Tags

De voorzitter:
Aan de orde is het debat over buitenlandse financiering van moskeeën. Ik heet de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de minister voor Rechtsbescherming van harte welkom. De minister van Buitenlandse Zaken is net geland. Zoals jullie weten, was hij in Amerika. Hij zal hopelijk binnen een kwartier hier aanwezig zijn. Ik stel voor om gewoon met het debat te starten.

Sjoerdsma (D66): Het draait om ongewenste buitenlandse financiering van moskeeën, een onderwerp waar een heel groot deel van deze Kamer zich al heel lang, vele jaren, mee bezighoudt, van de SP tot de ChristenUnie, van het CDA tot D66. En van links tot rechts zegt deze Kamer: wij willen geen dubieuze financiering vanuit het buitenland, die moet aan banden worden gelegd. Wij willen niet de rode loper uitleggen voor onvrije ideologieën. Buitenlandse financiering is ongewenst als die antidemocratisch is, als die anti-integratief is en als die onverdraagzaam gedrag aanwakkert. We moeten dat soort financiering aanpakken op zo’n manier dat het de verhouding met de islamitische gemeenschappen versterkt. Nederlandse moslims moeten in alle vrijheid hun geloof kunnen uitoefenen zonder dat er extremistische denkbeelden vanuit de Golfstaten worden geïmporteerd.

Staatsrechtelijk staat hier dat, waar het om gaat als het gaat om de godsdienstvrijheid (art 6) – iedere burger heeft het recht op eigen keuze van godsdienst, waarbij iedere religie gelijkwaardig is – betreft, om welke religie het ook gaat, de godsdienstvrijheid geldig is onder de bepaling van ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet’. En dat betekent dat er geen sprake kan zijn van strafrechtelijke bepalingen over groepsbelediging, discriminatie en haatzaaiing.

Na deze staatsrechtelijke vaststelling is het ook van belang om rekening te houden met een fundamenteel cultureel-godsdienstig verschilpunt tussen orthodoxe islamitische landen die als kenmerk hebben dat er eenheid van religie en staat(sordening) bestaat, terwijl alle westerse naties de scheiding van kerk en staat hebben erkend, die sinds 1579 via de Unie van Utrecht (artikel 13) in het kader van de Tachtigjarige Vrijheidsoorlog tegen de Spanjaarden tot ons ongeschreven staatsrecht behoort (https://nl.wikipedia.org/wiki/Godsdienstvrijheid#Nederland ).

Het onderstaande debat maakt duidelijk dat in de godsdienstige praktijk van ons land het gaat om een nieuwe jurisprudentie omdat het fenomeen van het groeiende islamitische bevolkingsdeel het moeilijk maakt om de bestaande wetgeving zonder meer te transponeren naar godsdienstige uitingsvormen waarbij de ‘neiging’ bestaat om het Westen als ‘duivels’ te kwalificeren. Hoe dit strafrechtelijk vorm moet worden gegeven is nog onderdeel van onderzoek en voorbereiding van wetwijzigingen, want die zijn onvermijdelijk vanwege netgenoemde burgerschapsverschillen tussen van oorsprong Europese godsdiensten in de vorm van verschillende denominaties van katholicisme en calvinisme.

Nuttig is het ook om vast te stellen dat ook ons land een orthodox-christelijke (Bible)Belt kent, zoals ook bekend in de VS met regio’s van orthodoxe christen (zwarte kousenkerken, gereformeerden in traditionele zin of een andere tak: de vrijgemaakte ). Het verschil met de orthodoxe islam is dat de orthodoxe christen een uiterst teruggetrokken leven leiden waarvan weinig tot de buitenwereld doordringt. Maar de salafistische islamisten (tegenover de islamitische gelovigen) binden per definitie de strijd aan tegen het duivelse Westen, want zij geloven dat dit de opdracht is in hun leven. Daarmee kan ook juridisch-politiek de consequentie worden getrokken dat deze strijdigheid met de Nederlandse Grondwet maakt dat mensen die veroordeeld worden ook direct het Nederlandse paspoort verliezen en waar het gaat om burgers met een dubbel paspoort (Turken en Marokkanen als grootste migrantenvolksdelen) er direct aan terugkeer naar geboorteland moet kunnen worden geregeld. Bij stateloze burgers wordt het namelijk een moeilijker verhaal.

Deze inleidende opmerkingen van mijn kant – omdat het mij onbekend is of bovengenoemde aspecten ooit in een eerder Kamerdebat genoemd zijn geweest – om deze reden ook noodzakelijk voor het vervolgen van het debat. Sjoerdsma benoemt de kernoorzaak van dit debat, de recente onthullingen in de media:

Voorzitter. Dit is waarom ik me om de tuin geleid voel. Ik heb zo vaak in deze zaal tegenover toenmalig minister Asscher gestaan, die toen echt de indruk wekte onze zorgen te delen en hiermee aan de slag te gaan. Juist daarom vind ik de recente onthullingen van Nieuwsuur en NRC zo ontluisterend. Want het beeld dat werd geschetst door voormalig minister Asscher was: informatie wordt gedeeld, er wordt volop meegewerkt aan het WODC-onderzoek en er zal een convenant worden gesloten. Maar dat beeld blijkt gewoon niet waar te zijn. Het was “ja” zeggen maar “nee” doen.

Neem de stelling dat de overheid en moskeekoepels zullen toewerken naar vrijwillige afspraken die worden vastgelegd in een convenant. Dat wordt bij nader inzien als te optimistisch aangeduid. Ik vind dat niet te optimistisch, ik vind dat echt wensdenken geweest. Dat is zorgelijk en ik wil dat illustreren met een casus. Die laat zien waarom die informatiedeling met de gemeenten zo cruciaal is.

Neem de Al-Fath moskee in Dordrecht. Meerdere keren gespekt met Saudisch geld, 88.000 dollar per keer. En na die overboekingen duiken er dan salafistische predikers op die jihadistische strijders prijzen en die vrouwen waarschuwen dat zij in de hel zullen branden als zij hun lichaam niet genoeg bedekken. En het Dordtse gemeentebestuur werd niet ingelicht. Pas in november 2017 werd deze verouderde lijst gedeeld met de gemeentes. Ik wil de minister vragen: kan hij toelichten wat voor consequenties dit heeft gehad voor de lokale situatie in Dordrecht en biedt het ministerie nu ondersteuning om hiermee om te gaan?

Dit voorbeeld maakt duidelijk dat er via buitenlandse financiering ook gebruik wordt gemaakt van ‘inreizende’ imams die misbruik maken van de westerse gastvrijheid die tot dat moment bestaat en binnen de moskee vijandige toespraken tegenover het vrije westerse en in hun ogen duivelse wereld worden gehouden. Het is dus een metafoor voor het Paard van Troje geworden waarvan het Westen zich nog niet bewust is. Om deze reden is exacte duidelijkheid over deze situatie dringend gewenst.

Daarom heeft mijn fractie, de fractie van D66, vandaag drie oproepen. Ten eerste, een nieuw onafhankelijk onderzoek naar de financieringsstromen. Het vorige onderzoek is tegengewerkt. Informatie werd niet vrijwillig gedeeld. Contacten met Golfstaten werden afgehouden. Het ministerie gaf zeer beperkt toegang tot de eigen ambassadeurs. En dat doet allemaal denken, zeg ik mevrouw de voorzitter, aan andere, eerdere ambtelijke beïnvloeding van WODC-onderzoeken. En ik vind dat niet goed, temeer omdat het kabinet ook niet kan uitsluiten dat er bijvoorbeeld sinds 2015 wel degelijk organisaties vanuit Saudi-Arabië zijn gefinancierd. Twee Golfstaten delen niet actief informatie. Dus mijn vraag aan de minister van Buitenlandse Zaken is: zou zo’n nieuw onderzoek niet noodzakelijk zijn? Om die vraag wat kracht bij te zeggen: ik overweeg daarop een motie. Oproep 2: de uitvoering van het regeerakkoord is hier cruciaal. Snel komen met de wetgeving over verplichte transparantie over financieringsstromen. Snel komen met maatregelen om ongewenste financiering die misbruik maakt van onze vrijheden en de maatschappij te beperken. Ik wil deze beide ministers die hier wel zijn daartoe echt oproepen.

Voorzitter, tot slot oproep 3: verbeter die samenwerking met gemeentes. Op het punt van de informatievoorziening is het cruciaal dat de lokale bestuurders alle kennis krijgen die zij nodig hebben. Of daarvoor een aparte wet nodig is vraag ik mij af. Ik denk dat dat ook vooral een kwestie is van doen. Maar hoe gaat dat effectief worden vormgegeven? En er is actie nodig, actiemogelijkheden voor de gemeentes. Ik zag een voorstel van het CDA en de ChristenUnie om te kijken naar de Bibob. Dat kan interessant zijn. Ik zou ook aan minister Koolmees willen vragen: moet er niet in algemene zin worden gekeken naar de juridische grondslagen waarmee gemeentes dit soort ongewenste activiteiten kunnen verstoren? Moeten die juridische grondslagen niet worden uitgebreid? Of gaat het eerder over voorlichting over wat er eigenlijk al niet allemaal mogelijk is?

Voorzitter, graag een reactie hierop. Dank u wel.

Zeer terechte vragen en opmerkingen van D66!

De voorzitter:
Dank u wel. Dan geef ik nu het woord aan de heer De Graaf namens de PVV.

De heer De Graaf (PVV):
Voorzitter. Ondanks heftige tegenwerking van diverse regeringen op een rij is nu bewezen dat er moskeeën zijn in Nederland die geld krijgen uit wat in verhullende termen “onvrije landen” worden genoemd. Bedoeld wordt natuurlijk islamitische landen, maar dat durven de angsthazen van de coalitie en ook een groot deel van de oppositie natuurlijk niet te zeggen. Want dan speel je Wilders in de kaart, en ten tweede is daar natuurlijk de angst voor het eigen deel van de islamitische achterban.

Of de spreker hier gelijk heeft met zijn bewering dat sprake is van verhullende termen “onvrije landen, dan wel van ‘angsthazen van de coalitie en ook een groot deel van de oppositie natuurlijk niet te zeggen. Want dan speel je Wilders in de kaart’, doet in deze analyse niet ter zake, want het blijft een politiek Zwarte Pietenspel waarmee alleen de polarisatie gediend wordt en verder niets.

Feit is wel dat ‘onvrije’ landen een subjectief begrip is aangezien er verschillen in politiek-culturele opvattingen bestaan tussen het Westen en het Oosten of liever Midden-Oosten of Levant, zoals hierboven al uiteengezet.

Om over dit onderwerp te spreken, moeten natuurlijk wel een paar zaken duidelijk zijn, anders heeft een debat geen zin. Wat is eigenlijk een moskee? Ik zal het u kort uitleggen. Moskeeën vormen de basisinfrastructuur van de islam. In een moskee komen onderworpenen, moslims, van de islam samen, vaak onder leiding van een beroepsmoslim om daar onderricht te krijgen in de Koran, in de tradities en de levensloop van hun voorbeeld Mohammed en om te leren hoe te leven naar dat voorbeeld van Mohammed. Dat gebeurt in iedere moskee, want anders zou het geen moskee zijn.

Ik – om alleen namens mijzelf te spreken/schrijven – stel vast dat dit geen definitie van een moskee is, al neemt de spreker terecht het begrip ‘definitie’ niet in de mond, maar houdt hij zich op de vlakte met de vraag ‘Wat is eigenlijk een moskee?’

Deze korte kanttekening in de vorm van een inleiding is door mij bedoeld om aan te geven dat wat hier staat onzin is, want volstrekt zinloos. Waarom? Aan het begin van deze analyse heb ik een korte uitleg gegeven over de Nederlandse variant van de godsdienstvrijheid, en in dat kader is het zinloos om op voorhand een bepaalde godsdienst of religie uit te sluiten, want dat wordt door art.6 GW de facto verboden. Want iedere religie heeft in ons staatsrecht bestaansrecht want daarvoor bestaat een heel praktische reden ofwel bestaansgrond in ons land en dus legitimiteit.

Ons land had namelijk vanwege de eeuwenlange godsdienststrijd in de Nederlandse gewesten (natuurreligies zoals de Noordse – Vikingen waar de Friezen vanaf stammen – en Keltische goden naast het sinds de moord op Bonifatius de kerstening door het christendom en vanaf de Middeleeuwen ook het Joodse geloof) zonder een vredesverdrag als de Unie van Utrecht niet bestaan zonder die godsdienstvrijheid, want anders waren de Nederlanden ten onder gegaan aan een permanente burgeroorlog. Zoals in Noord-Ierland waar de katholieken en protestanten tot in de 20e eeuw in een burgeroorlog verkeerden. Wij Nederlanders waren wat praktischer ingesteld en wisten wat we het als handelsnatie van vrije samenwerking tussen godsdiensten moesten hebben en vandaar die godsdienstvrijheid om die burgeroorlog geen kans te geven.

En ik vermoed dat deze kennis sinds de invoering van de Mammoetwet in de eind jaren ’60 van de vorige eeuw niet meer op de lagere school werd onderwezen en dat dus niemand deze vaderlandse geschiedenis nog kent. Zonder deze kennis van de vaderlandse geschiedenis komt je dus uit op de veranderstelling dat een moskee een andere functie heeft als een kerkgebouw wat in principe een onzinnige bewering is. Daarmee kan dus het verdere betoog van PVV worden afgesloten, want met een foutieve start kan er nooit een fatsoenlijke, deugdelijke conclusie worden getrokken. Kamerlid De Graaf kent de Grondwet niet. Dat geldt voor meerdere Kamerleden maar de oorzaak daarvan is dat politieke vorming binnen politieke partijen ook niet wordt getoetst, zoals er een onderwijsinspectie bestaat om onderwijsinstellingen te controleren op deugdelijkheid van de lessen.

Iedere moskee draagt bij aan het onderwerpen van de wereld aan de islam. Dat is de opdracht van Mohammed. Als ze dat niet zouden doen, dan zou het geen moskee zijn.

Dit geldt in beginsel ook voor de andere godsdiensten, zoals ook het christendom want daar wordt ook opgeroepen om het christelijke gedachtengoed te verspreiden. Denk aan alle pastorale verkondigers van het woord zoals de missionarissen.

Iedere moskee is ook een politiek centrum, want anders zou het geen moskee zijn. En het na te leven voorbeeld van Mohammed is geen toonbeeld van wederkerigheid, geen toonbeeld van integratie met andere culturen of denkbeelden. Het is geen toonbeeld van democratie en het is al helemaal geen toonbeeld van verdraagzaamheid. Alles wat anders is dan de denkbeelden van die Mohammed moet worden onderworpen, geknecht en anders vermoord. Heel soms, heel soms mag je blijven leven, maar dan wel met een status lager dan een huisdier. Je moet dan heel hard werken voor je overheerser en heel veel geld betalen de rest van je leven.

Dit heb ik bij mijn eerste opmerkingen al uitgelegd en dat geldt dus ook voor iedere godsdienst ter wereld.

Dat is hoe het werkt. De islam kent geen convenanten. Het grote voorbeeld behelst moord, doodslag, verkrachting, vrouwenhaat, homohaat, joden- en christenenhaat, afvalligenhaat, pedofilie, u weet wel. En de Koran staat vol met opdrachten aan de moslims om dit allemaal na te volgen.

Ook het Oude Testament staat vol gruwelijkheden.

Voorzitter. Na de uitleg daarover, in iedere moskee wordt hetzelfde verteld. Het probleem is niet alleen salafisme of een salafistische moskee, of jihadistisch fundamentalistisch radicaal extremisme, zoals de overtreffende trap van islamverhullend taalgebruik luidt. Nee, het probleem is de islam zelf.

Geldt voor iedere godsdienst.

De islam is radicaal in zichzelf en dat heb ik zojuist duidelijk gemaakt. Ik vraag de ministers die hier ter linkerzijde zitten of zij dit ondertussen ook een beetje als kennis eigen hebben gemaakt en zo nee, waarom niet.

Dit is een generalisatie en geldt zeker niet voor de islam als zodanig want er bestaan ook mystieke en verlichte vormen van de islam (Soefi’s).

Is Fawaz Jneid dan een probleem? Ja, natuurlijk. Hij lacht ons allemaal uit; hij lacht jullie allemaal uit. Maar hij leert moslims exact hetzelfde als alle andere beroepsmoslims in al die andere moskeeën doen. Want anders is het geen moskee. En anders zijn ze allemaal afvallig. En wat staat er op afvalligheid in de islam? De doodstraf.

Fawaz Jneid is natuurlijk uitvoerig in- of voorgelicht geweest bij zijn aantreden in ons land en dat geldt voor alle imams in Europa om daar hun herderlijke zorg te kunnen verrichten. Maar is het nooit te laat voor het Westen om de godsdienstige werkelijkheid te leren kennen. Ik kan dit allemaal schrijven omdat ik zelf een hobbyist op het terrein van godsdiensten (georganiseerd) en religie (ongeorganiseerd) ben en zelf ook een christelijke gelovige ben maar niet georganiseerd want ik erken geen extern gezag in dit opzicht. Ik weet dat de schepper in ieder mens leeft en dus ook in de grootste atheïst. Islamieten die ik als inburgeringsdocent heb meegemaakt, behoren tot mijn vriendenkring en zelfs met salafisten heb ik een goed gesprek kunnen voeren met respect voor hun fundamentalistische opvattingen. Van hart tot hart voel ik me verwant aan hen. Maar met mijn universele geestelijk besef weet ik dat in de toekomst op aarde ook een universele religie of bronbesef zal ont- en bestaan. Dan zullen ook de Israëliërs vrede kunnen sluiten met Arabieren en moslims.

Iedere partij die zich uit in verhullend taalgebruik en de waarheid over de islam weigert te spreken is in feite al onderworpen. Ze doen alsof ze hier een probleem aanpakken: de buitenlandse financiering. Natuurlijk is dat een probleem, want die moskeeën moeten helemaal niet worden gefinancierd. Maar door alleen maar daarover te spreken of alleen over salafisme als probleem … De Marcouch-valkuil waar ze allemaal in getrapt zijn, als je daarin trapt, ben je zelf een mede-veroorzaker van het islamprobleem dat we in Nederland hebben. Willen we echt iets doen aan problematische moskeeën, dan zullen we ze allemaal moeten sluiten, want iedere moskee is een evengroot probleem voor Nederland en de overige overblijfselen van de vrije wereld. Delen de ministers deze visie? Zo nee, leg eens uit dan.

Het ‘verhullend taalgebruik’ hoort tot onze parlementaire cultuur.

Voorzitter. Willen we iets doen aan het probleem dat vandaag voorligt, dan zullen we ook de grens moeten sluiten voor alle asielzoekers en voor immigranten uit islamitische landen. Anders is het dweilen met de kraan open. Zijn de bewindslieden hiertoe bereid?

Wederom is dit in strijd met de Grondwet aangezien we gebonden zijn aan internationale verdragen. Maar ieder Kamerlid is parlementair onschendbaar en daarom heeft hij het recht op onzin uit te spreken. Bij de PVV heeft het inmiddels geen zin meer om daar tegenin te gaan, want dat is al sinds het ontstaan van die partij aan de orde geweest maar een machinale monotonie die kenmerkend is voor een Geert Wilders heeft dat geen zin meer, want hij is een robot geworden. Zo zien dus de toekomstige mensmachines eruit!

Voorzitter. We mochten vier vragen stellen. Ik heb er eigenlijk nog een stuk of vijf staan, maar oké, ik zal de beste uitkiezen in mijn laatste tien seconden.

Wordt vervolgd

Advertisements