Tags

, , , ,

‘Hoezo kan het niet anders? Wat we hebben opgebouwd, kan ook omgebouwd’ (Rob de Lange, In het nieuws/fd, 30 mei)

GroenLinks –voorman Jesse Klaver en FD-columnist Mathijs Bouman in debat over voors en tegens van ‘economisme’

‘Klaver: ‘Vergroening van belastingen ben ik inderdaad een zeer groot voorstander van. Daarnaast wil ik een nieuwe industriepolitiek door de overheid. Het IMF heeft uitgerekend dat we € 5000 mrd aan subsidies voor fossiel brandstoffen, terwijl slechts € 120 mrd naar duurzame energie gaat. Waanzinnig. Daar moeten we iets aan doen.’

Klaver heeft gelijk dat ‘vergroening van belastingen’, het mogelijk maakt dat andere politieke accenten worden gelegd: vervuilende, zoals klassieke grondstoffenindustrieën, zwaarder belasten om daarmee de transitie naar duurzame energieproductie mogelijk te maken.

Bouman: ‘Nu gebruikt u opeens wel een berekening om uw standpunt te bepalen, omdat het even uitkomt.’

Neen, nu maakt Klaver geen gebruik van een ‘berekening’ van het IMF, maar maakt gebruik van een uitkomst van IMF-onderzoek dat inzichtelijk maakt dat er erg veel subsidiegelden naar die vervuilende oude grondstoffen gaan en dat is heel wat anders dan ‘gebruik maken van berekeningen’.

K: ‘Ik ben voor beprijzen van slecht gedrag, hoewel het een beetje de maatregelen uit de jaren negentig zijn. Daarom geloof ik ook steeds meer in ver- en geboden. Het opleggen van normen is tamelijk eenvoudig en heeft enorme effecten.’

Beprijzen van slecht gedrag is inderdaad een van de waardevolle mogelijkheden om politiek beleid te laten veranderen. Links zal slecht gedrag van grondstoffengebruik willen transformeren naar duurzame energie, terwijl rechts precies het omgekeerde voorstaat. Beide uitgangspunten zijn ideologische axioma’s waarvoor nog geen wetenschappelijke helderheid bestaat. De geldigheid van deze beweringen kunnen nog niet gestaafd worden, maar die helderheid zal in de toekomst ongetwijfeld wel ontstaan. Kortom, zolang links rechts niet weet te overtuigen heeft rechts het voordeel van de parlementaire meerderheidsopvatting. Links blijft verwachtingsvol de hoop koesteren dat ooit hun standpunt algemeen gedragen zal worden. In dat kader past ook het opleggen van normen en ver- en geboden.

Bouman: ‘Wat ik eigenlijk door alles heen hoor, is minder markt en meer overheid.’

Klaver: ‘Ik pleit inderdaad voor een activistische overheid, die het publieke domein weer betreedt, de regie neemt en de marktwerking terugdringt.’

Hier trekt Bouman een onjuiste gevolgtrekking als hij Klaver voor minder markt en meer overheid hoort pleiten. Een activistische overheid hoeft helemaal niet te betekenen dat er ‘meer overheid’ ontstaat, maar alleen dat de overheid effectiever gaat optreden door het debat te stimuleren en uitkomsten daarvan ook gaat implementeren. Iedere toespraak van een politicus is immers ook bedoeld als een nieuw publiek debat te openen, maar dat lukt nog lang niet altijd. In dat geval blijft het beperkt tot het afgeven van een publiek statement zonder debat, maar het zou ideaal zijn als ieder statement automatisch zou uitmonden in een breed maatschappelijk debat. Die tijd breekt nog wel aan!

Bouman: ‘Ja, u wilt ook ABN Amro niet naar de beurs brengen en er een nutsbank van maken. Weet u wel hoe slecht dienstverlening van de Postbank? En weet u wel hoe blij we waren dat we van het ziekenfonds af waren?’

Het ABN Amro-kwestie heeft onder meer het inzicht opgeleverd dat binnen het huidige bancaire bestel moeilijk is om alsnog een nutsbank op te richten, want dat is ‘geen taak van de overheid’. Mochten er bankiers komen die zelf een nieuwe (nuts)bank willen oprichten, dan is dat mogelijk, al is het verkrijgen van een bankvergunning niet erg eenvoudig. Maar wat Klaver probeert aan te geven is dat waar in tijden dat er een Postbank bestond, deze ook in onze huidige tijd recht van bestaan heeft en dat veel consumenten behoefte hebben aan een nutsbank, al zal bijvoorbeeld de idealistische Triodos Bank tot die categorie gerekend kunnen worden.

Maar in beginsel zal de Tweede Kamer in meerderheid ook kunnen bepalen dat er een nieuwe nutsbank wordt opgezet als de omstandigheden daartoe aanleiding geven of zelfs daartoe kunnen dwingen in de betekenis van besluiten. Dat de oude Postbank (opgegaan in ING) een slechte dienstverlening zou hebben bezeten, is mij overigens niet bekend, al was ik daar zelf rekeninghouder. Ik geef volmondig toe dat ik zelf die gedwongen ‘fusie’ altijd heb betreurd en ik afscheid neem van ING als er ooit nog bonussen worden verstrekt. In mijn ogen volkomen overbodig en zinloos. Dat er een Angelsaksische bonuscultuur is ontstaan is geen reden om daarin mee te gaan.

En dat we blij waren dat we van het ziekenfonds af waren, is ook een punt waar een verschil van mening of inzicht in kan bestaan omdat het achteraf bezien misschien beter was geweest om die zorgconstructie te behouden, waar de huidige structuur veel problemen oplevert. Je gelooft in marktwerking in de zorg of niet. Het blijven politieke dogma’s. Dat is dus een kwestie van persoonlijke smaak. Het huidige zorgstelsel is verre van ideaal; en eigenlijk mag er worden vastgesteld dat de zorgverzekeraars er een grote rommel van hebben gemaakt.

Klaver: ‘Dus omdat het vroeger niet goed was, zou het nu niet beter kunnen?’

Bouman: ‘U schakelt het ontdekkingsmechanisme uit wat mensen zelf willen. De overheid bepaalt in uw ogen wat mensen krijgen. In mijn ogen leidt het tot ontsporing van bureaucratie zoals we dat nu bij het PGB-drama zien (Persoonsgebonden budget, red.).’

Ook hier krijgt Bouman van mij – maar wie ben ik? – niet op voorhand gelijk als hij beweert dat het ontdekkingsmechanisme wordt uitgeschakeld van wat mensen zelf willen. De huidige ontwikkelingen gaan veel mensen hun verstand te boven en zij hebben niets te willen omdat alles binnen de zorgsector aan budgetten en protocollen is vastgekoppeld. De gemiddelde burger heeft grote moeite met en afkeer van dit huidige stelsel.

Klaver: ‘Nee, nee! In het PGB zie je precies wat er fout zit bij de overheid. We hebben de illusie gecreëerd alle inefficiency uit het systeem te halen door omvangrijke controles in te bouwen. Een steeds grotere hooiberg met nog steeds maar één speld. Anders gezegd: iedere burger is verdacht. Politici moeten geen hemelen beloven en bereid zijn de prijs te betalen dat het af en toe fout gaat.’

Bouman: ‘Als het aan u ligt gaat de overheid weer veel meer zelf aan het roer staan.’

Helaas is de mens nog niet uitgegroeid tot de ideale type mens die geen of nooit misbruik maakt van omstandigheden, die zich voordoen. Misbruik maken van omstandigheden is van alle tijden. Om die reden is het onzinnig te beweren dat de ‘overheid weer veel meer zelf aan het roer gaat staan’, wat Bouman uit de woorden van Klaver schijnt te halen. Uit mijn laatste opmerkingen aan het adres van Bouman mag worden afgeleid dat ik hem te veel de macro-econoom vind uithangen en ik vermoed dat Klaver het hiermee eens is.

Klaver: ‘Ik breek daar mijn hoofd over. Op sommige terreinen, bijvoorbeeld als de staat zich op het gebied van privacy als “big brother” opstelt, moet de overheid zich juist meer terugtrekken. Maar ik pleit voor meer overheid als het gaat om bijvoorbeeld de energievoorziening of de zorg. Dat hebben we de afgelopen jaren teveel aan de markt overgelaten. Volgens mij is dat ook de reden waarom linkse partijen zoveel vertrouwen hebben verloren. De zogenaamde derde weg. Ze hebben overal in Europa ingestemd met meer marktwerking en hun geloofwaardigheid verloren.’

Hier brengt Klaver terecht het onderscheid tussen verschillende objectiverende taken van de overheid voor het voetlicht. Big Brother camera’s in steden en snelwegen zijn in het algemeen gesproken steeds meer geaccepteerd als een noodzakelijk kwaad om namelijk filemeldingen te kunnen doorgeven aan weggebruikers enerzijds en druk uitgaansgedrag tijdens het weekend en om tijdig in te grijpen bij overlast. Die groei van preventieve maatregelen zijn natuurlijk van een heel andere aard dan zorg- en energievoorzieningen. Terecht wordt opgemerkt dat deze laatste teveel aan de markt zijn overgelaten en daarom is het ook absoluut niet tot een gedeeld genoegen geworden onder brede lagen van de bevolking. Een nationaal referendum over het zorgstelsel zou nu de uitkomst opleveren dat het huidige systeem teruggedraaid moet worden naar vroeger.

Het economisme speelt inderdaad heden een veel te grote rol, en heeft dat altijd al in de politiek gedaan. Vandaar dat dit interview heel duidelijk naar voren komt dat Klaver de politiek ziet als de plaats waar het publieke debat, dialoog en discussie zich dient af te spelen, hoewel men in de politiek denkt dat dit juist de taak is van politieke partijen. Dat is in dit tijdsbestek van afnemende aantallen partijleden een misverstand gebleken, of liever geworden. Binnen partijen kan niet open en vrij gedebatteerd worden aangezien niet mag uitwaaieren buiten partijpropramma’s.

Met andere woorden, de huidige partijen zijn te dogmatisch en te star geworden en daarom Klaver dat openbreken. Mijn zegen heeft hij al ben ik niet al te optimistisch over zijn slagingskansen. Ons land is erg conservatief geworden en een nieuwe bezieling onder het publiek zal niet direct de gewenste effecten hoeven te sorteren. En ook krijgt Klaver waarschijnlijk tegenwerking uit eigen gelederen omdat ook daar nog oude diehards aanwezig zijn. maar toegegeven moet worden dat Klaver van zijn partij een soort moderne Van Mierlo-partij wil maken en dat is een verfrissend nieuw geluid.

De politiek dient dus weer in eerste instantie een debatplaats te worden en dat kan ook prima via de sociale media worden ontwikkeld, en in tweede of derde instantie een politiek besluitvormingsmechanisme via de Staten-Generaal. Klaver zal veel interviews moeten gaan afgeven opdat het aan het publiek duidelijk wordt wat hij met zijn partij wil en hoe de politiek hervormd kan worden. iedereen heeft daar behoefte aan en hij sluit perfect op die behoefte aan. Zet ‘m op Jesse!