Tags

Tjeenk Willink: ‘We zijn de publieke zaak structureel aan het uithollen’ (Rob de Lange en Ulko Jonker, Bestuur/fd, 11-12-18)

Bedachtzaamheid is niet raadzaam voor wie zich in het huidige publieke debat mengt. Herman Tjeenk Willink houdt er niettemin hardnekkig aan vast. Ook tijdens een gesprek in de ontvangstruimte bij de Raad van State aan de Kneuterdijk in Den Haag formuleert hij zacht en zorgvuldig, zonder zijn boodschap te verhullen: ‘Mijn zorg, zelfs ingehouden woede, is dat we de publieke zaak structureel aan het uithollen zijn.’

Dat ‘Bedachtzaamheid niet raadzaam is voor wie zich in het huidige publieke debat mengt’, geldt alles voor mensen die de huidige trend volgen en dus het hoogste woord voeren. Maar wie uit de huidige maatschappelijke, politieke en staatsrechtelijke crisis de juiste conclusies wil trekken, en daarover een boek of pamflet schrijft, geldt het wijze credo ; wie schrijft die blijft.’ En daarmee zal dit nieuwe boek van Tjeenk Willink ook een blijvertje blijken te zijn. Zeker ook vanwege de emotie, de ‘ingehouden woede’ waarmee het geschreven is, omdat ‘we de publieke zaak structureel aan het uithollen zijn.’

De minister van Staat heeft een boek geschreven, waarin hij ondanks de bedachtzame toon ongekend fel uithaalt naar de overheid als bedrijf dat leraren, dokters, agenten en rechters van zich vervreemdt en de democratie verwaarloost.

In ‘Groter denken, Kleiner doen’ hekelt hij in keurige bewoordingen de ‘betonrot’ in de democratische rechtsorde en de gevolgen daarvan voor de publieke sector.

En dit mag de Tweede Kamer zich aantrekken, omdat daar de rot begonnen is.

Urgentie

Maar er is iets veranderd in zijn gevoel van urgentie. Hij ging veelvuldig in gesprek met verschillende beroepsgroepen en stuitte telkenmale op hetzelfde vraagstuk. ‘Hoe is het mogelijk dat professionals de overheid voornamelijk op hun weg vinden in plaats van door haar te worden gefaciliteerd?’

Deze vraag is wel te beantwoorden omdat de overheid zelf steeds door de Tweede kamer ter verantwoording wordt geroepen en waar – veelal – ambtelijke teksten van bewindslieden geen indruk meer maken in ’s lands vergaderzaal, diezelfde overheid wel z’n toevlucht moet nemen tot statistische staafkolommen en inspanningsoverzichten. De overheid kan in de ogen van de oppositie niets meer goed doen en de resultante is een constant wantrouwen. Dat verziekt de democratie. Vandaar dat ik keer op keer vaststel dat deze representatieve democratie niet meer goed functioneert, maar de ernst van die vaststelling valt weg omdat andere bureaucratieën in omliggende landen nog zwakker functioneren. Het is niet alleen een EU-probleem maar ook wereldwijd.

Professionals zijn soms tot 40% van hun tijd kwijt aan administratieve verplichtingen. Tjeenk Willink wijst op de daarmee verbonden kosten aan controleurs, toezichthouders en rapportages. ‘Wat kost het allemaal en wat levert het op? Niemand – ook niet in de Tweede Kamer – schijnt het precies te willen weten. Een uiterst ruwe schatting komt alleen al voor de gezondheidszorg uit op miljarden, in ieder geval meer dan het dubbele van wat de totale huisartsengeneeskunde kost.’

En dan hebben we het ook nog niet over de ict-problemen bij de overheid die nog meer verspilling van overheidsgelden veroorzaken.

Hij raakte steeds meer doordrongen van de ernst van de zaak. ‘In die gesprekken legde ik uit hoe ‘Den Haag’ werkt. Iedere extra regel heeft zijn eigen ratio, maar de beroepsgroep wordt dagelijks geconfronteerd met de optelsom van al die regels en ziet dat het onwerkbaar wordt.’

Al deze maatregelen hebben dus geen enkele zin meer en zullen moeten worden vervangen door algoritmische controles die de grote patronen zien en zichtbaar maken en daarop zullen de systeemverbetering geconcentreerd moeten worden zodat de professionals ofwel werkers in het veld weer met plezier hun werk kunnen doen.

Uitsluiten van risico’s

De oorzaak van het dichtslibbende systeem is dat ‘het mechanisme drijft op het uitsluiten van risico’s met wantrouwen als resultaat. Voor het bedrag aan controles om risico’s uit te sluiten kun je heel wat risico’s lopen. En ja, dan zal het af en toe fout gaan.’

Hier wordt een treffend paradigma van de huidige bureaucratie genoemd die niet snel genoeg kan worden opgeruimd: uitsluiting van risico’s is onbegonnen werk omdat risico’s bij het leven horen, maar risico’s door en ten gevolge van overheidshandelingen zijn gewoon professionele fouten en dat moet ook zo benoemd en behandeld gaan worden. Zelfreflectie bij de overheidsorganen zelf is ook een noodzakelijk gegeven.

Hoewel hij tevreden vaststelt dat er langzaamaan meer budget komt voor bijvoorbeeld leraren en agenten, is de oplossing geen ordinaire centenkwestie: ‘Veertig procent regeldruk neem je niet weg met geld. Het gaat om de erkenning van de eigen professionaliteit. Niemand in de Tweede Kamer die dat signaal oppakt. Daar wordt alleen geklaagd over de kosten.’

Het klopt natuurlijk dat dat ‘het gaat om de erkenning van de eigen professionaliteit’, maar zo goed als politieagenten over bovennatuurlijke zelfbeheersingsdiscipline moet beschikken bij wat altijd begint met de minste of geringste opstootjes, terwijl ambulancepersoneel al direct sterk gehinderd wordt door omstanders, dan mag je van een zieke maatschappij spreken, waarbij de vonken direct overslaan. De hectiek van het alledaagse leven maakt dat het leven er niet gezonder op wordt.

Dat heeft noodzakelijkerwijs doorwerking bij overheidshandelingen. Dat de Tweede Kamer dat signaal niet oppakt mag geen verbazing wekken of oproepen omdat die sector van de volksvertegenwoordigers de meest hectische beroepsgroep is die er bestaat. En zo wordt het een vicieuze cirkel.

Er bestaat in mijn visie maar één oplossing en dat is vervanging van het representatieve bestel door het bestel van een digitale directe democratie, omdat de oude en achterhaalde ‘representatieve constructie’ een emancipatiebeweging was die binnen een gemiddeld hoogontwikkelde samenleving niet meer van toepassing is en daarom kan worden overgelaten een burgers zelf die zich kunnen aanmelden en laten registreren bij de Kiescommissie die de referenda uitschrijft. Die registratie waarbij zowel indirect als direct kiesrecht aan de orde is (omdat je je inschrijft voel je eigen verantwoordelijkheid bij stemmingen omdat je zelf ook gekozen kunt worden (in uitvoeringsfuncties).

Daarmee valt de noodzaak van een Tweede Kamer als instituut weg. De burger en dus kiesgerechtigde laat zich registreren en doet mee aan het besluitvormingsproces (op alle thema’s of maar enkele die van toepassing zijn op eigen vakgebied), en vanuit die registratie worden alle politieke ambten verkozen en vastgesteld. Want alleen regeringen zijn nodig voor internationale fora waar ze bijeenkomen om mondiale besluiten te nemen.

De regering wordt binnen dit systeem niet meer uit partijselecties gerekruteerd maar via de registratie bij de Kiescommissie waar ook de bewindslieden op hun eigen visie worden verkozen door alle geregistreerden. Vandaar dat deze constructie de nieuwe benaming verdient die directe democratie van de 21e eeuw mag worden genoemd. Dit ‘plan’ is op deze site vaker beschreven en aan de orde geweest(zie categorie DDD en directedemocratie).

Alleen is er een wijziging van onze Grondwet noodzakelijk waarbij in tweede lezing een 2/3e meerderheid nodig is om deze vernieuwing gefiatteerd te krijgen. En daar zal de huidige Staten-Generaal zich altijd tegen blijven verzetten en daardoor is er maar één denkbare oplossing mogelijk om dit bestel in het leven te roepen en dat is een algemene stemmersstaking. Hoe moeten we ons dat voorstellen?

Als bij wijze van spreken over tien jaar, in 2028 (of eerder, maar dat is niet realistisch) niemand meer gaat stemmen bij een reguliere verkiezing van de Kamer, dan resteert niet anders dan het huidige bestel af te schaffen en de hier omschreven digitale directe democratie – ter onderscheid van het algemene vage begrip ‘directe democratie’ wordt gehanteerd – in te voeren. Een algemene stemmersstaking betekent immers dat niemand dat bestel nog herkent of zinvol vindt, en dat het tijd is om de politiek als besluitvormingsmechanisme te vernieuwen.

De gevolgen zien we dagelijks. ‘Uitvoerders die bezuinigingen, reorganisaties, verandering van taken, verhuizingen en digitalisering hebben doorstaan, voelen zich in de steek gelaten. Als de Belastingdienst een vertrekregeling aankondigt maken daar 6000 mensen gebruik van. Dat zegt iets over het gebrek aan arbeidsvreugde.’

Niemand zal dit kunnen ontkennen en ook de revolte van de Gele Hesjes in Frankrijk tonen aan dat het huidige politieke bestel niet meer ‘ideaal’ functioneert. Reden dus om alle representatieve modellen die van land tot land verschilt in uitvoeringspraktijk, te vervangen door de burger zelf alle verantwoordelijkheid in handen te geven. Dat kan de wereld nu aan. Het wordt de komende jaren ook gerealiseerd want onmogelijk tegen te houden.

P.S.: Ik heb het boek van Tjeenk Willink natuurlijk direct na lezing van dit interview in het FD besteld en dus kan ik vaststellen: deze blog wordt vervolgd

[Herman Tjeenk Willink, minister van Staat, oud politicus voor de PvdA en oud vice-president van de Hoge Raad.]

https://fd.nl/economie-politiek/1281424/tjeenk-willink-we-zijn-de-publieke-zaak-structureel-aan-het-uithollen