Tags

Vooraf: Overigens is het voor mij geen kwestie van het ‘domweg’ omarmen of haten van het basisinkomen, maar van logisch en verantwoord economisch denken. Want daar draait het nog steeds om, al denken velen dat logisch denken met het contrast tussen harde tegenover boterzachte (fact free) argumenten is afgeschaft. Maar zolang de mensheid niet heeft bewezen op een hogere graad van beschaving te kunnen functioneren, is het basisinkomen een kwestie van lui-denken. Ook al kun je er bestseller auteur mee worden (wat voor de betrokkene mooi is meegenomen).

Is het basisinkomen een stille dood gestorven? (Peter de Waard, De Kwestie, Economie/de Volkskrant, 15 mei)

# Als een van de geselecteerde gelukkigen mocht hij de rest van zijn verdiensten, evenals subsidies en kinderbijslag, ook gewoon houden.

Het eerste misverstand over het basisinkomen binnen onze eigen NLse sociale verzekeringssysteem, dat dus klaarblijkelijk anders in elkaar zit dan de Finse (geen enkel sociale zekerheidsnetwerk binnen de EU is geharmoniseerd omdat het hier een verantwoordelijkheid binnen de nationale lidstaten is gebleven), is er al helemaal geen vergelijk te maken tussen dat basisinkomen-idee van de Finnen en van ons.

Bij ons als een van de beste en meest uitgedachte – wij hebben onze sociale zekerheid rechtstreeks geënt op het denken van Keynes en Beveridge: https://en.wikipedia.org/wiki/Post-war_consensus) – is het basisinkomen alleen maar te financieren als het hele sociale zekerheidsstelsel (incl. dure bureaucratie) kan worden weggestreept: maar het veronderstelt dus wel dat iedereen een eigen inkomen van minstens 30-urige werkweek (op minimumloonniveau) heeft dat wordt aangevuld door dat basisinkomen van maximaal € 600,- per maand.

Anders is het niet betaalbaar als er nog begrotingsposten als zorg, onderwijs en veiligheid/defensie moeten worden ‘gegund’, dus gegarandeerd. Het basisinkomen is dus altijd als idee bedoeld geweest om de bureaucratie te omzeilen en het overheidsbeleid zo efficiënt mogelijk te maken.

Het lastige kortom van de basisinkomen-filosofie is dat het alleen mogelijk is als er sprake is van absolute werkwilligheid van alle burgers die alleen onder die omstandigheden zelf hun idealen en werkvoorkeuren kunnen verzekeren door zich af te stemmen op de maatschappelijke behoeften; de een doet dat door ambachtelijke schoenen te produceren afgestemd op de wensen van de consument en dus geen (fabrieksmatige) massaproduct en de ander op alternatieve geneeswijzen, die ook door de christelijk georiënteerde burgers dienen te worden erkend. En de lezer begrijpt dat hier in een oude verzuilde structuur waarin restanten van het oude kerkelijke denken nog steeds hun invloed doen gelden, geen vrije werkkeuze kunnen worden gemaakt. Terwijl de ‘markt’ ervoor wel bestaat.

Daarom heeft De Waard gelijk als hij schrijft: ‘Een tussenweg is er niet, hoewel het sociale verzekeringsstelsel dat eigenlijk al is’, terwijl ik eraan kan toevoegen: zonder bureaucratische rompslomp erbij. Dit is de kern van het basisinkomen-dilemma.

# Opvallend is dat de Finse regering niet alleen het experiment met het basisinkomen niet verlengt, er wordt ook meteen de hakbijl in het sociale stelsel gezet. De werkloosheidsuitkering gaat omlaag om de mensen te dwingen weer aan het werk te gaan. In verschillende sectoren bestaat in Finland – net zoals in Nederland – een groot tekort aan vaklieden.

Voordat je dus aan het denken over het basisinkomen kunt gaan beginnen (te denken), zal de arbeidsmarkt eerst voor iedereen van een vaste plek of zelfs in omscholingsmogelijkheden moeten kunnen voorzien. Iedereen – volwassen burger – moet kortom een betaalde functie op de arbeidsmarkt kunnen bemachtigen omdat je anders toch een mini-vangnet moet gaan regelen en dat is in ons land met zijn eigen wetmatigheden niet denkbaar.

Anders was het basisinkomen immers al aan het einde van de vorige eeuw – medio jaren ’80) ingevoerd. Logisch toch als je je bedenkt dat ook alle politieke partijen ernaar streven om het de burger naar de zin te maken en het meest efficiënte overheidsstelsel gerealiseerd te krijgen. Dat is niet gelukt en dat moet alle voorstanders van vandaag te denken geven.

# Het idee van het basisinkomen viel na de crisis in vruchtbare aarde. Iedereen dacht dat de diepe recessie van toen er niet alleen een tijdelijke dip was, maar vreesde een structurele verschuiving. Digitalisering en robotisering zouden tot grote uitstoot van arbeid leiden. De consumptiemaatschappij die de groei decennialang had aangejaagd, liep op zijn einde.

Het tweede misverstand over het basisinkomen berust dus op de verwachting van het groeitempo van de beoogde veranderingen zoals digitalisering en computerisering. Die komt er vanzelfsprekend maar daar gaan één of mogelijk zelfs twee of drie generaties overheen. Conclusie is dus dat het basisinkomen pas dan kan worden ingevoerd want dan is het noodzakelijk geworden; eerder niet want die maatschappij is er dan nog niet rijp voor.

Alle berekeningen die vóór die tijd worden gemaakt over de haalbaarheid van het basisinkomen, zijn gebaseerd op wetenschappelijk-economische illusies. De wetenschap gaat niet over voorspellingen of vooruitzichten; vroeger leerde je nog dat voorspellingen en beloften niet te maken zijn – laat staan hard te maken; de wereld is nog steeds niet maakbaar (zeker niet in absolute zin). De denkers in het heden blijven even hardnekkig als de illusionisten van vroeger. Niets nieuws onder de zon.

# De enige oplossing om te voorkomen dat het grootste deel van de mensheid in armoede vervalt, was een basisinkomen. Rutger Bregman schreef er een bestseller over en het consumentenprogramma Radar voerde een campagne met honderdduizend handtekeningen.

De derde denkfout die gemaakt werd – en nog steeds wordt – is dat het grootste deel van de mensheid van armoede verlost kan worden. Waarom is dit een denkfout? Zolang de ‘gemiddelde’ mens zo’n materialist blijft zoals die nu is (gegeven feit) valt armoede niet te verdrijven omdat er mensen (multinationals) aan die armoede willen verdienen en hun status willen verbeteren en verhogen. Dat is een puur menselijke eigenschap die gebaseerd is op het materialistische paradigma (of mensbeeld) dat de mensheid nog steeds beheerst.

Pas wanneer de mensheid wijzer wordt en beseft dat de mens geen materialistisch wezen is, maar een spiritueel of geestelijk wezen (ander paradigma die als aanname kan worden beschouwd), met als hoogste ideaal rechtvaardigheid en gerechtigheid, waaruit vrijheid, gelijkheid en broederschap zijn af te leiden, dan pas kan worden nagedacht over de invoering van het basisinkomen. Eerder niet.

# Maar inmiddels daalt de werkloosheid al weer jaren. In veel landen is zelfs sprake van krapte op de arbeidsmarkt. En dan heeft het geen pas om mensen lekker thuis te laten niksen.

De vierde denkfout, die logisch voortvloeit uit ons overheersende materialistische denkwereld is dat het leven ‘geen zin’ heeft en dat de mens hier per toeval op aarde bestaat. Als we in de toekomst gaan wennen aan de mogelijkheid dat de aarde bewust vanuit een spiritueel of geestelijk genie of intelligentie is geschapen, die de mensheid op aarde heeft neergezet om levenservaring op te doen, dan word je ook meer opgevoed in een meer richtinggevende zin: de mens is er om zijn eigen problemen te leren oplossen en dus om zichzelf tot een creatief en scheppend wezen-mens te maken.

Als die gedachte (aanname) tot het realistische mens- en wereldbeeld is uitgegroeid (en een generatie daarna is ‘geworden’, ‘ontstaan’), dan pas is het logisch om in die wereld (die inmiddels zonder geld kan leven want geld verziekt het spirituele bewustzijn) het basisinkomen te ontwikkelen als ‘tussenfase’ van die nieuwe mensheid, die geen geld nodig heeft om te leven, maar alleen dat het genoemde geestelijk groeivermogen om hoger bewustzijnsontwikkeling mogelijk te maken is verwezenlijkt. Zie hier de Grote Cyclus van het groeiend menselijk bewustzijn (die natuurlijk al bestond vanwege de wetenschappelijke evolutie).

Dan pas leven we in de ideale maatschappij. Dan pas bestaat er geen utopie meer vanuit het onderbewustzijn geprojecteerd op ons dagbewustzijn, maar dan ‘zijn’ we zuiver hoger bewustzijn. Het paradijs op aarde maakt zelfs het basisinkomen tot een onnodig instrument. Maar dat is pas over drie generaties aan de orde. We moeten nog even geduld hebben!.

En dus heeft Peter de Waard gelijk: Het basisinkomen is een stille dood gestorven om over een paar generaties als een Phoenix uit zijn as te herrijzen, maar dan als gefundeerd concept. Die bestaat nu in geen velden of wegen.

En als update deel ik de lezers mee dat ik nu het boek Gratis geld voor iedereen’ ga lezer, dat ik vorige week besteld heb en inmiddels ontvangen. Ik zal er dagelijks een verslag met samenvattingen over schrijven. Zodat ik het belang van dit boek toeken voor mijzelf, bekend zal maken. De lovende woorden op de achterflap, waaronder ‘briljant’ door Zygmunt Bauman (socioloog, postmodernfilosoof), mij natuurlijk erg prikkelt.

https://www.volkskrant.nl/economie/het-basisinkomen-you-love-it-or-you-hate-it~b85d1e79/

Advertisements