Tags

Vandaag – een jaar na het Brexitreferendum – gaan de onderhandelingen over het vertrek van Groot-Brittannië uit de EU van start. ‘Dit is triest, dieptriest’, zegt Jonathan Faull, voormalig Brits topambtenaar bij de Europese Commissie.

Marc Peeperkorn  • 19 juni 2017, 02:00

Nooit in zijn lange carrière bij de Europese Commissie had hij gedacht deze dag mee te maken. De dag dat zijn vaderland – Groot Brittannië – de onderhandelingen start om uit de Europese Unie te stappen. ‘We wisten allemaal dat Groot-Brittannië anders was dan andere in de EU. Maar dit is triest, dieptriest.’

Als geen ander kent Jonathan Faull (62) de moeizame relatie tussen de Britten en Brussel. Zijn 38-jarige loopbaan bij de Commissie overlapt vrijwel het Britse EU-lidmaatschap. Maar de Brexit raakt hem diep. ‘Er komt een nieuw gordijn door Europa’, zegt hij. Neergelaten over het Kanaal, door de Britten. ‘Of het van ijzer of zijden wordt, hangt af van de onderhandelingen komende maanden. Als je nu op vliegveld Heathrow aankomt zijn er twee rijen: EU/UK en de rest van de wereld. Straks is het UK en rest van de wereld. Dat verhangen van de bordjes is symbolisch: Europa hoort niet meer bij ons.’

Het ‘gesprek over de gesprekken’, zo wordt de aftrap van de Brexitonderhandelingen vandaag genoemd. Hoe historisch en beladen ook – nooit eerder wilde een lidstaat de Unie verlaten – is deze eerste dag volgens betrokkenen niet meer dan ‘een snuffelrondje’. Om 11 uur ‘s ochtends treffen EU-hoofdonderhandelaar Michel Barnier en zijn staf de Britse Brexit-staatssecretaris David Davis en zijn mensen op de zevende verdieping van het Berlaymont, het hoofdkantoor van de Europese Commissie in Brussel. Naast kennismaking is het doel vooral de agenda voor de komende maanden vaststellen: wie praat wanneer waarover. Als het aan de EU ligt, komt eerst de scheiding aan bod. Die moet dit najaar min of meer zijn afgerond. Pas dan wordt er onderhandeld over de nieuwe handelsrelatie met Groot-Brittannië zodra het de Unie heeft verlaten. Barnier en Davis hopen rond 18.30 uur gezamenlijk de pers te woord te staan.

Faull ziet er uitgerust uit, sinds januari is hij met pensioen. Hij bedankte voor een laatste topfunctie waarin hij van dichtbij het afscheid van zijn land had moeten meemaken. Decennialang was Faull dé Brit van Brussel. Geprezen om zijn scherpe analyses, gewaardeerd voor zijn onophoudelijke crisiswerk: als directeur-generaal bij de afdeling Justitie na 9/11, bij Financiële Markten na de kredietcrisis, als hoofd van de speciale werkgroep Groot-Brittannië na het Brexitreferendum.

Elk jaar wordt hij – als enige Brit – gepersifleerd tijdens het Brusselse correspondentencabaret. ‘Faull, is de naam. Jonathan Faull.’ Een 007 met snor, al heeft hij die allang afgeschoren, die op beleefd Britse wijze Europees Commissarissen naar zijn hand zet. En vanaf nu is het ‘Sir’ Jonathan Faull, de Britse koningin verleende hem zaterdag deze titel als ‘een van de uitmuntendste Britten van zijn generatie die voor de Europese zaak werkten’.

Hoewel het ‘Sir-schap’ hem goed doet – ‘dit is ongelooflijk’ – verandert het niets aan zijn onbegrip over de Brexitkeuze. ‘Als Britten staan we buiten de euro, buiten Schengen, hebben de befaamde rebate op onze betalingen aan de EU en tegelijk oefenen we grote invloed uit op het handels- en financieel beleid, de buitenlandse politiek, de begroting en profiteren we volop van de interne markt. Een zeer bevoorrechte positie, het resultaat van selectief winkelen en de wens van de rest om ons erbij te hebben. Ik dacht dat Groot-Brittannië op deze weg door zou gaan.’

Voelt Brexit als een amputatie?

‘Het voelt als een groot verlies, verlies van hoop en illusies. Voor mij is het Europees project heel belangrijk. De eerste helft van de 20-ste eeuw was bijzonder bloedig in Europa. De oprichting van de EU was het beste idee om met dat verleden in het reine te komen. De EU is een nobel project. Met al zijn fouten en tekortkomingen zeker geen alomvattend succes maar er is ook veel wel bereikt. Ik wil dat mijn land daar deel van uitmaakt.’

Speelt uw joodse achtergrond daarin een rol?

‘Mijn familiegeschiedenis is verweven met de geschiedenis van Europa. Mijn vader verloor bijna zijn hele familie in de Holocaust. Op 13-jarige leeftijd vluchtte hij uit Warschau voor de nazi’s. Er was een oom in Groot-Brittannië, de familie kreeg één visum. Het ging naar mijn vader, hij was het oudste kind. Hij heeft zijn familie nooit meer gezien. Mijn grootmoeder is vrijwel zeker in een concentratiekamp gestorven, mijn grootvader vermoedelijk in Warschau zelf. Hun lotgevallen vertalen zich niet één op één in mijn opvattingen maar ze maken zeker deel uit van wie ik ben.’

Gezien uw familiegeschiedenis en de rol van natiestaten daarin, voelt u het als een morele plicht voor het Verenigd Koninkrijk om lid van de EU te blijven?

‘Nu raak je de kern van de Brexit: de Britten beschouwen de natiestaat niet als een achterhaald concept. Ze denken niet dat de EU de vrede bewaart, ze menen dat de NAVO en de Amerikanen dat doen. Voor de Britten is de EU een markt, waaraan je al dan niet deel kunt nemen. Ze hebben geen oog voor het belang van integratie voor de stabiliteit in Europa. Dat is ze ook nooit zo uitgelegd, anders was de uitslag van het referendum misschien een andere geweest. De campagne ging over geld, de kosten van de EU.’

Wat deed u die referendumnacht?

‘Er was een feestje in een bar nabij het Berlaymont (hoofdzetel Europese Commissie). Alle Britse journalisten waren daar. Ik ben rond 21 uur naar huis gegaan en voor de tv gaan zitten. Om 2 uur ‘s nachts, toen ik naar bed ging, zag het er zeer slecht uit. Toen ik om 5 uur opstond wist ik: het is over en uit. Mijn eerste gedachte was: is er iemand die de enorme gevolgen beseft? De EU had steeds gezegd: wij hebben geen plan-B voor een Brexit, dat was ook zo. Het was ook niet aan ons om zo’n plan te hebben, dat was aan Londen. Maar daar beschikte ook niemand over een plan. De Brexiteers hadden nooit verwacht te zullen winnen.’

Pas een jaar na het referendum beginnen de Brexitonderhandelingen terwijl de Brexiteers beloofden dat het Verenigd Koninkrijk binnen enkele maanden dansend door de vrije wereld gaan, bevrijd van de EU-ketenen. Wat ging er fout?

‘De Brexiteers waren totaal niet voorbereid. Ze moesten een heel nieuw Brexitministerie oprichten en een Handelsministerie, mensen aannemen, de gevolgen in beeld brengen, een strategie opstellen. Dat kost tijd. Let wel: het gaat om het ontvlechten van ruim veertig jaar gezamenlijk leven, vier decennia van gedeelde wetten en geschiedenis.’

Voor de onderhandelingen staat maximaal twee jaar. Is dat haalbaar?

‘Van die twee jaar zijn nog 21 maanden over, de klok tikt sinds het officiële Britse verzoek tot vertrek op 29 maart. Rekening houdend met de goedkeuringsprocedures moet een akkoord er uiterlijk in november 2018 liggen. Dus netto hebben we nog 16 maanden. Met héél hard werken en héél veel goede wil kun je in die periode de scheiding regelen: de financiële afrekening; het garanderen van de rechten van de miljoenen Europeanen in Groot-Brittannie en Britten op het continent; en het openhouden van grens tussen Ierland en Noord-Ierland. Maar de Britse wens om alles in twee jaar te doen – de scheiding én een nieuwe handelsrelatie vastleggen – lijkt me niet realistisch.’

Met welk idee vertrok u naar Brussel in 1978?

‘De EEG stond er niet goed voor toen. Het was de tijd waarin iedereen sprak over ‘eurosclerose’. Roy Jenkins, de Commissievoorzitter, zinde op nieuw elan en had in 1977 in Florence zijn befaamde speech gegeven over de noodzaak van een economische en monetaire unie. Jawel, Jenkins, een Brit, over één Europese munt! Mensen spraken erover als droombeeld, iets voor de verre toekomst. Als ze mij toen hadden verteld dat we de euro 25 jaar later in onze portemonnee zouden hebben, was ik stomverbaasd geweest.

‘Werken bij de Commissie was meer dan een baan voor mij, het was idealisme, deel uitmaken van de nieuwe Europese geschiedenis. Een mix van recht, politiek en economie in een grote historische onderneming. Maar ik had nooit gedacht dat ik er 38 jaar zou blijven.’

Volgens veel burgers is Europese Commissie een ondoordringbaar bastion van overbetaalde bureaucraten. Wat klopt er van dat imago?

‘Het is een bureaucratie maar niet bureaucratischer dan andere grote organisaties. De Commissie werkt redelijk goed, de verschillende nationaliteiten van de ambtenaren en hun cultuurverschillen verdwijnen na een tijdje. Je vergeet eerlijk gezegd waar je collega’s vandaan komen. De Commissie is erin geslaagd haar eigen cultuur te creëren, je werkt voor het Europees belang. We worden goed betaald, zeker, daarom kunnen we ook goede mensen aantrekken.’

Wat is er veranderd in de EU in die 38 jaar?

De EU zal altijd verafschuwd worden door na­ti­o­na­lis­ten“

‘Toen ik kwam telde de Unie negen landen, nu 28, nog wel tenminste. Oost-Europa was een andere wereld, er waren twee Duitslanden en niemand verwachtte dat die ooit herenigd zouden worden. Ik herinner mijn eerste bezoek aan Wenen, ik keek op de kaart en besefte hoe dichtbij Bratislava en Praag waren, en toch was ik in het Westen. Mijn vader is nooit meer teruggegaan naar Warschau; ik bezocht het voor het eerst nadat Polen lid was geworden van de EU. Liep ik daar door de straat waar mijn vader opgroeide. De huizen van toen zijn allemaal vernietigd maar de synagoge om de hoek staat er nog, waar hij zijn Bar Mitswa deed, vlak voor zijn vlucht voor de nazi’s. Heel emotioneel dat bezoek.

‘De EEG was Noord-West Europa. Het politieke gevecht ging over de keuze tussen industriepolitiek of vrijhandel. Zeg maar Parijs versus Londen, ook toen al. Geen tijden van groot optimisme maar wel razend interessant.’

De laatste jaren steekt de euroscepsis steeds meer de kop op. Treft de EU blaam hiervoor?

1954 geboren op 20 augustus in Chatham, Groot-Brittannië

1976-1977 bachelor rechten, Universiteit van Sussex; master Europees recht, Europa College Brugge

1978-1989 verschillende functies afdeling Concurrentie van de Europese Commissie

1989-1992 lid kabinet van Europees Commissaris Leon Brittan (Concurrentie)

1992-1999 afdelingshoofd en directeur bij Concurrentie

1999-2003 woordvoerder en hoofd Communicatie Europese Commissie

2003-2010 directeur-generaal bij afdeling Justitie en Binnenlandse Zaken, Europese Commissie

2010-2015 directeur-generaal bij afdeling Financiële Stabiliteit, Kapitaalmarkten, Europese Commissie

2015-2016 hoofd speciale werkgroep Referendum Verenigd Koninkrijk

‘De EU zal altijd verafschuwd worden door nationalisten omdat de EU een supranationaal project is. Als je denkt dat je eigen land beter dan wie anders zijn problemen kan oplossen, verwerp je de EU. Als je denkt dat buitenlanders het probleem zijn, is de EU je probleem.

‘Wat valt de EU te verwijten? Om in voetbaltermen te spreken: we hebben de eerste helft van de euro- en Schengenwedstrijd gespeeld en het ging best goed. We staan met 2-1 voor. De euro werkt. Hoewel de mensen niet van de euro houden, zijn ze er aan gewend. Ze willen niet terug naar hun nationale munten met chaos en waardeverlies. Kijk naar Marine Le Pen, ze kwam in problemen door haar eurostandpunt.

‘De financiële en economische crisis legde echter op pijnlijke wijze de gaten in het euro-ontwerp bloot. Als je één munt hebt moet je ook je economisch en belastingbeleid op elkaar afstemmen. Maar dat schuurt met het democratisch gevoel van de burger die zegt: mijn regering doet niet wat ze beloofde omdat ze eerst met Brussel moet overleggen!

‘Voor Schengen geldt hetzelfde verhaal. Het is geweldig dat er geen grenzen meer bestaan tussen de Schengenlanden maar dat betekent wel dat we de externe grenzen samen veel beter moeten bewaken. Voor dat besef was ook een crisis nodig, de migratiecrisis.

‘Ziedaar de opdracht voor de tweede helft van de wedstrijd. De EU doet er goed aan die te winnen.’

Wat moeten de regeringsleiders doen?

‘Hun kiezers meenemen, ze uitleggen dat de euro een volgende stap vergt: een gedeeld economisch beleid.’

De kiezer ziet dat als de trein die doordendert. Ze voelen zich bedrogen, hen is maar het halve verhaal verteld.

Davis en Barnier, de onderhandelaars van de Brexit. ©AFP

‘Omdat niemand de Nederlanders heeft uitgelegd dat hun landsgrens niet meer bij Hazeldonk en Zevenaar ligt maar bij Lampedusa en Chios. De verraadthese is een erg belangrijke, ze resoneert zwaar in de Europese geschiedenis met de Weimarepubliek en de dolkstootlegende. ‘De elite heeft ons verraden!’, erg gevaarlijk. De Britse eurosceptici gebruiken het ook: ‘we werden lid van de interne markt, niemand heeft ons verteld dat er ook een Europese minister van Buitenlandse Zaken kwam, een vlag, milieubeleid, een Europees Hof van Justitie.’

‘Dat is niet waar, de debatten in Engeland bij toetreding tot de EU gingen juist over soevereiniteit. De politieke partijen wisten dat we lid werden van een organisatie die draait op gedeelde soevereiniteit. Dat is de brandstof van de EU.

‘De EU maakt wetten, dat kan alleen als de lidstaten macht afstaan. Lidstaten hebben niet meer honderd procent pure soevereiniteit. Je kunt je sowieso afvragen welk land ter wereld dat nog heeft als zoveel besluiten buiten je landgrenzen worden genomen.’

Daarom de vraag: wat moeten de leiders doen om hun kiezers mee te krijgen?

‘Ze moeten uitleggen wat hun rol is in de EU. Dat zij en hun ministers de meeste beslissingen nemen. Anders voedt je het vooroordeel over die voortdenderende trein, over Brussel als machtskliek van onverkozen, anonieme bureaucraten. Betrek de nationale parlementen veel meer bij de Europese besluitvorming. Nationale parlementen zijn het hart van de democratie, het Europees Parlement staat te ver van de burger af. Premiers moeten thuis duidelijk maken welke opties in Brussel besproken worden. En als een bepaald aantal parlementen een voorstel niet wil, moet het van tafel. Een rode kaart dus.’

Wat koestert u het meest van de 38 Brusselse jaren?

‘Dat ondanks alles Europa er beter voorstaat dan in 1978. Mensen vergeten snel maar Spanje, Portugal en Griekenland waren dictaturen en zijn nu bloeiende democratieën, met dank aan de EU. Ik had nooit verwacht dat Estland, Letland en Litouwen, die deel uitmaakten van de Sovjet Unie, nu lid van de EU zijn.

‘Bij mijn afscheidsspeech heb ik gezegd: ik zou het opnieuw doen, zelfs met de wetenschap dat mijn carrière zou eindigen met het treurige nieuws van de Brexit’.

U bent een groot Beatlesfan en -kenner. Welk nummer van de Fab Four vat uw gevoelens over de Brexit het best samen?

‘With a little help from my Friends, 1967.’

http://www.topics.nl/-er-komt-een-nieuw-gordijn-door-europa-apn4501501vk/?context=playlist/s-brexit-fdbc71/&utm_source=redactie&utm_medium=email&utm_campaign=DPN_ED_TOPICS_Newsletter_PERSO_API_20170619&utm_content=article&utm_term=&ctm_ctid=2db5e80e741740d66220b8593e541543

Advertisements