Tags

, , ,

Hoofdstuk 15: Geld en interest (bron: Ad Broere, Een menselijke economie. Aspekt 2010, p.173-174)

‘In de lijn van het eerste deel van dit hoofdstuk kan worden vastgesteld dat geld voorwaardenscheppend is en geen toegevoegde waarde levert [want is slechts een ruilmiddel, jw]. Het berekenen van rente over uitgeleend geld en het ontvangen van rente over ingeleend geld heeft daarom geen reële grond. Het is, zoals Thomas van Aquino in de 13e eeuw al zei: “Het verlopen van iets wat er niet is” en “Dat het onnatuurlijk is geld te vragen voor het gebruik van geld.”

‘Geld is geen product, zoals de financiële wereld ons wil laten geloven.

‘Zijn bankinstellingen dan overbodig? Nee, want banken leveren vanzelfsprekend waarde. Denk bijvoorbeeld aan het regelen van het betalingsverkeer in het binnenland en met het buitenland, of aan alle processen die voorafgaan aan het lenen van geld en die het lenen van geld begeleiden. Het is daarom vanzelfsprekend dat banken voor hun diverse diensten geld vragen. De vergoeding zou echter in de vorm moeten zijn van een vaste vergoeding voor de doorlopende diensten en het in rekening brengen van specifieke diensten aan de klant.[1] Zoals voor het regelen van een hypotheek en het verstrekken van een bedrijfskrediet.

‘In dat geval zou de betaling door de klant een direct verband hebben met de waarde die de bank levert, en ook beter door de klant begrepen worden.

‘Rente is een fenomeen waar de grote wereldreligies tegen waarschuwen. Thomas van Aquino verwoordde de oorspronkelijke christelijke zienswijze. Ook in de islam en het boeddhisme vindt men dezelfde visie. Het islamitisch bankieren, dat steeds meer aan populariteit wint, is gebaseerd op het niet berekenen van rente over geld. Het niet berekenen van geld komt voort uit de sharia, de islamitische wet. Het komt erop neer dat de Koran voorschrijft, dat degene die geld uitleent aan een bedrijf deelt in zowel de winst als het verlies. Rente of ‘usury’ is uitgesloten.

‘Prof.dr. Margrit Kennedy, een Duitse wetenschapper, heeft zich verdiept in rente en geld. Zij ontdekte dat rente niet uitsluitend een last is voor degene die een lening aangaat. Door wat zij ‘verborgen rente’ noemt, wordt de prijs van wat wij kopen met 45% omhooggestuwd. Margrit toonde verder aan dat 80& van de Duitse bevolking aanzienlijk meer rente betaalt dan rente ontvangt. 10% van de Duitse bevolking verdient ongeveer evenveel aan rente als dat zij hieraan betalen. Een zeer kleine minderheid van 10% verdient aanzienlijk meer aan het berekenen van rente dan dat men aan rente betaalt. Anders gezegd: 80% betaalt aan 10% van de Duitse bevolking rente.

‘Het gevolg hiervan is ook dat het bezit van geldwaarde steeds meer geconcentreerd wordt bij deze 10%. En vanzelfsprekend geldt dit niet uitsluitend voor Duitsland, maar voor alle landen met een vrijemarkteconomie. Vanuit deze invalshoek bezien wordt duidelijk waarom de massale geldinjectie in de economie van de Verenigde Staten er uitsluitend toe kan leiden dat dezelfde 10% de revenuen gaat opstrijken van de enorme geld- en daardoor schuldtoename.

‘Margrit Kennedy vergelijkt de exponentiële groei van een schuld als gevolg van het berekenen van samengestelde rente (dat is het berekenen van rente over rente) met biologische verschijnselen. Ziekte en degeneratie gaan in de natuur altijd gepaard met exponentiele groei. Bijvoorbeeld bij kanker. Door exponentiele celdeling wordt het organisme uiteindelijk verwoest. Haar conclusie is daarom dezelfde als die van Thomas van Aquino: rente is een tegennatuurlijk verschijnsel. De absurditeit van rente wordt geïllustreerd door het volgende voorbeeld. Een verre voorvader deponeerde 2000 jaar geleden een muntje ter waarde van 1 euro-cent bij een bank. De bank berekende elk jaar 2% samengestelde rente over deze cent. De bank berekende elk jaar2% samengestelde rente over deze cent. Na 2000 jaar zou de verre nazaat een bedrag van 1,5 biljard euro (1 met 15 nullen) kunnen incasseren!

‘Op den duurt wordt het geldsysteem door rente dus vernietigd zoals een organisme door een dodelijke ziekte.’

(wordt vervolgd)

[1] Het verschil met diensten van huisarts en tandarts is dat zij werken in de semi-publieke sector, dat draait op premiegelden. Een bank is een ondernemer, die alles in beginsel zelf kan bepalen welke tarieven hij hanteert omdat er geen overheidsgelden mee gemoeid zijn (onder normale – gezonde economie – omstandigheden).

Advertisements