Tags

, , ,

Wankele wereldorde vergt leger met grotere slagkracht (Dick Berlijn, Jaap de Hoop Scheffer en vele anderen, Opinie/NRC Handelsblad, 23 april)

Europese NAVO-landen besteden gemiddeld 1,6 procent van hun bnp aan Defensie. Wij lopen uit de pas met 1 procent, betogen veel oudgedienden.

‘Veiligheid en vrede in Europa zijn niet vanzelfsprekend. Verhoudingen zijn verslechterd, de toekomst is onzekerder. Crisis in Oekraïne, het Midden-Oosten en Afrika en terroristische dreigingen zijn geen randverschijnselen, maar hebben directe gevolgen voor onze veiligheid en voor de samenlevingen van de Europese landen. Dit vraagt van Nederland een actief buitenlands- en veiligheidsbeleid en de bereidheid de kosten te dragen. Dat geldt ook voor de krijgsmacht, die in staat moet zijn de militaire taken op zich te nemen voor de verdediging van onze veiligheid en voor de handhaving en bevordering van de internationale rechtsorde.’

Deze openingsalinea bestaat uit behoorlijk wat algemeenheden, die het moeilijk maken om onze veiligheidssituatie te vergelijken met onze mede lidstaten van de EU en NAVO. Belangrijker kritiekpunt is achter dat met geen woord wordt gerept over de oorzaak waarom de bezuinigingen van ons defensiebudget noodgedwongen werden doorgevoerd: wegens de strengere toepassing van de Brusselse 3% begrotingstekort als primaire prioriteit en als secundaire het saneren van overheidsschulden. Klaarblijkelijk hebben andere EU-lidstaten die onder hetzelfde juk vallen andere prioriteiten binnen het algehele nationale begroting bevonden, zodat zij minder op defensie hoefden te bezuinigen. Iedere EU-lidstaat heeft gelukkig de vrijheid een eigen begrotingsdiscipline aan te brengen en wat dat betreft is onze nationale begrotingssoevereiniteit niet verzwakt of verdwenen.

Maar deze omissie in deze tekst maakt het tot een stuk dat met de regelmaat van het jaar, meestal bij Prinsjesdag, voorbijkomt omdat de militairen zich achtergesteld voelen. Maar de vraag is of we ons door kwesties als Oekraïne en De Krim in paniek moeten laten brengen, want ondanks de olie- en gasaders van Rusland, die de roebel nog redelijk stabiel houden is de annexatie van De Krim en de indirecte betrokkenheid in de Oekraïne geld slurpend. En de Russische economie is ook niet de sterkste van deze wereld. Veel ruimte tot militaire expansie heeft dat land niet.

Als de eurocrisis echt over is en dat is pas over als de Grexit definitief is afgewend en de Griekse economie in een groeispurt gaat komen, en daarmee alle lidstaten een gezonde economie hebben ontwikkeld en alle hervormingen zijn doorgevoerd, dan pas moet er een evaluatie, zowel op Europees Parlement niveau, als op nationaal parlementair niveau om te bezien wat de jarenlange bezuinigingen hebben veroorzaakt en of er bepaalde semi-overheidssectoren echt in het gedrang zijn gekomen. Als het publiek debat in combinatie met de besluitvorming over die 3%-norm van regeringsleiders (in plaats van ‘Brussel’) tot de conclusie leidt dat Defensie moet worden versterkt, dan ligt daar en op dat moment een gerede aanleiding daarop de aandacht te richten. Maar zover is het nog niet en het kan best zijn dat als we als EU weer ‘echt’ gezond zijn, er andere prioriteiten gelegd zullen worden in de besluitvorming.

Defensie kan samenvattend op dezelfde krachttoer rekenen als alle Nederlandse banken die op overheidssteun zijn teruggevallen, maar extra geld naar defensie is geen vanzelfsprekendheid. Dat zal pas gebeuren als de Baltische staten worden binnengevallen en de NAVO vanuit verdragsverplichtingen genoodzaakt is om in te grijpen. Maar die waarschijnlijkheid is gering, omdat het Russische leger daartoe niet in staat is en de economische gezondheid van dat land het niet toestaat of toelaat. En mogelijk zijn dan alle extra overheidsbudgetten nodig om de aardbevingsreparaties in Groningen op de vangen. Overigens zegt ons ‘uit de pas lopen met 1%’ helemaal niets in vergelijking met de 1,6% van andere lidstaten. Misschien wil de afdeling Voorlichting van het ministerie Defensie eens een overzicht gaan publiceren hoe de investeringsverhoudingen t.a.v. defensiematerieel ligt binnen de EU.

Advertisements