Tags

,

Regeling van werkzaamheden Tweede kamer 28 06 16

Het woord is aan de heer Kuzu.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter. Een van onze belangrijkste taken als Kamerlid is het nemen van besluiten. Dat doen we wekelijks op dinsdag. We stemmen dan over moties, amendementen en wetsvoorstellen.

De voorzitter:

Wat is uw vraag?

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Volgende week dinsdag is het echter ramadanfeest. Hierdoor kunnen een aantal Kamerleden, onder wie ik, niet aanwezig zijn. In onze pluriforme, multiculturele samenleving is het van belang om rekening met elkaar te houden. Ik vraag u ook …

De voorzitter:

Ja, dank u wel. Ik ga kijken wie hiervoor is.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Nee, voorzitter, …

De voorzitter:

Nee, dit is een regeling.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Nee, voorzitter, ik heb mijn verzoek nog niet gedaan.

Alsof voor niemand in de Kamer duidelijk is waar de heer Kuzu op uit is….

De voorzitter:

U vraagt om uitstel. Ik ga gewoon kijken …

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Ik vraag om uitstel en ik zou het ook belangrijk vinden dat wij als parlement, maar ook als …

De voorzitter:

Dank u wel.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

… individuele Kamerleden het goede voorbeeld kunnen geven …

Welk goede voorbeeld? Tegen de Kamerregels ingaan?

De voorzitter:

Dank u wel.

 

 

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

… en een stukje rekening kunnen houden met elkaar.

Daartoe dient het Reglement van Orde! Kuzu kent dat Reglement klaarblijkelijk niet. Dat is geen professionele instelling. Of gedraagt hij zich als uitdagend pubertje in de klas?

De voorzitter:

Dank u wel, mijnheer Kuzu.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Graag gedaan, mevrouw Arib.

De voorzitter:

Mevrouw Van Ark, u hebt het woord.

Mevrouw Van Ark (VVD):

Geen steun. Nederland is geen islamitisch land en dat gaat het niet worden ook.

De heer Fritsma (PVV):

Geen steun.

De heer Van Raak (SP):

Als we een vergaderdag hebben, stemmen we. Er zijn soms uitzonderingen. Dan zeggen we: we gaan niet vergaderen. Dan stemmen we niet. Maar dinsdag is een vergaderdag, dus moeten we ook stemmen.

De heer Koolmees (D66):

Geen steun. We hebben erkende feestdagen. Daar gaan we niet ad hoc van afwijken. We hebben ook een volle agenda volgende week. Geen steun dus.

Mevrouw Maij (PvdA):

Zoals gezegd hebben we op dinsdagen altijd stemmingen. Er zijn ook andere mensen die andere feestdagen heel belangrijk vinden en daardoor niet kunnen komen. Het is de keuze van Kamerleden om wel of niet bij de stemming zelf aanwezig te zijn.

Mevrouw Keijzer (CDA):

Het is ook nog zo dat bepaalde groepen op een andere dag dat feest kunnen hebben. Wij hebben hier in de Kamer voor mensen die om voor hen belangrijke redenen niet aanwezig kunnen zijn ook mogelijkheden om onderling met elkaar af te spreken om elkaar daarin af te wisselen. Die bereidheid is er ook altijd bij de CDA-fractie geweest. Daarom nu dus geen steun voor dit verzoek zoals dat gedaan is.

 

 

De heer Voordewind (ChristenUnie):

Geen steun. Ik kan me herinneren dat we op bid- en dankdag en met carnaval de stemmingen ook niet uitstellen. We zijn nog altijd een joods-christelijke natie van oorsprong. Geen steun dus.

Mevrouw Van Tongeren (GroenLinks):

Wij stellen volgens mij met z’n allen samen onze vergaderagenda voor het hele jaar vast. Mij lijkt dat er dan allerlei, ook nieuwe, verzoeken aan de orde kunnen komen. Als daar dan een meerderheid voor is, kan dat in een ander jaar, maar nu geen steun. We hebben gewoon een afspraak met z’n allen dat we dinsdag stemmingen hebben. Die moeten gewoon doorgaan.

De heer Dijkgraaf (SGP):

Ook wij hebben onze feestdagen. Op de erkende zit de Kamer dicht en op de niet-erkende functioneert de Kamer gewoon. Dus gewoon stemmen dinsdag.

De voorzitter:

Even een punt van orde. Dit punt is gisteren bij de behandeling van de Raming van de Kamer aan de orde geweest. Daar was ook geen meerderheid voor. Intussen zijn er allerlei stukjes uit het overleg over de Raming geknipt waaruit blijkt dat de Kamer geen stemmingen wil uitstellen. Die stukjes zijn op YouTube en op Facebook gezet. Ik weet niet wat de meerwaarde hiervan is, maar zoals u nu ziet, heeft de hele Kamer op dit moment geen behoefte aan uitstel van de stemmingen.

 

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Ik wil even een punt van orde maken. Ik was gisteren bij het overleg over de Raming. Daar was …

De voorzitter:

Mijnheer Öztürk, ik geef u het woord! U neemt niet het woord zonder dat ik het u geef. Het woord is aan de heer Kuzu.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter, een punt van orde gaat volgens mij altijd voor.

De voorzitter:

Ja, en dat moet via de voorzitter. Er kan niet zomaar het woord genomen worden. Het woord is aan de heer Öztürk.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Een punt van orde. Ik wil iets rechtzetten. Gisteren was er geen stemming. Ik heb een vraag gesteld aan u als Kamervoorzitter. U hebt die vraag beantwoord. Er was gisteren dus geen stemming. Het is wel aan de orde geweest, maar geen stemming.

Iedereen van de aanwezigen heeft met die gang van zaken klaarblijkelijk stilzwijgend ingestemd. Kent Kamerlid Öztürk die gang van zaken niet?

De voorzitter:

U had geen steun.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Van ú niet. De rest heeft niet gestemd.

Onvolwassen reactie. Hij kent de Kamermores niet. Een Kamerlid onwaardig.

De voorzitter:

Dank u wel. U hebt selectief stukjes uitgeknipt en op YouTube gezet en dat doet u niet voor de eerste keer. Dat hebt u een paar keer gedaan, ook bij collega’s en daar moet u echt mee ophouden.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter, iéts meer rekening houden met elkaar, mag. En ik vraag me af: waarom bent u zo boos?

De voorzitter:

Omdat u eigenlijk de regels die wij hier met elkaar afspreken, niet respecteert.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Nee, de regel is dat wij een regeling …

De voorzitter:

Daar maak ik mij druk om. En nu …

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

… kunnen aanvragen, en op het moment dat wij een regeling aanvragen, tien of vijftien seconden de tijd krijgen.

De voorzitter:

Ja. Dank u wel.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

U kapt het af en dat vind ik ook niet zo chic.

De voorzitter:

Ja. Dank u wel.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Maar ik weet voldoende, voorzitter …

De voorzitter:

Weet u wat niet chic is? Dat u een hoofdelijke stemming aanvraagt en collega’s met knip- en plakwerk op YouTube zet. Dat is niet chic. Dat is een Kamerlid onwaardig.

Een zeer terechte opmerking. Terechtwijzing dus.

Mevrouw Keijzer.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter, …

De voorzitter:

Mevrouw Keijzer.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter, …

De voorzitter:

Mevrouw Keijzer heeft het woord.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

Voorzitter, …

Hier had de voorzitter de microfoon mogen afsluiten. Kamerlid Öztürk gaat al veel te ver.

De voorzitter:

Mevrouw Keijzer heeft het woord.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

De voorzitter:

Mevrouw Keijzer heeft het woord. Dank u wel.

De heer Öztürk (Groep Kuzu/Öztürk):

De voorzitter:

Mevrouw Keijzer heeft het woord. Dank u wel.

Mevrouw Keijzer (CDA):

Voorzitter, ik ondersteun u van harte in de woorden die u zonet sprak. Gisteren werd aan het eind van het debat door de heer Öztürk gezegd: we zullen zien wie er morgen voor verbinding gaat en wie niet. Ik vind het jammer dat de heer Öztürk en de heer Kuzu dit op deze manier doen, want daarmee doen ze hun zaak zeker geen goed. Dat is buitengewoon jammer, want er is in onze samenleving absoluut sprake van discriminatie. Daar moeten we het zeker met elkaar over hebben, maar niet op de manier zoals het door deze twee heren hier in de afgelopen tijd is gebeurd.

Wederom een juiste terechtwijzing.

De voorzitter:

Dank u wel. Mijnheer Kuzu, er is geen meerderheid. Er is niemand in de Kamer die het met uw voorstel eens is om de stemmingen van volgende week dinsdag uit te stellen.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Ik stel hetzelfde vast, voorzitter, maar ik vind het frappant dat een aanvraag voor uitstel van de stemmingen uitmondt in een discussie over de stijl van Kamerleden en over een ander thema, namelijk discriminatie en racisme. Dat vind ik …

De voorzitter:

Dat moet u nodig zeggen! Dank u wel.

De heer Kuzu (Groep Kuzu/Öztürk):

Dat vind ik heel erg …

De voorzitter:

Dank u wel.

[Dan geef ik nu het woord aan de heer Voordewind van de ChristenUnie.]

Hopelijk hebben de beide Kamerleden van de groep-Denk hiervan geleerd en zullen ze dit gedrag niet meer herhalen. Het hoort immers in dit Huis niet thuis. Bij een eventuele volgende gelegenheid zal ik wederom niet zwijgen en volgt een fellere reactie. Een gewaarschuwd mens…

Advertisements