Tags

, , , ,

Toezicht blijkt de sluitpost in de vrije markt (Maarten Schinkel, Katern Economie/NRC Handelsblad, 4 november)

Nieuwsanalyse | Het wanbeleid bij Meavita toont de schaduwkanten van een overheid die uitbesteedt.

Toezicht was de achilleshiel bij Meavita. Willen senatoren nog wel toezichthouder zijn, na het harde oordeel over Loek Hermans?

# Honderd procent inzet en niet iets wat je er even bij doet. Dat was de boodschap van de FNV na het vernietigende oordeel van de Ondernemingskamer over het toezicht op zorginstelling Meavita – een zaak die de vakbond had aangebracht.

# De uitspraak komt een week nadat het Openbaar Ministerie drie jaar cel heeft geëist tegen Hubert Möllenkamp, de in 2009 ontslagen topman van woningcorporatie Rochdale. De aanklacht: meineed, witwassen en belastingfraude.

# Waar was het toezicht? Diezelfde vraag werd gesteld bij woningcorporatie Vestia en tal van zorg- en onderwijsinstellingen die de afgelopen jaren wankelden onder hun eigen megalomanie.

# Deze ‘quasi-autonome non-gouvernementele organisaties’ waren er altijd al – denk aan de Waterschappen. Maar sinds de privatiserings- en liberaliseringsgolf van de jaren 90 hebben ze zich snel vermenigvuldigd. Zorg, onderwijs, woningbouw, openbaar vervoer en andere voormalige nutstaken werden afgesplitst van de overheid en moesten de markt op. Dat bracht voordelen, maar langzamerhand openbaren zich ook de schaduwkanten van ondernemingen die opereren in het schemergebied tussen staat en markt. Hun verantwoordelijkheden zijn onduidelijk verdeeld tussen overheid en markt.

# Het Fyra-debacle waarover de parlementaire enquêtecommissie vorige week rapporteerde, een dag na de strafeis tegen Möllenkamp, is er een voorbeeld van. Als het misgaat, draait de samenleving er links- of rechtsom voor op. Want de nutstaak (wonen, leren, genezen, verzorgen of treinen) moet intussen wel doorgaan.

Verbazingwekkend is dat uit de rechtelijke uitspraak Meavita bleek dat de taakverdeling tussen Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen te onduidelijk bleek te zijn vastgelegd. Dat in een tijd dat alles tot en met is geregeld en (over)georganiseerd. En blijken dus grote hiaten te bestaan in deze samenleving. Het toezicht moet dus worden geprofessionaliseerd, opdat er echte deskundigen kwaliteitsbewaking kunnen toepassen en niet alleen maar vrijetijdsbestuurders die via de bestaande netwerken worden binnengehaald. Vriendjespolitiek is in deze tijd volstrekt verwerpelijk. Er bestaan al genoeg incompetente en corrupte landen binnen de EU. Ons land bleek dus een naïef buitenbeentje in een op dat terrein gehaaid Europa.

Advertisements