Tags

,

Hoe het Nederlandse volk wraak nam op de politieke theorie door Max van Weezel ,VN, online 8-4-16

Managers stemmen vaker dan bouwvakkers, leerde Max van Weezel tijdens zijn studie. Maar na woensdag kunnen al die analyses, prognoses en theorieën de prullenmand in.

# Ik was er al bang voor. Sinds het referendum van woensdag kan ik het grootste deel van mijn studieboeken politieke en sociale wetenschappen weggooien. Al mijn leermeesters hielden me destijds voor dat er bij verkiezingen ijzeren wetten bestaan: ouderen komen vaker bij het stemlokaal opdagen dan jongeren, de white collar workers (managers en kantoorklerken) zijn meer in politiek geïnteresseerd dan de blue collar workers (bouwvakkers en metaalarbeiders), de opkomst onder academisch geschoolden valt hoger uit dan die onder abituriënten van het ROC en het VMBO.

Het is maar de vraag of al die oude studieboeken waardeloos zijn geworden. Als ik wel eens terugblik in die oude literatuur, dan ontdek ik dat die oude wetten, zoals de ‘IJzeren Wet van Michels’, maar ook de Pacificatie- en wet van Arend Lijphart een andere inhoud hebben gekregen omdat iedere sociale of politieke wetmatigheid aan verandering onderhevig is, zoals de wetenschap zelf en de maatschappij. Zoals alles in het menselijk leven is alles onderhevig aan evolutie. De nieuwe tegenstellingen die de oude klassenstanden hebben vervangen zijn bijvoorbeeld hoog- tegenover laagopgeleiden, materialisten versus immaterialisme, ideologen versus postmodernisten. Het afgelopen Oekraïne-referendum was behalve erg dubbelzinnig, zoals iedere gewone reguliere verkiezing een afrekening van de gevestigde orde tegenover de oppositie. Wat dat betreft is er niets veranderd, maar zijn de thema’s en instrumenten veranderd. En ik blijf oude studieboeken boeiend materiaal vinden voor het historisch besef en terugblik. Waardeloos vind ik ze niet. Ben alleen benieuwd naar de nieuwe politicologieleerboeken. Niet om die te gaan bestuderen, maar uit nostalgie. Kranten en opinietijdschriften zijn nu mijn materiaal.

# Nou, dan moet je de Nederlanders een keer naar hun mening over het associatieverdrag met Oekraïne vragen! Dan kunnen al die analyses, prognoses en theorieën de prullenmand in.

Je jonge generatie heeft inderdaad een heel andere denkwijze en logica, zelfs onder moderne intellectuelen als academicus Thierry Baudet, dat ik gedwongen ben om die tijdsverschijnsel ook onder evolutieverschijnselen te rekenen.

# Eind vorig jaar peilden Martin Rosema, Peter Kanne en Laurens Klein Kranenburg de stemming in het land over het Oekraïne-referendum. Verrassende uitkomst: niet de intellectuelen stonden te trappelen om aan de volksraadpleging deel te nemen, maar de lager en middelbaar opgeleiden. ‘Dat heeft te maken met het feit dat lager opgeleiden negatiever oordelen over Europese integratie,’ volgens de onderzoekers. Iets dergelijks had zich bij het referendum over de Europese grondwet in 2005 voorgedaan. Kosmopolitische aanhangers van GroenLinks en D66 stemden toen vóór, de gewone man was tegen. Vooral omdat hij dacht dat meer bevoegdheden voor Brussel ook meer Poolse bouwvakkers en Bulgaarse vrachtwagenchauffeurs tot gevolg zou hebben. ‘Het zijn de lager opgeleiden die door goedkope arbeidskrachten uit Oost-Europa hun positie op de arbeidsmarkt in gevaar zien komen,’ concluderen Rosema, Kanne en Klein Kranenburg, ‘terwijl hoger opgeleiden vaker positieve effecten van de toegenomen mobiliteit op de arbeidsmarkt en andere aspecten van de Europese eenwording ervaren.’

Geen wonder dat de intellectuelen niet stonden te trappelen om met referenda aan de slag te gaan. Dat is in ons land een onbekend verschijnsel en de 2005-referendum over de Europese Grondwet heeft menigeen kopschuw gemaakt. Maar ook daar speelde in mijn ogen de tegenstelling tussen gevestigde orde en de (vaak populistische) oppositie. Maar ik ervaar ook interna partijveranderingen als kwestie van evolutie. En dat huidige onderzoeken een andere uitkomst hebben dan onderzoeken van 40 jaar geleden, kan ook geen verbazing wekken vanwege de andere sociaal- en politiek-geografische kenmerken.

# Het zat er vanaf het begin dus niet in dat het associatieverdrag met Oekraïne met gejuich zou worden ontvangen in de straten van Almere, Purmerend en Rotterdam-Zuid. De referendumcampagne viel de voorstanders van het verdrag rauw op het dak. Ze konden er nog zo vaak op hameren dat ‘het helemaal niet de bedoeling is dat het land lid van de EU wordt’ en ‘het niet klopt dat de arbeidsmarkt wordt opengesteld voor Oekraïners’. Veel geloof werd aan die mededelingen niet gehecht. Polen en Hongarije waren tot de EU toegelaten, waarom zou dat voor Oekraïne dan niet gelden?, was de reactie. Brussel had beloofd de corruptie in Bulgarije en Roemenië te bestrijden maar daar was ook nooit iets van terecht gekomen. Nou, dan!

En de uitslag van dit referendum kan ook niet verbazen omdat het Associatieverdrag met Oekraïne een voor de hand liggende volkspeiling was, maar het zo goed een ander thema kon zijn, zoals het komende TTIP-verdrag. Alles wat als thema wordt aangedragen waarbij de bevolking niet wordt betrokken, wordt afgewezen en houdt een signaal in aan de politiek met z’n kenmerkende gekonkel en het besloten Haagse circuit waar alleen de lobbyisten welkom zijn als buitenstaanders. Zolang maar 2 procent van de kiesgerechtigde bevolking lid is van een politieke partij, is er genoeg stof tot zelfreflectie, maar daartoe is de kaasstolp niet in staat.

# Het was de afgelopen weken soms water naar de zee dragen, vertelde Kees Verhoeven, campagneleider van pro-associatieverdragspartij D66 me. ‘Het sentiment was: we zijn al zo vaak door de EU belazerd. Daar viel moeilijk tegen op te praten.’ Hans van Heijningen, zijn evenknie bij de SP, signaleerde de ochtend na het referendum ongeveer hetzelfde: ‘In het land bestaat weinig vertrouwen in de regering. Er heerst euroscepsis. Mensen zijn even boos over hun lullige flexbaantjes als over het verdrag met Oekraïne. Ze stemmen tegen of denken: zoek het maar uit! Opzouten, jullie!’

Inderdaad Kees Verhoeven, achterstallig politiek onderhoud, waarvan de EU de dupe is geworden en dat ook zal blijven ook. Er wordt nooit met de bevolking gecommuniceerd en dat dankzij dat besloten partijenstelsel. En de oeverloos saaie debatten in de Tweede Kamer, waarbij iedereen elkaar professioneel vliegen zit af te vangen, alsof dat zo interessant is voor de toeschouwer of toehoorder van Politiek24. Alleen dit laatste is een vooruitgang, omdat het vroeger niet bestond en je afhankelijk was van de Handelingen op papier, je aangeschaft konden worden

# Heeft het ja-kamp gefaald? Kwam het kabinet te laat in actie om Thierry Baudet en Jan Roos van repliek te dienen? Rutte-II stelde zich op als generaal die probeerde de vorige oorlog te winnen, was de kritiek die achteraf in Den Haag viel te horen. Bij het referendum over de Europese grondwet was een dure overheidscampagne gevoerd die weinig had opgeleverd: meer dan zestig procent stemde tegen. Daarom was nu voor een low budgetcampagne gekozen. In 2005 hadden bewindslieden grote woorden gebruikt. Als de grondwet werd afgewezen zou het licht uitgaan, waarschuwde D66-minister Brinkhorst van Economische Zaken. Volgens zijn CDA-collega Donner dreigde er zelfs oorlog in Europa. Het had allemaal averechts uitgepakt. Dus gaf het kabinet nu de voorkeur aan een bescheiden tone of voice.

Alle waarschuwingen van mastodonten ten spijt in 2005 en 2016 wijzen deze verschijnselen van afwijzing erop dat het partijenbestel totaal niet meer aanspreekt en aan vervanging toe is. Een digitaal systeem van directe democratie, waarbij een Tweede Kamer bestaat naast een Digitale Derde Kamer, omdat de Eerste Kamer via een grondwetswijziging bijna niet uit dit bestel te weg te werken. Overal loopt dit klassieke kamerstelsel tegen de rotsen te pletter, en blijft er een museumstuk over.

# Van de politieke partijen voerden alleen PvdA, D66 en GroenLinks energiek campagne voor het jawoord aan Kiev. Het CDA, tegenstander van referenda, hield zich schuil. De VVD liet het campagne voeren vrijwel uitsluitend aan buitenlandwoordvoerder Han ten Broeke over. Kabinetsleden beklaagden zich over de media die meer in het matrozenpakje van Jan Roos dan in de inhoud van het associatieverdrag zouden zijn geïnteresseerd. Het had ministers als Koenders, Ploumen en Asscher de grootste moeite gekost om tot veel bekeken programma’s als RTL Late Night, Pauw en DWDD door te dringen. Het kabinet gaf de mediacratie de schuld van de nederlaag.

Uit deze woorden blijkt ook hoe Max van Weezel als auteur van deze beschouwing volledig ingepakt wordt door het bestel, terwijl hij als progressief journalist van de jaren zeventig vermoed ik, toch iedere nieuwigheid had moeten verwelkomen. Of word je met het klimmen der jaren  automatisch conservatief? Als leeftijdgenoot bewijs ik dus dat je wel mee kunt gaan met de tijd, gelet mijn toonzetting.

# Interessanter dan zulke Haagse beslommeringen vind ik de politicologische en sociologische dimensie van de uitslag van het referendum. Nog maar een paar jaar geleden legden Mark Bovens en Anchrit Wille veel eer in met hun boek over de diplomademocratie waarin de doctorandussen het altijd winnen van de lager opgeleiden. Het Oekraïne-referendum was de wraak van de gewone man.

Zo is het!

Advertisements