit deze passage blijkt heel duidelijk dat Ten Bos zelf nog worstelt met deze ‘strijd’ tussen slimheid en verstand, want juist werd opgemerkt slimheid de enige serieuze kandidaat is, maar met de alternatieve betekenissen van ‘berekenend en calculerend’ gaat hij de mist in. Want die ontstaan niet door slimheid maar door rationaliteit en verstandelijke afwegingen: de ambtenaar is berekend omdat zijn vak is en calculerend omdat statistieken tot zijn instrumenten behoort.

En met Kant kan worden opgemerkt dat handigheid en schranderheid en gevatheid juist slimme eigenschappen ontstaan die je niet aan een academie hebt geleerd of ingestampt gekregen en dus binnen maatschappelijke verhoudingen hebt aangeleerd en daarmee koopman of handelsman bent geworden.

Daarom geldt in achterbuurten geen verstandige moraal. Want die heb je in het straatverkeer niet nodig. Die daar de eeuwigheidswaarde van de ‘kloof’ die wij vandaag kennen als wetsvoorstellen niet worden aangenomen omdat er geen draakvlag bestaat tussen bestuur/politiek (en maatschappelijke of economische elite) enerzijds en weinig verdienende burger anderzijds. De kloof tussen laaggeletterdheid en hoogopgeleiden. En zoals we de verhoudingen in het voortgezet onderwijs ook kennen: 65% mbo en 35% hbo.

Die verhoudingen spelen in de maatschappij evenzeer door en dat vergeet de gemiddelde politicus; al bestaan er partijen als SP die daarmee wel rekening houden, maar daar wordt de plank misgeslagen door geen juiste toonhoogte te vinden om de (verhoudingsgewijs) hoogopgeleide Kamerleden van repliek te kunnen dienen. Alleen de oprichter zelf, Jan Marijnissen, wist de juiste toon aan te slaan en heeft die partij ook redelijk kunnen uitbouwen, maar de hoogtijdagen liggen al ver achter ons.

Ik weet niet of die aan mij besteed is. Maar weet het ook niet als het gaat om verstandige boodschappen. Vandaar deze nieuwjaarsboodschap: u mag zelf nadenken of u het komende jaar door de achterbuurten of door de nettere buurten van uw verstand doolt.

Waarom is dit een heel verstandige column van de Nijmeegse filosoof en hoogleraar René ten Bos? Omdat hij mijns inziens (per ongeluk) een doorbraak in theorie heeft aangebracht in de bestaande kloof tussen ‘verstand en slimheid’, die hij wist te vatten in een dualistisch verschil, en daarmee een logische verklaring heeft gevonden waarom de burger steeds minder naar de politiek luistert en dat ook terecht minder doet waardoor de brug die beiden moet verbinden, zal instorten. Hoezo?

De politiek gaat uit van rationele analyse en verstandige besluitvorming maar is gaandeweg steeds technocratischer geworden in de uitoefening van dat besluitvormingsproces.

Daarmee wordt de 19e -eeuwse kloof tussen laag- en ongeletterd tegenover hooggeleerden geaccentueerd en dat komt in onze maatschappij weer heel herkenbaar terug vanwege de laaggeletterden die in de overlevingsmodus leven omdat iedere stuiver en dubbeltje moet worden omgedraaid, terwijl de huidige beleidsmakers probleemloos in de eurowereld leeft met voldoende inkomen om met gemak zijn consumentenproducten aan te schaffen.

De ambtenaren en politici, maar ook de ondernemers en handige zakenlieden verdienen hun inkomen op een gemakkelijke manier vanwege hun hoogaangeslagen verstands- (of ‘verstandelijke’)ambachten die de tegenwoordige ambtenaren zijn en bovendien ook een schaars, en een groot contrast vormen met de sociale uitkeringen in achterstandswijken.

Die kloof heeft altijd bestaan, maar komt nu in een schrijnender daglicht te staan met alle hoge risico’s in de huidige technologisch verder gevorderde maatschappij dan die 19e eeuw. Daardoor wordt in brede lagen van de bevolking onrecht en onrechtvaardigheid ervaren, zeker nu de energietransitie noodzakelijkerwijs wordt doorgevoerd, want als dat niet gebeurt zijn wij de volgende beschaving in instort zoals ook oude en ‘prehistorische’ beschavingen van Atlantis en Lemurië in de golven van de toenmalige tsunami’s wegzonken.

Nu met veranderende en hogere temperaturen blijkt het natuurlijke eco-systeem ook aangetast te worden en ‘alles’ wordt in de war geschopt, terwijl er nog geen zekerheid bestaat omtrent de oorzaken en onderlinge wisselwerking (oceanen, klimaat en meteorologie, stratosfeer om dat essentiële drieluik maar te benoemen), zodat het allemaal onbeheersbaar kijkt te worden. Hier wordt 65% van de bevolking dus knettergek van en dat hoort de politieke elite te (kunnen) begrijpen.

‘Kunnen’ tussen haakjes omdat ze die kwaliteit in huis worden geacht te hebben, maar door de routinematige sleur van hun functie, overladen door overleggen en vergaderingen, dat je geen afstand meer kunt namen van die sleur. Daarom stelt het gemiddelde Kamerlid ook niets meer voor en wordt het tijd dit bestel op te hebben wegens zinloosheid. Op weg naar de directe democratie waarin iedere burger zijn principiële politieke verantwoordelijkheid kan nemen. En niet door dat domme stemgedrag waardoor hij zichzelf in vicieuze cirkels laat draaien. De representatieve democratie maakt ons als burgers tot gevangenen van dit stelsel. Lang leve de moderne burger die dit bestel opruimt.

https://fd.nl/opinie/1284032/soms-is-het-beter-slim-te-zijn-dan-verstandig

Advertisements