Tags

https://www.nporadio1.nl/argos/onderwerpen/440456-hoe-stop-je-een-omstreden-imam
https://nl.wikipedia.org/wiki/Fawaz_Jneid

Wie dit uiterst instructieve programma van vandaag niet heeft beluisterd, moet het via dit blog maar doen, maar universitair docent en onderzoeker Jelle van Buuren (U.L.) als antiterreur deskundige kon overtuigend uitleggen dat *GW-artikel 4: Vrijheid van meningsuiting; censuurverbod* vol dilemma’s zit, maar mijns inziens kan daarvan geen sprake zijn als het bewijs door middel van analyses van uitgesproken teksten achteraf gecontroleerd worden.

En daar is tijdens de afgelopen periode onder Rutte 2 met Opstelten als bewaker en uitvoerder van de Grondwet ruim de tijd voor geweest. Maar als je een VVD-minister hebt die liever achter de boeven aanloopt of de criminaliteit wilt aanpakken, en geen ruimte of mogelijkheden ziet om jihadistische teksten door zijn juridische medewerkers grondig te laten analyseren, dan houdt het op.
een moeilijk bewijsbaar artikel blijkt te zijn met duidelijke dilemma’s om iemand te censureren en een gebiedsverbod op te leggen – het is dus een tijdelijk verbod geworden vanwege een onduidelijk geheim politiedossier volgens de Raad van State, terwijl er volgens Van Buuren (en mijzelf) duidelijk bewijs bestaat voor antidemocratische, antiwesterse en anti-integratie boodschappen worden uitgedragen door Jneid. Die teksten zijn zo intolerant dat de rechter moet kunnen besluiten dat ze dwars tegen de traditie van tolerantie in ons vroeger zo geprezen land op dat terrein, ingaat.

Overigens was de hooggeleerde algemeen jurist prof Jan Brouwer niet overtuigend in zijn betoog omdat hij dus geen staatsrechtgeleerde is en zich niet realiseerde dat censuur in de GW van 1848 iets anders – tijdens de beginnende emancipatiestrijd van arbeiders tegenover hun werkgevers, een andere context was dan de haatpredikingen van Jneid, dus een buitenlandse beïnvloeding op onze liberale binnenlandse cultuur.

Onbegrijpelijk en een dikke onvoldoende achteraf voor Opstelten/Teeven en dus Rutte 2. Dat kabinet heeft kansen laten liggen. En was er geen samenwerking van staatsrechtjuristen van Justitie met de AIVD mogelijk, om dit project gezamenlijk aan te pakken?

Maar wie haalt het in z’n hoofd om van een beperking van de vrijheid van meningsuiting en censuur gewag te maken? We hoeven hier geen haatpredikers hun antiwesterse opvattingen te laten rondbazuinen. Het lijkt erop dat de diverse rechtenfaculteiten in ons land andere stof en inhoudelijke uitleg over staatsrechtthema’s geven en zeker op dit gevoelige politiek-religieuze terrein.

Overigens is strijd over de uitleg van Grondwetsartikelen heel goed mogelijk en zelfs logisch omdat die juridische grondslag van ons land een compromis was van liberale, conservatief-christelijke fracties in de Kamer, want in de voorbereiding naar 1848 speelden sociaaldemocraten – als ik mij dat nog goed herinner – nog geen rol in het jaar van de Europese omwentelingen en de paniek van koning Willem 2.

Kort en goed, er bestaat spanning – die ook eeuwig zal blijven bestaan – tussen meningen en meningsvorming enerzijds en antidemocratische uitlatingen en gedragingen anderzijds omdat het eerst genoemde, de meningsuiting centraal om juridische vaststelling van NIEUWE meningsvorming gaat en dus mogelijk nieuwe interpretaties op die oude en oerdegelijke Grondwet, maar mét eeuwig inherente spanningen die tussen de uiteenlopende artikelen bestaan, zoals het genoemde art 7 en *artikel 6: Vrijheid van godsdienst en levensovertuiging* en *artikel 1: Gelijke behandeling en discriminatieverbod*.

Maar al die grondrechten binnen de GW betreffen de bescherming van de burger tegenover de Staat, en dus tegenover de overheid want die was anno 1848 in handen van de absolute Koning. De grote politieke strijd van de liberaal Thorbecke in ons land tegenover het absolutistische vorst die toen nog algemeen was in heel Europa, de monarchale heerschappij.

En dat is dus een geheel andere problematiek dan een antiwesterse imam, stel ik afsluitend vast. En zelfs een andere problematiek dan de zaak van Geert Wilders versus de Staat vanwege de vrijheid van meningsuiting, want daar ging het ook om nieuwe jurisprudentie vanwege nieuwe maatschappelijke omstandigheden. Een cruciaal verschil vergeleken met de grote hervorming van de GW anno 1848.

Advertisements