Tags

, ,

Zorgcrisis was vooral machtsstrijd (Derk Stokmans, Binnenland/NRC Handelsblad, 22 december)

Nieuwsanalyse Kabinetscrisis

Alle morele boosheid over de Kerstcrisis ten spijt, het was een strijd om de macht.

Commentaar: natuurlijk was de kerstcrisis een strijd om de macht, zoals ieder politiek gevecht een strijd om de macht is. Maar de fractievoorzitter Barth heeft geopereerd als een leraar die geen orde in de klas kan houden en heeft dus moeten toelaten dat de drie dissidenten (ingezonden briefschrijfster Ina de Bruyn te Heinkenszand in Trouw van vanochtend is het niet eens met deze kwalificatie dissidenten, maar zij heeft ongelijk zoals ik in voorgaande delen heb geargumenteerd) zijn egotripperij hebben doorgezet en daarmee van de Eerste Kamer een kippenhok hebben gemaakt. En die niet anders verdient dan opgeheven te worden.

‘De coalitie van VVD en PvdA en commentatoren verwierpen het gedrag van de drie PvdA-senatoren. Die drie torpedeerden een wetsvoorstel dat als doel had de zorgkosten minder snel te laten groeien door burgers met goedkopere polissen in sommige gevallen niet meer de ziekenhuiszorg te geven die ze het liefst zouden willen. Tegenstemmer Adri Duivesteijn, want om hem ging het vooral, overtrad in de ogen van critici de grenzen van wat voor een lid van de Eerste Kamer betamelijk is. Hij verzette zich immers niet tegen het voorstel vanwege de gebrekkige kwaliteit van de wetstekst – de taak van de chambre de réflexion – maar omdat het plan hem niet sociaaldemocratisch genoeg was. En daarmee negeerde hij de wil van de Tweede Kamerleden van zijn partij die anders dan hij wel direct mandaat van de kiezers hebben. Die hadden juist vóór het plan gestemd.’

Hier worden een aantal feitelijke juistheden genoemd volgens de mores en tradities (lees: ongeschreven staatsrecht) van ons staatsrecht, maar een belangrijk ander argument niet eens benoemd. Om met dit laatste te beginnen, had Duivesteijn niet eens het recht om tegen te stemmen op politieke gronden, omdat en aangezien de senaat een kwaliteitsbevorderende functie heeft en alleen kijkt naar de kwaliteit van het voorliggende wetsvoorstel: rechtmatigheid, doelmatigheid en haalbaar/uitvoerbaarheid zijn de maatstaven die in de Eerste Kamer voorop staan. Wie beweert dat ook Eerste Kamerleden politici zijn, heeft alleen in formele zin gelijk, omdat ook de Eerste Kamer een politiek gremium is, maar daarmee is ook alles gezegd. In de Eerste Kamer speelt zich een correctief schaakspel zich over de wetstekst zelf af; het gaat om het opsporen van tegenstrijdigheden die in het wetsvoorstel zijn binnengeslopen in de Tweede Kamer, en die te elimineren. Want een tegenstrijdige wet kan niet in de praktijk van alledag goed werken. En dat is ook logisch want anders had en heeft de Eerste Kamer geen bestaansrecht. Anders wordt het een doublure van de Tweede Kamer en daar zit niemand op te wachten. Wat wonderlijk dat dit argument in deze kerstcrisis nooit genoemd is!

Duivesteijn heeft zichzelf dus verraden door duidelijk te maken dat hij dit wetsvoorstel niet voldoende sociaaldemocratisch vond en dat is zijn taak niet, want dat vraagstuk ligt aan de overkant: zijn collegae aan de overzijde in de PvdA-fractie. Op grond van dit feit kan men zich zelfs afvragen (1) kent Duivesteijn het staatsrecht eigenlijk wel in voldoende mate en (2) hoe is het mogelijk dat dit oud-Tweede Kamerlid in de senaat kon worden benoemd omdat hij als eigenzinnig bekend staat en altijd zo is geweest en (3) hoe de procedure van de kandidatenlijsten van alle partijen die zitting hebben in de senaat in elkaar steekt. Want ook de commentaren in de media van alle senatoren op het onderhavige thema van de zorgwet houdt niet over aan deskundigheid, laat staan van wijsheid en terughoudendheid die van senatoren verwacht mag worden. Er is zonder meer sprake van een puur politiek spel (om de mediageilheid), die van Tweede Kamerleden verwacht wordt en daar ook op zijn plaats is, maar niet bij senatoren. Er is maar één oplossing als de Eerste Kamer blijft bestaan, wat de Hemel behoedde.

Iedereen die een stemverklaring in combinatie met afwijkend stemgedrag voornemens is te ondernemen en dus afwijkend van zijn fractie, dient zijn of haar stemverklaring in de publiciteit te brengen zodat de burger kan beoordelen of de betrokken senator wel volgens de hierboven omschreven criteria en maatstaven heeft gehandeld en of er niet stiekem en tersluiks een politiek machtsconflict gaande is, dat niet de bedoeling is en dat zou wijzen op een doublure met de collega’s aan de overkant. Er mogen in de toekomst alleen nog maar kandidaat-senatoren op de kieslijst komen als zij toezeggen dat er geen politieke spelletjes bedreven en gespeeld mogen worden en zeker niet als dat gepaard gaat met politieke gekakel dat ons iedere dag opnieuw verveelt. Daar is de senaat niet voor bedoeld. Als de Eerste Kamer blijft bestaan, dan om een legitieme reden die hierboven genoemd is. Punt.

Alle senatoren, zo luidt de conclusie, die de pers hebben opgezocht om hun standpunt uit te bazuinen, hebben zich ernstig misdragen. Dat dat ook maar eens duidelijk uitgesproken worden, want dat werd ook tijd. De belangrijkste les uit de kerstcrisis is dat niet alleen ons politieke bestel volledig verziekt is aangezien alleen nog maar politieke amateurs in de Eerste Kamer zitting hebben (gelet op hun onbekwaamheid met de omgang van het staatsrecht), maar dat toekomstige senatoren zich veel meer rekenschap moeten geven van de taak die hen te wachten staan. De taal die afgelopen week is gebezigd is een senaat onwaardig.

Advertisements