Tags

Referenda zijn de pest voor ons stelsel (Column Hans Goslinga, Trouw, 9 april 2017)

Piet Hein Donner, de onderkoning, heeft deze week de staf gebroken over de directe democratie, door hem aangeduid als ‘volksdemocratie’. Deze vorm van democratie, het referendum bij uitstek, brengt in zijn ogen niet alleen negatieve gevolgen mee voor het bestuur, zoals ad-hocbesluiten, maar is ook fnuikend voor ons stelsel van vertegenwoordigende democratie, dat juist is gericht op samenwerking en continuïteit.

Voorstanders van directe democratie zullen deze visie ‘snel als conservatief of regentesk verwerpen’. Dat klopt als een bus. Zelfs de liberaal Oud heeft ons geleerd dat geen enkele politiek stelsel voor eeuwig zal bestaan. Dus ook geen eeuwig bestaande representatieve democratie. Er bestaan inmiddels referendumconcepten, zoals op deze site gepubliceerd.[1] Het is dus vastgeroest conservatisme te geloven dat er nooit een referendumstelsel ingevoerd kan worden. Gebrek aan gezonde fantasie (zonder te vervallen in populisme) en creatief denkvermogen. Over 10 jaar zijn we zover!

[1] https://aquariuspolitiek.wordpress.com/2016/12/08/stuur-kuzu-en-ozturk-naar-het-schervengericht-volkskrant-directedemocratie-kanttekeningen/ :

‘Een slotopmerking als derde kanttekening. In deze wereld waarin ‘alles op de schop’ wordt genomen, kan – lees: dient – dus ook de democratische besluitvorming herzien en gereorganiseerd worden. In deze tijd met al zijn technische hulpmiddelen zoals Big Data, internet en social media, is invoering van een directe democratie, in eerste instantie als aanvulling op de representatieve, maar over 1 of 2 decennia als vervangend model voor die representatie democratie noodzakelijk, want achterhaald. Het glorende ideaal: want als iedereen – lees: belangstellenden die geregistreerd zijn – verantwoordelijk wordt gemaakt voor te nemen besluiten (en niet via via), dan is er geen parlement meer nodig want de directe democratie doet het zelf. Wij burgers zijn onze eigen vertegenwoordigers en hebben geen superego’s in de vorm van parlementariërs nodig. We laten ons niet vertegenwoordigen door anderen omdat we zelf mans genoeg zijn. En het is tijd om dat nu te gaan waarmaken, al schrijft Van de Beeten ook: ‘Vanuit dit perspectief is ons staatsbestel zo slecht nog niet. Iedereen heeft immers het recht om te stemmen, om lid te worden van een partij of om zijn politieke mening te uiten. Zo wordt de bevolking in staat gesteld haar regering en bestuurders op effectieve wijze te controleren en komt er een statbiel machtsevenwicht tot stand dat onze rechten en vrijheden garandeert.’

Zie verder ook onder de categorie ‘directe democratie’ op deze site.

Advertisements