Tags

Christendom is meer dan paasei (Commentaar Trouw, 4 maart)

# Er vielen [bij monde van premier Rutte in de Preek van de Leek] termen als hard werken en verantwoordelijkheid nemen, debat, omzien naar elkaar, verdraagzaamheid. Over de vraag of dat nou de eerste begrippen moeten zijn die je te binnen schieten als het over de Nederlandse christelijke cultuur gaat, valt natuurlijk van mening te verschillen. Maar de premier ging er in ieder geval een stuk dieper mee dan hij in deze campagnetijd doet.

In de eerste plaats wil ik graag opmerken dat in deze laatste zin een dilemma schuilgaat aangezien Rutte zich bewust is dat hij als liberaal lijsttrekker inderdaad de liberaal of vrijzinnig liberale basiswaarden zoals hard werken en verantwoordelijkheid nemen, debat, omzien naar elkaar, verdraagzaamheid benadrukt, maar tegelijkertijd zich vanwege deze verkiezingstijd bewust is van zijn uitspraken in het publieke domein, waarin scheiding van kerk en staat centraal staat, zeker voor een liberaal politicus. In een publieke omgeving ook waarin de helft van de bevolking onkerkelijk en ongelovig is en dat feit werkt dus ook tegelijkertijd prikkelend op de gereformeerde politici die ook als politicus graag hun geloof uitventen. Voor een gelovig liberaal politicus is het dus (altijd) op eieren lopen, en dat meer dan op andere dossiers.

In de tweede plaats wens ik mij bij deze gelegenheid ook uit te spreken voor mijn christelijke overtuiging, maar die staat haaks op de gereformeerde én vrijzinnige denominaties. Ik ben een esoterisch christen en dat betekent dat god in ons aller hart woont en dat dus god in ieder mens woont, christelijk of anderszins. Met deze overtuiging in mijn hart word ik best geïrriteerd als ik gisteren de tweet van Gert-Jan Segers (CU) lees met de volgende inhoud ‘Dit is letterlijk levensgevaarlijk. Andere hulp is nodig. (…)’. De derde opmerking citeer ik er niet bij, aangezien dat in mijn ogen een niet relevante is. Wat deze 2 zinnen betreft, de eerste, ‘letterlijk levensgevaarlijk’ vind ik ronduit arrogant, zoals ik gisteren ook heb gereageerd. Wel zou ik tegen een dergelijke voornemen van wie dan ook – en het toeval wil dat ik veel ervaring heb opgebouwd met dit thema[1] – ook een fundamentele vraag hebben gesteld als ik die gelegenheid had gekregen, te weten ‘Wat leidt ertoe dat je zoveel moeite hebt met het leven?’

Want voor mij staat vast dat iemand die een einde wil maken aan zijn leven, niet lekker in zijn/haar vel steekt, om het maar eufemistisch uit te drukken. Ik weet dus uit eigen ervaring hoe ik dergelijke gesprekken kan aangaan, maar tegelijkertijd ben ik mij bewust dat mijn hulpverlening geen effect hoeft te hebben. Dan leg ik me erbij neer dat het geen resultaat heeft gehad en dat de persoon in kwestie na zijn ‘daad’ zal ontdekken dat het leven doorgaat, zo ‘blijkt’ als hij aan de andere kant van de sluier is aangekomen. Hoezo gaat het leven in enige vorm door? Dat leer je niet in welke kerk(dienst) dan ook. Ik confronteerde iedere gesprekspartner – op dit thema van voorgenomen suïcide – dat het leven doorgaat, ook al hoort die gedachte niet thuis binnen ‘onze’ christelijke cultuur. Daarmee sta ik dus haaks op bestaande kerkelijke leerstellingen in ons land. Zo simpel ligt dat omdat ik ook geconfronteerd werd met de wedervraag ‘hoe weet u dat zo zeker?’. Mijn antwoord: ‘Het kan niet anders en zo voel ik het ook vanuit mijn hart, want wij mensen zijn schepsels van die scheppende godheid en als die godheid eeuwig en oneindig is, dan is de menselijke ziel dat ook en dus woont die godheid in onze ziel; bij niemand uitgezonderd. Maar dat wordt niet geleerd vanuit de kerken, en hoort dus niet bij onze traditionele christelijke denkwijze. Toch bestaat er historisch een verschil tussen het eerste en dus eerdere esoterische of gnostische fundament van het christendom en de latere exoterische kerk van Petrus (‘exoterisch’ betekent dat de God van de christelijke kerken buiten de mens in de hemel leeft) ontwikkeling. Die externe factor maakte ook de (politieke) macht van de middeleeuwse kerk mogelijk. Kortom, samenvattend valt dus op te merken dat Segers bepaald niet namens mij heeft gesproken en dat ik gruw van de traditionele kerkelijke leer, van welke denominatie dan ook, zowel de katholieke als de gereformeerde, maar ook de vrijzinnige, want ook daar is de godheid een ‘extern’ wezen. En in mijn beleving kan die externe of exoterische godheid nooit innerlijk beleefd worden en daarom is het christendom bezig om langzaam af te sterven, want overwoekerd door het winststreven dat de heilige koe (want het Gouden Kalf) is geworden.

Het wonderlijke van de door mij destijds gevoerde gesprekken is geweest, is dat iedere gesprekspartner (dat waren welgeteld een 5-tal door de jaren heen) mij dankbaar aangaf dat betrokkene ook ‘altijd wel gevoeld’ had dat het leven door zou gaan en dat er leven na de dood bestaat, en geheel overtuigd werd door mijn betoog. ‘Als ik u eerder had gesproken, had ik nooit een doodswens gehad!.’

Dat zegt naar mijn bescheiden mening genoeg, en daarmee kan ik mijn reactie op Segers ook beëindigen. Bescheidenheid siert iedere ware christen, die spreekt vanuit het hart – waar ik bij Segers niet aan twijfel – want de barmhartigheid straalt ervan af, maar als er termen in de mond worden genomen als ‘levensgevaarlijk’, dan is er geen sprankeltje wijsheid of inzicht aanwezig dat er geen dood bestaat, maar slechts het omwisselen van het fysieke lichaam of omhulsel en dus is er sprake van een ‘verhuizing’ naar een volgende levensfase. Want ons leven is niet eindig; wel in fysieke zin maar niet geestelijk. Als wij onze aardse levenslessen hebben afgesloten, dan wacht ons een nieuwe opdracht, want onze schepper is de alwijze en volmaakte creator. Onze ziel leeft ‘dus’ eeuwig door alle levenssferen in ons universum heen en kent geen einde. En dat kan alleen ‘ontdekt’ worden door innerlijke stilte in (het christelijke) gebed of in meditatie; de weg naar binnen.

Ik ben Gert-Jan Segers dankbaar dat hij mij, hoewel volledig onbewust (!), deze gelegenheid heeft geboden om mijn standpunt eindelijk eens bondig te kunnen formuleren. Ik heb geleerd dat suïcide of levensbeëindiging ook een levenservaring is die nodig is om het ware Leven te leren kennen. Mensen die reageren dat het levensgevaarlijk is, zijn zelf bang en angstig voor de aardse dood, terwijl het een prachtige reis naar een ‘buitenland’ is, zoals BDE’ers (bijna-dood-ervaring) te boek hebben gesteld. Maar die boeken worden in bepaalde kringen niet gelezen, want zweverig en gezwets.

[1] Ik heb zeer langdurig (16 jaar) gewerkt als vrijwilliger bij een Telefonische Hulpdienst.

Advertisements