Tags

[P. Van de Meersche, Europese integratie van desintegratie 1945-heden. Standaard Uitgeverij 1978, p.5]

‘Het opmerkelijke van elk bewust levensproces is niet dat elke levensfase haar eigen problemen met zich meebrengt, maar wel dat deze problemen niet los van het eigen verleden en de eigen beleefde ervaring worden geformuleerd. Ook de Europese Gemeenschap kan zich niet los van haar eigen verleden situeren. M.a.w. wie de stagnatie van het Europees integratieproces op dit ogenblik wil begrijpen, kan niet buiten het inzicht in de objectieven en methodes die meer dan een kwarteeuw het Europees integratieproces hebben bepaald. Wie meent dat de Europese Gemeenschap al te traag of helemaal niet verder evolueert, zal uit de analyse van het verleden de handicaps en moeilijkheden van het Europese beleidsvormingsproces beter begrijpen.’

‘Wie meent dat een kwalitatieve sprong voorwaarts van onze geïndustrialiseerde samenleving niet denkbaar is zonder een nieuwe vorm van Europese samenwerking en zonder een nieuwe inhoudelijke visie op de Europese Gemeenschap, moet weet hebben van de voorbije mislukkingen en successen. Niet het Europese verleden zal onze verdere toekomst bepalen. Wel het oordeel dat wij ons als Europese burgers over dit verleden hebben gevormd. Inderdaad, een stellingname van de Europese burgers en politici tegenover datgene wat tijdens de voorbije kwarteeuw werd gepresteerd of veronachtzaamd. Juist dáárom is een over- en inzicht van dit meer dan een kwarteeuw oude Europese integratieproces belangrijk. Belangrijk ook, omdat alvast blijkt dat de evolutie niet rechtlijnig verloopt, maar wel met hoogte- en laagtepunten, met versnellings- en vertragingspunten. Dit is overigens inherent aan élk groeiproces. Crisismomenten zijn niet te vermijden. Wél moet men ervoor zorgen dat men er – doorheen – komt, zo niet blijft men ‘gefixeerd’ in een voorbijgestreefd tijdsbeeld.’

Zo is het maar net!

Advertisements