Tags

,

De hoofdrolspelers op het financiële toneel zijn hun script kwijtgeraakt (Marcel de Boer en Giel ten Bosch, Economie & Politiek/fd, 28 oktober)

Veel monetaire wetmatigheden gaan sinds de kredietcrisis niet meer op, waardoor centrale bankiers worstelen met hun beleid.

# ‘Maakt u een grapje? Niemand weet wat jullie doen!’ zei econoom John Taylor onlangs tegen de president van de Fed van New York William Dudley, tijdens een discussie bij de Amerikaanse denktank Brookings Institute.

# Taylor is de bedenker van de zogeheten Taylor-rule (anno 1993), een voor de kredietcrisis veelgebruikte formule die voorschrijft hoeveel een centrale bank de rente moet wijzigen in antwoord op veranderingen in inflatie, groei of andere economische omstandigheden.

# De discussie vindt plaats onder een onzeker gesternte. Gaat de ECB meer dan de huidige €60 mrd per maand aan allerlei obligaties kopen om de inflatie aan te jagen? Gaat het Amerikaanse stelsel van centrale banken (Fed) voor het eerst sinds 2006 de rente verhogen? En zo ja, wanneer dan? Centrale bankiers zijn de hoofdrolspelers op het financiële toneel. Hun woorden worden op een goudschaal gewogen, beslissingen over duizenden miljarden aan beleggingen hangen ervan af. Woensdagavond zitten marktpartijen weer massaal achter hun terminals te wachten op de toelichting op het rentebeleid van Fed-voorzitter Janet Yellen.

# Volgens de Taylor-rule zou de beleidsrente nu niet op nul moeten staan, maar op ruim 3%. Op dat niveau zou de Amerikaanse economie echter op z’n gat komen te liggen. De richtlijn voldoet dus niet meer. En dat is niet de enige die niet meer opgaat. Alan Cauberghs, obligatiestrateeg bij vermogensbeheerder Schroder, signaleert dat ook de zogeheten Philips-curve, die het verband weergeeft tussen inflatie en werkloosheid, in ieder geval in de VS niet meer opgaat.

# Hij stelt dat de centrale bankiers daar zelf verantwoordelijk voor zijn. ‘Ze proberen de monetaire politiek te gebruiken om andere problemen op te lossen. Zoals volatiliteit op de markten of dalende koersen. De rente wordt kunstmatig te laag gehouden.’

Nieuwe wetmatigheden?

# Tot een snel oplopende geldontwaarding leidt dit echter niet. Uit angst voor deflatie proberen centrale bankiers juist overal met man en macht de inflatie omhoog te duwen richting de gangbaar geworden doelstelling van ongeveer 2%. Daarbij baseren ze zich nog altijd op de oude relaties tussen productie, werkloosheid en inflatie, zegt ook hoogleraar Sylvester Eijffinger van de universiteit van Tilburg. Maar als die niet meer opgaan, is het de vraag op welke aannames alle inspanningen precies gebaseerd zijn en of de doelstellingen niet aangepast dienen te worden. Is het echt wel nodig alle monetaire instrumenten uit de kast te halen? Reageert het publiek eigenlijk sowieso nog wel op de inspanningen?

Niemand denkt erover weer te investeren, iedereen is zijn balans aan het opschonen

Aannames

# Is het echt wel nodig alle monetaire instrumenten uit de kast te halen?

# En dan doemt vanzelf de vraag op wat die nieuwe wetmatigheden dan zijn. Sinds de kredietcrisis zijn de relaties tussen productie, werkloosheid en inflatie fundamenteel veranderd, maar die periode is nog te kort om betrouwbare conclusies te kunnen trekken.

Van schulden afkomen

# ‘De pijnlijke waarheid is dat de centrale bankiers het niet weten en daarom toch maar vasthouden aan de oude regelmatigheden’, stelt Eijffinger. ‘En als je het niet weet, is het ook erg lastig om helder te communiceren.’ De econoom, die begin vorig jaar nog rekende op een inflatie van 3% à 4% in 2015, steekt ruimhartig ook de hand in eigen boezem. ‘Ik heb eerder gezegd dat de inflatie weleens snel kan gaan oplopen. Ik heb me vergist. Ook ik ben te lang uitgegaan van de oude relaties.’

# De vraag is waarom die niet meer opgaan. Eijffinger wijdt het aan de balansrecessie. Banken, overheden en private sectoren, iedereen is druk bezig om van zijn excessief gestegen schulden af te komen. Niemand denkt erover gebruik te maken van de extreem lage rente en geld te lenen om weer te investeren, zoals in het verleden gebruikelijk was. In plaats daarvan is iedereen druk bezig zijn balans op te schonen en dat zet een rem op de economische bedrijvigheid.

# Precies om deze reden vraagt Claudio Borio, hoofdeconoom van de Bank voor Internationale Betalingen, zich af of het wel zo zinvol is veel geld in het financiële systeem te pompen. Al dat geld gaat slechts op zoek naar financieel rendement en daarmee worden vooral zeepbellen geblazen. Als consumenten en bedrijven geen behoefte hebben aan geld, omdat ze liever sparen dan besteden, dan is het veel verstandiger ze zoveel mogelijk te helpen bij het repareren van hun balansen.

Wat heerlijk dat de omstandigheden zo gewijzigd zijn dat het voor iedere econoom en beleidsmaker een uitdaging vormt aangezien vaste wetmatigheden niet meer opgaan. Dat betekent dat de creativiteit van betrokkenen wordt uitgedaagd en gestimuleerd. Daar kan de wereld niet slechter van worden!

De conclusie luidt dus niet dat de hoofdrolspelers hun script zijn kwijtgeraakt, zoals de kop in de krant suggereert, maar dat er nog helemaal geen nieuw script bestaat dat onder deze omstandigheden geldig is. Economische wetenschappers hebben nu een schone taak op hun bureau liggen om een aangepaste economisch-monetaire theorie te ontwikkelen.

Advertisements