Tags

Een wereldhit (Column Farid Tabarki, Opinie & Dialoog/fd, 28-9-17)

De roeptoeters die beweren dat de mondialisering op zijn retour is, vinden tegenwoordig weerklank. Ze hebben echter ongelijk. De zomerhit van 2017 Despacito (langzaamaan!) van het Puertoricaanse duo Luis Fonsi en Daddy Yankee bewijst het. Ik leg u zo mijn theorie uit aan de hand van deze 4,6 miljard keer bekeken clip.

Eerst schets ik het pessimisme dat hoogtij viert als reactie op de mondialisering. In de jaren negentig leek de wereld zich te scharen achter het ideaal van de liberale democratie. In 1992 maakte de politieke denker Francis Fukuyama nog furore met zijn boek Het einde van de geschiedenis en de laatste mens.

Dat de Londens econoom Stephen King zijn nieuwste boek Grave New World — The Return of History noemt, maakt wel duidelijk dat Fukuyama in zijn ogen ongelijk heeft gekregen. ‘Voor degenen van ons die in het Westen leven, is het steeds veel te gemakkelijk geweest om vol te houden dat ons geluk zou voortduren en dat het zich, op den duur, onontkoombaar zou verspreiden. Het is tijd om wakker te worden in de realiteit’, zegt King.

Die realiteit heeft in één jaar tijd de verkiezing van Trump, brexit en een geweldige vluchtelingencrisis met ruzie in Europa gebracht. Allemaal waar. Desalniettemin schrijft Alan Beattie in The Financial Times dat het met de teruggang van de mondialisering wel meevalt. Hij gebruikt vooral politieke en economische argumenten. Ik begin met een cultureel argument.

Het nummer Despacito, ik noemde het al, is de vleesgeworden mondialisering. Met miljarden views is het de meest bekeken clip ooit op YouTube. Het begint met een cuatro, een instrument dat waarschijnlijk door de Moren van Noord-Afrika naar Spanje is gebracht, en vandaar naar Puerto Rico. De reggaetonbeat komt via Jamaica uit West-Afrika. Latinomuziek doet het mondiaal zeer goed, maar Afrobeats dienen zich al aan, zoals blijkt uit een interessant artikel van Robert van Gijssel in de Volkskrant van vorige week.

Cultureel-economisch is er altijd een tendens geweest van mondialisering, maar vroeger niet gedreven door een mondiale verwevenheid van internationale instituties.

Ook op economisch gebied zien we een toenemende diversiteit. Het Amerikaanse feestje van Apple, Google, Facebook, Amazon en Microsoft wordt sinds de zomer versterkt met de Chinese Alibaba Group en Tencent Holdings. Al deze zeven bedrijven zijn meer dan $ 400 mrd waard. En Huawei is inmiddels één van de sterkste technologiemerken.

In het verlengde van deze politieke en economische verwevenheid is nu ook de economische onomkeerbaarheid bewezen en voor in de toekomst voorspelbaar. Het enige dat dit teniet gedaan kan worden is door calamiteiten zoals mondiaal oorlogsgeweld, en natuurgeweld, want de oorlogen hebben hun menselijk voortgebrachte geweldperspectief al getoond in de loop van de hele menselijke geschiedenis en het recente natuurgeweld in zowel Fukushima (2011) als dit jaar in de Caraïben hebben aangetoond dan cyclonen van kracht 5 ieder menselijk denk/voorstellings- en handelingsvermogen te boven gaat. Kortom, de natuur is de mens nog steeds de baas als de randvoorwaarden aanwezig zijn (afwezigheid van evenwicht tussen mens en natuur). Zonder dat evenwicht zal dat zo blijven.

Kijk je bij economisch succesvolle, bij werknemers populaire bedrijven naar binnen, dan zie je hoe ze de nadruk leggen op uitwisseling en het stimuleren van diversiteit. Innovatie werkt wanneer je oude tradities in nieuwe configuraties laat samenvloeien — precies dezelfde reden waarom Despacito zo lekker klinkt.

Pal na het einde van de Koude Oorlog ‘werd de aarde plat’ en leek de geschiedenis tot een heel slap einde te komen waarbij we alles overal hetzelfde zouden gaan aanpakken. Voor die eenheidsworst hoeven we niet meer bang te zijn. Anno 2017 staat mondialisering voor een kosmopolitische kruisbestuiving.

Maar wel een kruisbestuiving tussen het nationale en het mondiale. Want is in deze analyse de focus geplaatst op de mondialisering/globalisering, de EU mag in dit historisch-theoretische kader niet onbenoemd blijven. De EU-identiteitscrisis van het afgelopen decennium (vanaf de VS-hypotheek- tot aan de schuldencisis 2008-2016) heeft geleerd dat nieuwe superstaten op politiek vlak onbereikbaar en onhaalbaar zijn indien er geen sprake is geweest van een ‘organische’ opbouw van zo’n staat-in-wording, zoals VS na de transformatie van de beoogde confederatie naar federatie). De les is dat naties alleen op ‘natuurlijke’, organische basis gevormd kunnen worden en niet via de tekentafel van technocraten, zoals de huidige EU, gedreven door het argument en ideaal van ‘nooit meer oorlog in Europa’, en dus door interne onenigheid uit elkaar (kunnen) vallen als vanaf de tekentafel – bestuurlijk centrum – geredeneerd blijft worden.[1] Karel de Grote, de eerste grote en moderne Europese vorst (en ambtelijke bestuurder vanwege zijn leenherenstelsel), heeft vanuit de praktijk ontdekt dat een expansieve natie niet onbeperkt kan blijven groeien, want er bestaat een ‘organisch’ ideaal voor wat betreft de omvang van die expansie; binnen de huidige context dus de natiestaat. De EU blijft in dat model dus zoals voorganger EEG/EG, een economisch samenwerkingsverbond. Historisch gesproken blijkt imperialistische politiek met militaire middelen namelijk sinds het einde van WO2 niet meer mogelijk, door welke geniaal superbestuur dan ook. Dat is een natuurwet die geldt in de mensenwereld.

Farid Tabarki is trendwatcher en oprichter van Studio Zeitgeist. Twitter: @studiozeitgeist

https://fd.nl/opinie/1220129/een-wereldhit

 

[1] Zie vandaag ook in Trouw interview Christoph Schmidt met Luuk van Middelaar: ‘Europa heeft nieuw gereedschap nodig’ (Katern de Verdieping).

Advertisements