Tags

, ,

Groeiende gelijkheid van minderheden voedt het populisme (Marcel de Boer • Blogs/fd, 1 december)

Denkend aan Donald Trump dringen zich bij mij onmiddellijk beelden op van desolate, oude industriegebieden in Michigan, Ohio en Pennsylvania. Ik zie boze burgers voor me die hun goedbetaalde baan hebben verloren toen de fabrieken waarin ze werkten failliet gingen of verplaatst werden naar lagelonenlanden zoals China en Mexico. Het zijn mensen die op het bestaansminimum zitten en drie baantjes als hamburgerdraaier bij McDonald’s nodig hebben om rond te komen.

# Maar dat beeld, dat — zo vermoed ik — heel veel Nederlanders hebben, zet ons natuurlijk volkomen op het verkeerde been. Want als hij het alleen van die mensen moest hebben, zeg maar de ‘deplorables’ die Hillary Clinton in haar hoofd had, dan had Trump natuurlijk nooit de verkiezingen gewonnen. Het zijn er gewoon niet genoeg. Het merendeel van de Trump-stemmers woont dan ook helemaal niet in die verpauperde gebieden.

Of dat ons als Nederlanders ‘natuurlijk volkomen op het verkeerde been’ heeft gezet, is maar de vraag. Dat beeld is maar een enkel (voor)beeld, waar heel veel andere beelden aan toegevoegd kunnen worden. Het hele leven staat immers vanwege alle onzichtbare effecten van de globalisering, op losse schroeven; door alle veranderingen die sluipenderwijs in de maatschappij zijn doorgevoerd. Hetzelfde FD laat dat in dezelfde editie van deze ochtend zien.[1]

Tegenspoed

# Dit werd me in augustus duidelijk door een artikel in The New Yorker. In dat stuk werd een zekere Jonathan Rothwell van onderzoeksbureau Gallup opgevoerd, een econoom die op basis van 87.000 enquêtes nauwelijks bevestiging vond voor de stelling dat economische tegenspoed de Trump-stemmer motiveert.

Big data zitten er vaak naast!

Trumps aanhangers hebben minder onderwijs genoten en hebben wat vaker blauweboordenbanen, maar ze genieten relatief hoge inkomens, schreef Rothwell. Hij voegde daaraan toe dat de steun voor Trump niet groter is in gebieden die meer blootstaan aan internationale handel of immigratie. ‘De resultaten leggen geen duidelijke link tussen sociale en economische ontbering en steun voor Trump.’

Redelijk welvarende middenklasse

Volgens de econoom is het juist de redelijk welvarende middenklasse die achter Trump aan loopt, maar dan wel de middenklasse die bezorgd is dat er geen verdere progressie meer mogelijk is en die vooral bevreesd is dat haar kinderen slechter af zullen zijn.

# Voor deze mensen klinkt Trumps ‘We’re gonna make America great again’ als muziek in de oren, het Amerika dus van vroeger. Toen waren er tenminste geen Chinezen en Mexicanen die je baan afsnoepten of radicale moslims die iedere eerlijke christen uit de weg willen ruimen en werkte je gewoon zij-aan-zij met je buurman aan de lopende band in de fabriek.

Grosso modo dezelfde kiezers die 8 jaar geleden Obama stemden die ‘Time for Change!’ beloofde, is nu op Trump afgekomen. Het bewijst alleen maar dat het merendeel van de bevolking (van welk land dan ook) ontevreden is met hun maatschappelijke omstandigheden. De winst van de spectaculaire winst van Obama kon niet in wetgeving worden omgezet door sabotage van de Republikeinen en datzelfde lot zal nu Trump ook ondergaan in een hevig gepolariseerd land als de VS, maar dat geldt in ieder willekeurig ander land dat door een fatsoenlijk functionerende democratie wordt geleid. Dat geldt dus niet voor autocratisch geregeerde landen.

# Uit het onderzoek kwam verder naar voren dat de Trump-aanhangers doorgaans ver van de Mexicaanse grens leven in gemeenschappen waarin mensen relatief weinig universitair onderwijs hebben genoten. Verder bleek dat ze disproportioneel vaak in raciaal en cultureel gesegregeerde (forenzen)wijken wonen. Contact met gekleurde mensen, Latino’s en Aziaten hebben ze nauwelijks.

Het is niet relevant dat de stemmers op Trump relatief weinig universitair onderwijs hebben genoten, maar dat de huidige complexe wereld te ingewikkeld is geworden om coherente keuzen te maken in verband met de populistische uitspraken van de kandidaten. Van visievorming is geen sprake meer en dus kun je het electoraat niet verwijten dat zij wel verbanden kunnen leggen die de politici kwijt zijn. Populisme betekent uiteindelijk ongestructureerd – en alleen in oneliners – denken, maar dat levert geen coherent politiek beleid op.

Toenemende ongelijkheid?

# Voor deze mensen speelt het verhaal van toenemende ongelijkheid helemaal geen grote rol. Ze zitten allemaal in hetzelfde schuitje. Maar dat is wel een schuitje dat stilstaat, waaruit niemand meer een sprong omhoog maakt. De Verenigde Staten zijn het land van de onbegrensde mogelijkheden, zegt iedereen nog. Als je maar je best doet, kom je vanzelf bovendrijven en groei je zo door tot die rijke toplaag. Niet dus. Comedian Bill Maher verwoordde het gebrek aan sociale mobiliteit in de VS een paar jaar geleden werkelijk schitterend:

# Er is sprake van sociale immobiliteit, schreven Nora Neuteboom en Alexander van Wijnen in het FD van 11 oktober, verwijzend naar een metafoor van Berkeley-socioloog Arlie Hochschild. Stel je staat in een rij die eindigt bij een beter leven. Je wacht, maar je ziet steeds meer voordringers. Men wil medelijden met de voordringers, terwijl jouw positie, en die van de mensen vlak naast je, ten opzichte van de voordringers verslechtert.

‘Men wil medelijden met de voordringers’?

Voordringers

# De rij staat symbool voor het verlies van sociale mobiliteit, stellen Neuteboom en Van Wijnen. Het is niet langer vanzelfsprekend dat deze groep een beter leven krijgt dan hun ouders. Voor hun kinderen geldt hetzelfde. Ze schrijven: ‘Ondertussen agendeert de politiek de sociale mobiliteit van migranten, vrouwen, homo’s en gehandicapten. De politieke correctheid van de elite veroordeelt elke negatieve opmerking over de voordringers, terwijl iedereen grappen mag maken over deze ‘white trash’. Het gevoel van sociale immobiliteit is zo ontmoedigend dat onbeheersbare ontwikkelingen zoals globalisering de schuld krijgen.’

Wie begrijpt wat hier staat mag het zeggen!

# En de elite natuurlijk, denk ik daar dan meteen bij. Nora Lustig, hoogleraar aan de Tulane universiteit van New Orleans borduurt hier in een deze week gepubliceerde studie op voort. ‘Het is juist de toename van gelijkheid voor Afro-Amerikanen, vrouwen en homoseksuelen die het gevoel van oneerlijkheid voedt’, schrijft ze, terwijl ze een verklaring probeert te vinden voor het feit dat zo veel mensen hebben gestemd op iemand die alles is waar ze een hekel aan hebben, iemand die zelf tot een elite behoort voor wie kennelijk andere regels gelden, iemand die ongestraft belasting kan ontduiken.

Toename van gelijkheid

# Zou het soms kunnen zijn dat het niet de boosheid is over de 1% die alle welvaartswinst van de laatste decennia naar zich toegetrokken heeft, maar paradoxaal genoeg juist de toename van de gelijkheid? De frustratie is dat mensen zien dat zwarten, vrouwen en homo’s langszij komen.

Of dat het leven steeds minder controleerbaar, beheersbaar wordt en dan zijn die minderheden niet nodig als verklarende factor.

# Tussen 2005 en 2013 zijn rijke zwarten er veel meer op vooruitgegaan dan gemiddeld. Vrouwen zijn inmiddels beter geschoold dan mannen en laten zich steeds nadrukkelijker zien in de besturen van grote bedrijven. En homohuwelijken zijn nu in alle staten legaal.

Lustig schrijft:

# ‘Er zijn tekenen dat de stijgende horizontale gelijkheid de ontevredenheid voedt van de mensen die achterblijven en bij hen die hun identiteit en kernwaarden ondraaglijk bedreigd zien worden door onbeheersbare verschuivingen van de mores en normen.’

Deze hypothese zou alleen geldig kunnen zijn in een land dat geen rekening houdt met (on)rechtvaardigheid en politieke ethiek. Daarin munten de VS uit.

‘White working class’

# De hypothese van Lustig sluit weer aardig aan bij de stellingen van Joan Williams in het zeer lezenswaardige stuk ‘What so many people don’t get about the US working class’ in de Harvard Business Review. Daarin wordt prachtig beschreven hoezeer de ‘white working class’ (wwc) een hekel heeft aan professionals (professoren, managers, dokters), zeker als ze vrouw zijn, maar tegelijkertijd de rijken adoreert.

# De wwc wil direct aangesproken worden, zonder gehuichel. Trump doet dat. Mannelijke eer (het kostwinnerschap) is belangrijk, net als mannelijke banen. Trump belooft ze die te geven. En niets maakt ze zo boos als ze afschrijven als domme racisten.

# Eerlijke, volwaardige banen zijn er nodig en goed onderwijs. Dan pas zal de populistische storm gaan liggen, zo concluderen de meeste hierboven aangehaalde schrijvers. Maar ja, dat heeft tijd nodig. De vraag is of die er wel is. Bovenstaande analyses gaan over de Verenigde Staten. Maar parallellen met de situatie in Nederland zijn vrij gemakkelijk te trekken, zo lijkt me.

Niet zo gemakkelijk, tenzij de ontwikkelingen in de sociale media en de gegroeide assertiviteit van de bevolking als maatstaf worden genomen, want de grote zwijgende meerderheid van vroeger bestaat niet meer. De burger is definitief uit zijn schulp gekropen en de geest trekt zich nooit meer in de fles terug. Die ontwikkeling heeft ook consequenties voor het politieke bestel waarin geen representatieve democratie meer mogelijk is en geen partijen. Er komt dus een ‘geregistreerd’ politiek activisme dat het hele politieke spectrum omvat, maar wel via een digitaal open netwerk de macht overneemt. Alleen dan wordt ieder genomen besluit gerespecteerd, want iedere geregistreerde op waarde geschat. En kom daar in de huidige politiek maar eens om, dat in tegenstelling tot die representatieve democratie als archaïsch kan en mag worden omschreven. Rijp voor het museum!

De auteur van het artikel schrijft:

‘Beperkte interacties met raciale en ethnische minderheden, immigranten en mensen met een universitair diploma, dragen bij aan bevooroordeelde stereotypen, politiek en cultureel onbegrip en een algemene angst voor afwijzing en buiten de groep vallen.’

https://fd.nl/blogs/1177765/groeiende-gelijkheid-van-minderheden-voedt-het-populisme

[1] Lees: Verenigde Staten hebben pas echt een pensioencrisis (Gerben van der Marel), aangezien datgene wat de auteur beschrijft niet alleen voor de VS geldt, maar over de hele wereld. En:

De mondiale cybersecurityreguleringsgolf (door Axel Arnbak), dat op een geheel ander terrein ligt, maar wel allemaal in verband staan met de nieuwe mondiale ontwikkelingen als Brexit, Trump en komend weekend Renzi, de Italiaanse premier die zijn lot heeft verbonden aan zijn referendum (https://fd.nl/economie-politiek/1177411/wat-renzi-wil-is-niet-democratisch van afgelopen maandag).

Advertisements