Tags

‘Opleiding economie propt studenten in dogmatisch denkkader’ (Piet Keizer, hoofddocent economie aan de universiteit van Utrecht, Economie & Politiek/fd, 31-8-18).

Duizenden bachelorstudenten economie stromen maandag de Nederlandse collegezalen binnen. Wat ze daar krijgen voorgeschoteld is veel te eenzijdig, vindt de Utrechtse econoom Piet Keizer. Hij wil meer ruimte voor psychologie en sociologie.

En niet te vergeten: politicologie!

Idealiter leveren de opleidingen economie binnen enkele jaren economen af die niet alleen kennis van zaken hebben, maar ook het vermogen bezitten om die kennis kritisch ter discussie te stellen. Piet Keizer heeft er een hard hoofd in of dat ook in de praktijk lukt.

De hoofddocent economie aan de universiteit van Utrecht staat te boek als een van de meest uitgesproken critici van de huidige opleidingen. Hij vreest dat hogescholen en universiteiten de geesten van studenten dichttimmeren met een enkel denkkader: de neoklassieke theorie. Kort samengevat veronderstelt deze stroming dat de samenleving bestaat uit rationale consumenten die hun nut maximaliseren en bedrijven die zo veel mogelijk winst maken. Als er iets gebeurt wat de economie uit haar evenwicht haalt, dan hervindt die dat daarna uit eigen kracht.

De afgelopen jaren is de kritiek op deze uitgangspunten sterk toegenomen. Mensen doen in werkelijkheid bijvoorbeeld vaak onredelijk domme dingen. Toch vult het neoklassieke denkkader nog altijd 86% van de lespakketten in de bacheloropleiding economie in Nederland. Dat blijkt uit recent onderzoek van Rethinking Economics, een actiegroep van studenten en academici die pleit voor meer inhoudelijke diversiteit.

Bredere blik op de wereld

Keizer schreef een boek over wat hij een te enge economische interpretatie vindt, Hoe de crisis het economisch denken verandert. ‘De neoklassieke economie negeert doelbewust het psychische en sociale aspect van het menselijk gedrag’, zegt hij daarover. ‘Ze ziet de realiteit als iets wat wiskunde en logica kunnen vatten. Dat is natuurlijk onzin. Als je met echte mensen werkt, krijg je andere conclusies en beleidsadviezen.’

Economen en economiestudenten moeten dus een blik op de wereld ontwikkelen die veel breder is dan wat tot nu toe aangeleerd krijgen, meent Keizer. ‘Als we zuurstof bestuderen in een wereld die alleen uit zuurstof bestaat, en we doen hetzelfde voor waterstof, dan hebben we niets begrepen van het fenomeen water. We zien economie, sociologie en psychologie als aparte disciplines, terwijl we ze moeten combineren om tot een correcte analyse te komen.’

Elke econoom zou daarom een basale kennis moeten hebben van de belangrijkste stromingen in de psychologie en sociologie, meent Keizer. ‘Hele generaties van economen zijn opgeleid zonder een theoretische bagage om over de problemen van een overlegeconomie en een verzorgingsstaat na te denken. Daardoor zijn ze niet in staat om na te gaan wat de sociale en psychologische oorzaken en gevolgen zijn van doorgeschoten nivellering of ongelijkheid.’

Beleidsmakers die met een enggeestige economisch bril op lopen, roepen onbegrip op zich af, benadrukt Keizer. ‘Het afschaffen van de dividendbelasting door Mark Rutte is het voorbeeld bij uitstek van een neoliberaal die belastingheffing louter economisch bekijkt. Hij houdt daarbij geen enkele rekening met de sociale overweging dat belastingheffing ook rechtvaardig moet zijn. Dat stuit toch tegen de borst?’

Wat is een goede econoom?

In 1924 schreef de legendarische econoom John Maynard Keynes zowat de ultieme definitie neer van een goede vakbroeder.

‘Hij moet een wiskundige zijn’, schreef de Brit, ‘een historicus, staatsman en filosoof — in zekere mate. Hij moet symbolen begrijpen maar spreken met woorden. Hij moet nadenken over het specifieke in termen van het algemene, het abstracte en concrete in één vloeiende beweging doorgronden. Hij moet het heden bestuderen in het licht van het verleden met het oog op de toekomst. Hij laat geen onderdeel van het menselijke bestaan of de instituties buiten beschouwing. Hij moet tegelijkertijd doelgericht en belangeloos optreden, zo afzijdig en onkreukbaar als een kunstenaar, maar soms met de voeten op de grond zoals een politicus.’

Economie is meer dan de economische invulling, benadrukt hij. ‘Het belang van instituties en informele macht krijgt bijvoorbeeld nu te weinig aandacht. Afrika is één groot bewijs dat we het economische probleem niet kunnen oplossen door elke Afrikaan een computer en een cursus te geven. Er zal daarvoor ook op het psychische en sociale vlak nog veel moeten gebeuren.’

Keizer weet zich gesteund door vermaarde bondgenoten als William White, de oud-hoofdeconoom van de Bank voor Internationale Betalingen. ‘Wat nu gedefinieerd wordt als economie is geen discipline meer die wil begrijpen hoe de economie feitelijk werkt’, klaagt White. ‘Het is een onderzoeksmethode die modellen gebruikt met een reeks totaal onrealistische uitgangspunten.’

Falende analyse

Die kritiek klinkt ook bij Rethinking Economics, dat een oproep doet aan docenten. ‘Besef waarvoor jullie studenten in de zaal zitten. Voor 97% van hen is dat niet om een academische econoom te worden, maar wel om de economie beter te leren begrijpen. Het zijn de beleidsmakers, managers en ambtenaren van morgen. Begin dus colleges met de krant van vanochtend, en vraag gastsprekers uit het werkveld.’

‘Mensen maken systematische denkfouten als gevolg van emoties’

Heeft het neoklassieke denkkaders dan niet zijn nut bewezen? ‘De neoklassieke school domineert het lesmateriaal als iets waarvan de superioriteit geen uitleg behoeft’, zegt Keizer. Die manier van denken was heel succesvol in de jaren 1950 en 1960, toen de Westerse samenlevingen in stabiel vaarwater zaten. Dan is het gemakkelijk om de economische ontwikkeling te voorspellen. Maar toen de economie instabieler werd, zaten die economen vast aan hun falende analyse.’

De neoklassieke analyse gaat volgens hem voorbij aan het feit dat de wereld veel dynamischer en onvolmaakter is dan zijn modellen vatten. ‘Ze verwijdert alles wat van een mens een mens maakt. Mensen zijn vaak irrationeel en handelen dikwijls onvoorspelbaar. Modellen bevatten nu al heel wat nevenvoorwaarden waaronder mensen dingen zoals hun nut of inkomen proberen te maximaliseren. Ik stel voor om die uit te breiden naar de geest. Dat betekent dat we moeten erkennen dat er irrationaliteit is. Mensen maken systematische denkfouten als gevolg van emoties.’

[Lees maandag 3 september op de opiniepagina van het FD een repliek van Pieter Gautier, hoogleraar economie aan de Vrije Universiteit, en verdere reacties op fd.nl/opinie.]

https://fd.nl/economie-politiek/1267308/opleiding-economie-propt-studenten-in-dogmatisch-denkkader

 

Advertisements