Tags

, , ,

Het verlangen naar de verloren stam (Caroline de Gruyter, Opinir/NRCHANDELSBLAD, 16 juli)

Terugkeer naar de overzichtelijke wereld van vroeger, zonder globalisering of kapitalisme, zonder de onberekenbaarheden en uitwassen van de moderne tijd, is onmogelijk. De wereld is zoals ze is.

# Mario Vargas Llosa, de Peruaanse schrijver die in Madrid en Lima woont, volgt de politieke ontwikkelingen in Europa met grote belangstelling. Vorige week vertelde de voormalige presidentskandidaat, die in 1990 languit op zijn neus ging, daarover in een interview met de Neue Zürcher Zeitung.

# Brexit, de hang naar directe democratie, de neiging om grenzen te sluiten en andere manifestaties van modern nationalisme: het komt allemaal neer op „het terugverlangen naar een verloren groepsgeest van de stam”, zoals de filosoof Karl Popper het ooit noemde.

Ik heb deze Vargas Llosa-verklaring al eens in een blog omschreven als mensen die gekenmerkt worden door (strak en) gesloten nationalisme, dat als motto hanteert: Vol = vol en grenzen dicht. Inderdaad een terugverlangen naar een verloren groepsgeest van de stam. Geert Wilders met zijn PVV, VNL en wat betreft strak dogmatisch socialisme van SP zijn daarvan voorbeelden.

# „Mensen trekken zich terug in kleine groepen, die altijd zekerheid hebben geboden, dezelfde talen spraken, naar dezelfde kerk ging, hetzelfde bier dronken. Deze aanleg, een erfstuk uit de tijd waarin mensen nog in stammen leefden en niet in wolkenkrabbers, zit achter de opmars van nationalistische tendensen in de politiek.

# Maar terugkeer naar die overzichtelijke wereld van vroeger, zonder globalisering of kapitalisme, zonder de onberekenbaarheden en uitwassen van de moderne tijd, is onmogelijk. De wereld is zoals ze is. Naar de „onschuld en schoonheid van de gesloten samenleving” kun je nooit meer terug.

Maar terugkeer naar die overzichtelijke wereld van vroeger, zonder globalisering of kapitalisme, onmogelijk omdat we inmiddels in een wereld met verschillende dimensies leven, met driedimensionale mensen, die hun opvoedingssfeer zijn overstegen en uitgevlogen naar de mondiale ruimte vanwege hun vanwege hun persoonlijke kunde en vaardigheden, hun kunstzinnige of wetenschappelijke creativiteit en ver boven het maaiveld zijn uitgestegen. Zij bezitten vaak meerdere paspoorten opdat hun zakelijke activiteiten vlot en soepel kunnen verlopen. Zij zijn bij wijze van spreken met een globaliserings- en mondialiserings-DNA geboren. En daarom komt die collectieve gesloten samenleving niet meer terug, omdat de technisch-maatschappelijke én menselijke evolutie die eendimensionale samenleving heeft uitgesloten. Die hoorden symbolisch gesproken thuis in de Middeleeuwen. De ontdekkingsreizigers vanaf Columbus hebben zin hun toenmalige onbekende wereld gaan onderzoeken, exploreren en eenmaal in Noord- en Zuid-Amerika ook exploiteren.

Als je dat forceert, zegt Vargas Llosa, „ontketen je het soort turbulentie dat Europa lang niet gekend heeft.”

# Hij noemt Venezuela als voorbeeld. Onder president Chávez ging dat recht tegen de rest van het continent in. Chávez voerde het soort socialisme door dat elders in diskrediet was geraakt: hevig antikapitalistisch, met nationale controles over kapitaalstromen, en vol genationaliseerde bedrijven. Venezuela is nu een totalitair land, geïsoleerd op elk terrein. Zelfs met al zijn olierijkdommen is het een van de armste en meest criminele landen ter wereld. Mensen gaan er dood van de honger.

Chávez ging zijn volk voor in de geestelijke – nieuwe – ruimte door het onrecht dat zijn volk ondervond en vanwege die revolutionaire houding die zijn land naar de afgrond voerde, zoals eerder het nazisme en communisme, kan de tweedimensionale wereld genoemd worden: een mislukte natievorming in transitie.

# Hij had een nog extremer voorbeeld kunnen geven, dat de ‘turbulentie’ die Europa lang niet meer gekend heeft, minstens even treffend illustreert: de Arabische wereld. De politieke islam is een uiting van diezelfde hang naar een zekere maar verloren wereld. Naar een soort nest. Je trekt een djellaba aan, bidt met zijn allen weer op vrijdag in de moskee, drinkt geen bier en probeert in alle andere opzichten ook te leven zoals men dat vroeger scheen te doen. Ook dit was een reactie op een moderne wereld waarin velen hun plek niet vonden, plus verzet tegen de corrupte politieke klasse.

Europa en de Arabische wereld verkeren nu in dezelfde transitieproef: collectief naar meer individuele én collectieve vrijheid. De Arabische wereld naar 1- naar 2D, de EU van 2- naar 3D. maar dus wel dezelfde processen en dito uitdagingen. De Arabische wereld is nog wat mentaliteit en geestelijke ontwikkeling betreft een min of meer Middeleeuwse samenleving, omdat ze de verlichting niet hebben meegemaakt, althans in dit tijdsgewrocht niet (maar wel in de 6e eeuw toen Europa het Arabische cijferschrift overnam, maar die revolutie is doodgebloed). De EU stelt de Europeaan voor de uitdaging om een waarlijk pluriform en meerkleurige samenwerkende Unie te vormen die zonder alle strubbelingen, ruzies en competentieverschillen tussen alle instituties kunnen functioneren. Dus een EU waarin waarlijk wordt samengewerkt en zonder fundamentele meningsverschillen. Maar de Oost-Europeanen zijn na hun communistische periode ook nog steeds 1D en waarmee hebben ze een structurele achterstand die de Commissie voorzichtig dient aan te pakken (zie de verwijzing in een vorige blog naar Dirk Jan Eppink).

# De Arabieren hadden na de dekolonisatie alle ‘-ismes’ geprobeerd, waaronder socialisme, kapitalisme en Nasserisme. De meeste waren westerse import, en werkten daar niet. De Syrische en Egyptische moslimbroeders uit de jaren negentig waren vaak gefrustreerde oud-marxisten die hun klassiekers gelezen hadden. Misschien zelfs Popper. Sommigen van hen waarschuwden, toen al, dat de nieuwe generatie veel radicaler zou zijn. De desastreuze westerse politiek in de regio heeft er mede voor gezorgd dat dit radicalisme in nihilisme is gemuteerd, zoveel is zeker.

# Popper was een optimist, zoals veel liberalen, die de toekomst als kansrijk willen zien. Hij was ervan overtuigd dat je individualisme, een kritische geest en humanisme niet kunt onderdrukken bij mensen die daar eenmaal van hebben geproefd. Die instelling zou het onmogelijk maken om terug te keren naar de goeie ouwe tijd van gesloten samenleving en kleine, geborgen groepen. De Tweede Wereldoorlog, waarbij blonde Germanen zulke dromen combineerden met militair-technologische vooruitgang, bewijst dat dit niet altijd opgaat. Toen ging het goed mis. Maar het is te hopen dat dit een uitzondering was.

Wat Popper hier heeft betoogd, past naadloos in mijn meerdimensionale samenlevingsvormen; in meervoud omdat iedere naties zijn gemengde vormen kent. Op weg naar de nieuwe samenlevingsstructuur!  De politieke partijen zullen in de toekomst partijprogramma’s moeten schrijven met deze verschillende dimensionale sferen.

Een meerdimensionaal politiek programma

Met de afwijzende referenda waarmee diverse EU-lidstaten geconfronteerd zijn geraakt, wordt ook duidelijk dat geen enkele politieke partij eraan ontkomt om het verkiezingsprogramma op deelonderwerpen en de onderlinge verhoudingen tussen die thema’s vast te leggen, maar ook op een financiële prioritering aan te leggen. Wil het populisme – ‘wij zijn het volk’; wij luisteren naar het volk’- effectief bestreden – luisteren naar het volk kan niet omdat ‘het’ volk niet bestaat; politici horen alleen de meest uiteenlopende meningen op straat en die zwaar uiteenlopende meningen moeten worden samengebracht door diezelfde politici – kunnen worden, dan zal er door iedere partij een nieuw ‘links/rechts-schema moeten worden opgesteld, maar dan nu in een meerdimensionaal kader. Dat betekent dat ééndimensionale delen van de bevolking (laagopgeleiden, lage inkomens en achterstandswijken) als volwaardige politieke bevolkingsdelen moeten meetellen als twee- (beter opgeleiden, middenklassen, huizenbezitters) en de in omvang schaarse driedimensionale bevolkingsdelen (zoals de mondiale zakenmensen zoals architecten, ceo’s multinationals etc., kunstzinnige top-dj’s en topacademici), die permanent de wereld rondtrekken om lezingen en tentoonstellingen te presenteren.

Wil deze variëteit aan bevolkingsgroepen in harmonie en vrede met elkaar kunnen leven, dan zal er een wijziging dienen te worden aangebracht in oude links-rechts-schema’s, in die zin dat subsidievertrekking, zoals dat vroeger heel gebruikelijk was, niet meer tot de mogelijkheden behoort vanwege de inbreuken die dit geeft (wat de EU en i.h.b. de eurozone betreft) op de EMU-regelgeving. De EU moet immers niet vergeten dat de subsidiewetgeving een louter Europese aangelegenheid is, die niet meer past in een omringende continentale wereld zonder subsidies of anders geconstrueerde subsidiestromen). Deze subsidieloze wereld wordt ook binnen de EU mogelijk als iedere jonge generatie zich bewust is van de noodzaak scholings- en opleidingsfaciliteiten af te ronden, en daarmee een voldoende startcapaciteit op de arbeidsmarkt te hebben, en daarmee alle voorwaarden binnen handbereik te hebben om geen gebruik te hoeven maken van stimuleringsmogelijkheden van de overheid. Zie als voorbeeld China, dat zelfs de VS aan het voorbijstreven is wat betreft een nieuwe specialistische academische kennis en vaardigheden.

Deze meerdimensionale structuur van partijprogramma’s is noodzakelijk om niet alleen maar de oude links/rechts-schema’s te vervangen, maar ook om geen nieuwe vormen van populisme (‘het volk heeft altijd gelijk’, en daar moet ‘naar geluisterd worden’, hoe ongearticuleerd die wensen ook zijn), nationalisme en economisch protectionisme te laten ontstaan, aangezien de referenda binnen de EU hebben laten zien dat ze als zand in de machine kunnen functioneren. En de politici dienen te beseffen dat er alleen zand in de machine gestrooid kan worden als de communicatie van de bestuurders naar het electoraat onvoldoende is en daarmee het doel niet wordt bereikt. Een politicus en bestuurder is dan niet effectief bezig. En op termijn verliest hij die strijd door een verkiezingsnederlaag. Tot zijn persoonlijke frustratie, maar ook tot het collectieve genoegen van dat electoraat dat besloot tot een machtswisseling. Zo werkt democratie immers.

Omdat de eerder genoemde EMU-regelgeving een wettelijk instrumentarium is, waar geen enkele populist en nationalist omheen kan want internationale verdragen (ook de Unie-wetgeving) die boven de grondwet uitgaan, kan er ook niet meer lichtzinnig worden omgesprongen met die EMU-regels. Onder ‘lichtzinnig’ versta ik willekeurige opmerkingen, zoals het laten verdwijnen ervan (opheffen van de EU), terwijl de enige wijziging die kan worden aangebracht een wijziging via de parlementaire route (wetgevingsroute) als de parlementariërs daartoe overtuigd (kunnen) worden en ook de bereidheid tonen. In dat geval is onder onze nieuwe referendumwetgeving die alleen van toepassing is voor recentelijk goedgekeurd wetsvoorstellen, wijziging mogelijk in welke hoedanigheden dan ook (met legitieme argumenten) en door de Raad van State positief worden geadviseerd.

En tot voor kort werd er aan de lopende band maar wat geroepen, zodat de parlementariërs zelf schuldig waren aan wat ‘publiek bederf’ kan worden genoemd, de neergang van het parlementaire gezag. Alle oppositionele geluiden die momenteel veel gehoord worden om in de semipublieke sfeer de investeringen te verhogen (defensie, onderwijs, zorg, infrastructuur) te verhogen, dienen dus ook te beseffen dat die faciliteiten al snel boven de 3%-begrotingsnormen en tot verhoging van staatsschulden uitkomen. Dit is het grootste dilemma van modern politiek beleid met zijn weerslag op de rijksbegroting en geheel nieuw is omdat ‘we’ nooit de consequenties van de EMU-regels op deze wijze beschouwd hebben. De enige oplossing van genoemde vormen van overheidszorg is ze op een of andere manier te privatiseren (‘de Griekse weg’) via pensioenfondsen, zeer vermogenden of anderszins. Dat kan worden overgelaten aan specialisten op dat terrein.  

Omdat dit nieuwe thema’s zijn in deze nieuwe tijd zullen er creatieve mogelijkheden dienen te worden gevonden, om deze dilemma’s om te beginnen beter in kaart te brengen. Daarbij kan vooral gedacht worden aan vergelijkende studies op het terrein van begrotings- en fiscaal terrein op alle Nederlandse vakgroepen binnen de universiteiten. Wat zijn precies de verschillen binnen de EU (en waar kan verder worden ‘geharmoniseerd’ of ‘geconvergeerd’, daarbij denkend aan Oost-Europa dat pas sinds tien jaar bezig is met de omschakeling van het communisme naar de nieuwe systematiek), binnen de westerse wereld als ‘mondiaal blok’ (incl. Australië en Canada) en in vergelijking met Azië. Om daar lering uit te trekken in welke richting oplossingen gevonden kunnen worden voor Europese-knelpunten en mogelijke alternatieven op te sporen.

[Caroline de Gruyter is correspondent in Wenen en schrijft wekelijks een column over politiek en Europa.]

Advertisements