Tags

, , , , ,

Monetaire normalisatie (Lukas Daalder, Beurs.fd, Katern Ondernemen/fd, 8 augustus)

# Laten we het zekere voor het onzekere nemen, zullen ze bij de Bank of England (BoE) hebben gedacht. Wetende dat de Britse bevolking het niet zo op heeft met grote, ondemocratische instituten, presenteerden ze afgelopen donderdag ‘een pakket gericht op het stimuleren van de Britse economie’. Niet de Franse economie, dus: dat daar geen misverstanden over konden bestaan. Ik hoef er verder geen bigdata-achtige analyse op los te laten om te concluderen dat het niet om een toevallig gekozen kop boven het persbericht ging: de renteverlaging was goed voor Britse consumenten en bedrijven, louter Britse banken mogen meedoen aan het nieuwe ‘funding scheme’ om meer geld aan Britse bedrijven uit te lenen, terwijl het opkoopprogramma van Britse bedrijfsobligaties alleen betrekking heeft op bedrijven die een ‘materiële bijdrage aan de Britse economie leveren’. Brits, Brits, Brits: het zou mij niets verbazen als besproken is of ze het woord niet moesten onderstrepen.

Angsthazen

# Het kan raar lopen: acht maanden geleden werd er nog volop gespeculeerd over de timing van de eerste renteverhoging van de BoE. De Britse centrale bank zou in de voetsporen van de Fed treden om de eerste stap in de richting van normalisatie van het monetaire beleid door te voeren, zo was de algemene verwachting. Van die normalisatie is vervolgens bar weinig terechtgekomen, niet in het Verenigd Koninkrijk, maar ook niet in de Verenigde Staten. Meer dan een kwartje heeft de Federal Reserve de rente vooralsnog niet durven te verhogen. De Amerikaanse werkloosheid en inflatie boden weliswaar meer dan genoeg ruimte, maar bij de Federal Reserve vonden ze telkens weer redenen om het toch nog even uit te stellen: Chinese groeionzekerheid, volatiliteit in de financiële markten en de onzekerheid omtrent de brexit wogen net te zwaar. Je kan veel zeggen over de Britten, maar bij de BoE weten ze tenminste dat het slechts om de Britse economie draait. Bij de Fed staren ze als angsthazen in de koplampen van de grote boze wereldeconomie: dat maakt dat normaliseren er niet makkelijker op.

Opstartfase

# Maar wat is tegenwoordig eigenlijk normaal? Misschien is het gewoon tijd om ons neer te leggen bij het feit dat kwantitatieve verruiming en negatieve rentes niet een tijdelijke uitschieter zijn, maar de nieuwe norm. Dat inflatie iets is waar je je oma over hoort vertellen en dat je jezelf dan afvraagt of ze alles nog wel op een rijtje heeft. Waarom vasthouden aan de ruim vierduizend jaar oude historie dat rentes positief zouden moeten zijn? Dat was de opstartfase! Vanaf nu is negatief het nieuwe normaal!

# Blijkt dat 2016 achteraf gezien toch het jaar van de normalisatie is geworden: de ECB, de Bank of Japan, de BoE, stuk voor stuk kwamen ze dit jaar met hun ‘normalisatie’-maatregelen. Nu alleen de Fed nog.

Eindelijk de eerste heldere uitleg van een econoom die aangeeft wat er werkelijk aan het veranderen is in een complexe economische werkelijkheid, die de hele economische wetenschap op de kop heeft gezet. Nu is het aan de academische hooggeleerden om de theorievorming aan te passen op de veranderende realiteiten van vandaag, die neerkomen op een fundamentele transitie van economische inzichten.

[ Lukas Daalder is cio Robeco Investment Solutions. Reageer via lukasdaalder@fd.nl of via Twitter @ldaalder.]

Het CPB? Weg ermee! (Column  Marcel Canoy, Opinie & Dialoog/fd, 8 augustus)

# CPB weg ermee. Dat is een geluid dat elke paar jaar in een andere verschijningsvorm te horen valt. Het Centraal Planbureau zou niet met zijn tijd meegaan, is politiek of ideologisch bezig, kan niet voorspellen of hecht te grote waarde aan modellen.

# Te vaak gaat dat zo: een journalist harkt meningen van een aantal experts bij elkaar. Daaruit komen valide of minder valide kritiekpunten, maar ook nuances en positieve punten. De journalist laat de positieve punten uiteraard weg, want daar zit niemand op te wachten, stopt er zelf nog wat snedige oneliners in en klaar is zijn stukje of tv-item.

# Ook hoogleraren kunnen het bont maken. Uit mijn CPB-tijd (1996-2005) herinner ik mij een voor een politieke partij actieve en opvallend vaak in de media verschijnende hoogleraar economie die doodleuk in de krant liet optekenen dat het een schande was dat er 300 mensen bij het CPB werkten. Toen toenmalig directeur Henk Don in reactie met verbazing de werkelijke hoeveelheid fte’s meldde (ongeveer 150 destijds), bleef de goede man volhouden dat het er toch echt 300 waren.

# Bij dat academische curiosum bleef het niet. In dezelfde periode was er een hoogleraar die tevens directeur was van een consultancy die zich profileerde als concurrent van het CPB. Talloze malen misbruikte hij zijn wekelijkse column in NRC Handelsblad om uit te halen naar het CPB en zijn eigen club te pluggen.

# Meer recent waren er meerdere prominente hoogleraren die schuimbekten over de benoeming van Laura van Geest als directeur omdat daarmee een voormalig ambtenaar van Financiën — en nota bene niet gepromoveerd! — aan het hoofd stond en dan kan je als CPB natuurlijk nooit meer onafhankelijk en deskundig zijn. Het spijtige van die ongenuanceerde meningen is dat terechte kritiek wordt vertroebeld. Het CPB moet blijven, maar zonder zonde is het planbureau niet.

# Ten eerste moet het CPB veel vaker verder kijken dan zijn modellen lang zijn. Dat kan door vaker samen te werken met andere planbureaus of niet-economen en door meer aandacht te schenken aan kwalitatieve informatie. De winst aan informatie en gezag zal enorm zijn. Ten tweede mag het CPB explicieter zijn over de aannames die ten grondslag liggen aan zijn resultaten, zodat politici en andere gebruikers beter weten waar de beperkingen liggen van een advies of analyse.

Tot slot, laat het CPB snel stoppen met het doorrekenen van verkiezingsprogramma’s. De kermis die dat oplevert kan gemist worden als kiespijn. Om te verhinderen dat partijen economische spookclaims verzinnen in hun verkiezingsprogramma’s moeten onze hoogleraren macro-economie maar eens aan de bak. Die hebben sinds de crisis nog wat goed te maken.

Dit laatste lezend treft me de associatie met GroenLinksleider Jesse Klaver en zijn strijd tegen het economisme op. Maar deze uitleg van Canoy geeft naar mijn indruk aan dat het er geen sprake is van economisme, maar van de economenwereld die het overzicht niet heeft. En dat houdt op zijn beurt weer in dat vakmatig opgeleide economen enerzijds  en praktische ‘economen’ als ondernemers die zich hebben ontwikkeld tot bedrijfskundigen elkaar in koor versterken, terwijl ze beiden de plank misslaan. Zoals Canoy terecht opmerkt moeten de (politiek of publicitair actieve )economen te rade gaan bij de macro-economen voor het overzicht en bij sociale wetenschappers als niet-vakeconomen om psychologische en geopolitieke verbanden wat meer in de economische theorie te verwerken en verweven. Daarom passen deze beide columns van vandaag perfect op elkaar aan. En is er wat mij als lezer een nieuwe economische dimensie geschapen die volledig eigentijds zijn waarde gaat bewijzen. Er is kortom een grote dienst aan de lezers van het FD bewezen!

[Marcel Canoy is distinguished lecturer aan de Erasmus School of Accounting & Assurance. Twitter: @marcelcanoy]

Advertisements