Tags

, , , , ,

De jongste ontwikkelingen inzake de grondwettelijk gegarandeerde demonstratievrijheid in de praktijk van de steden Den Haag en Rotterdam, maken dat ik alsnog een kanttekening plaats bij Ahmed Aboutaleb in zijn interview met het FD.[1]

Zowel Aboutaleb als minister Opstelten (gisteren) in navolging van het OM, willen geen meningenpolitie. Dit wekt de verkeerde associatie op, namelijk het doorslaan naar het andere uiterste, te weten de shariapolitie in orthodox islamitische landen. Daarom valt er best wat te zeggen voor de opvatting van CDA-fractievoorzitter Buma dat verheerlijking van terrorisme ook strafbaar moet worden gesteld.[2] Hij haakt in op het gesneefde wetsvoorstel van toenmalig minister van Justitie Donner (2005) en wil dit wetsvoorstel aangepast opnieuw indienen. Maar in zijn uitleg in het Trouw-artikel van vandaag sluipen weer wonderlijke aspecten binnen:

‘Je kunt dat nu alleen aanpakken als het gaat om opruien, haatzaaien en het aanzetten tot geweld. Als je het verheerlijken van terroristische daden strafbaar maakt, pak je jongeren die op de eerste tree staan naar afreizen voor de djihad.”

Dit laatste, ‘pak je jongeren die op de eerste tree staan naar afreizen voor de djihad’ is natuurlijk zwaar overdreven, aangezien maar een fractie van de demonstranten bereid is af te reizen naar de probleemgebieden om daar de wapens op te nemen of anderszins actief betrokken te raken. Maar er volgt ook een tweede opmerking, die gewoon weersproken moet worden:

“Andere partijen moeten eerst luisteren naar wat ik wil. De dreiging is minstens zo groot als in 2005. Als we het voorstel van destijds aanpassen gaan andere partijen mee, denk ik. Vrijheid van meningsuiting is een groot goed, maar wij hebben altijd een grens gesteld als die de vrijheid van de samenleving bedreigt.”

De formulering ‘De dreiging is minstens zo groot als in 2005’ is pertinent onjuist, omdat de achtergronden anders waren. In 2005 ging het om de toen op volle toeren draaiende anti-terrorismewetgeving, na 9/11 (2001). Nu gaat het om radicalisering op nationale bodem omdat de eigen jeugd van islamitische achtergrond van nature vanuit hun culturele traditie een hetze voert tegenover Joden. Lees hierover in de avondkrant van gisteren: http://www.nrc.nl/handelsblad/van/2014/augustus/21/in-de-schilderswijk-heerst-de-vijandigheid-van-bui-1410359

En deze groeiende culturele tegenstelling tussen islamieten en Joden speelde in 2005 helemaal niet.

Ik lees dat in het toenmalige kabinet-Balkenende VVD en D66 tegen dit wetsvoorstel waren, maar nu is er wel alle aanleiding en grond om een aangepast wetsvoorstel aangenomen te krijgen. Buma, waarmee ik het nooit eens ben, heeft hier wel degelijk een punt. Er zijn grenzen aan de vrijheid van meningsuiting. En ik licht dat op mijn manier nader toe. Er bestaat een kloof tussen opruiende uitspraken van Geert Wilders, die door iedere weldenkende en prudente burger als de nationale dorpsgek wordt gezien enerzijds, en de rebellerende jongeren van islamitische huize tegenover de Joodse. Geen compromis is mogelijk. De voorpaginakop van de Volkskrant van vanochtend zegt voldoende: ‘Terreurverheerlijking niet te beteugelen’.

Ook brengt Buma een – voor de krantlezer – nieuw feit in:

‘”In Spanje en Frankrijk is het al strafbaar. Daar wordt ermee gewerkt. In 2005 ging het ook om bagatelliseren, maar ik denk dat het actiever moet: verheerlijken. Er moet ook een link zijn met terrorisme nu, een actuele dreiging. Het gaat om bijvoorbeeld het zwaaien met de vlag van IS en om tweets. Je moet ook omschrijven dat het gaat om daden van organisaties die als terroristisch worden aangemerkt.”

De opmerking over bagatelliseren is mij niet geheel duidelijk, maar de strekking van de overige zinnen is duidelijk. En inderdaad lijkt een link met terrorisme noodzakelijk, en met name als het om bevolkingsgroepen in onze eigen steden gaat, die lijnrecht tegenover elkaar staan. Er is maar één oplossing denkbaar, lanceer ik nu als nieuw idee en toetsingskader om demonstraties toe te staan: laat er een publiek gesprek georganiseerd worden tijdens de demonstratie over Gaza, waarin een Palestijn tegenover een Israëli staat/zit aan de vergadertafel, waarbij de Palestijn het Israëlische standpunt moet verdedigen en vice versa. Is niemand daartoe in staat of bereid, dan wordt de demonstratie verboden.

Wonderlijk is het verschil tussen de uitlatingen van Opstelten gisteren en dit interview, waarin dezelfde Opstelten aangeeft dat de huidige wet voldoet:

‘Minister Opstelten van veiligheid en justitie zei gisteren dat de huidige wet voldoende biedt om mensen die juichen over het optreden van de terreurgroep Islamitische Staat (IS) aan te pakken. Ook de fracties van VVD, PvdA en SP denken er zo over. “We moeten niet elke recalcitrante puber die een keer een tweet stuurt oppakken”, zei VVD’er Klaas Dijkhoff. “Het is beter dat het openlijk gebeurt, dan dat het ondergronds gaat”, reageerde Jeroen Recourt van de PvdA. D66 is beducht voor de inperking van de vrijheid van meningsuiting.’

Waarom zijn er dan zoveel onduidelijkheden en worstelt men er binnen de gemeentegrenzen mee?

Wat ik hier wil bepleiten is dat we ook rekening moeten houden van de negatieve effecten van gedachtenkracht – in verbale uitroepen neerkomend op haatzaaien en verheerlijking van tegenstrijdige grondwaarden die wij nastreven – dat dus even gevaarlijk is als het in de publieke ruimte oproepen tot haat en doodsverwensingen.

Geen meningenpolitie natuurlijk binnen de private ruimte, wel binnen de publieke omdat die negatieve uitlatingen maatschappelijk geen enkele constructieve oplossing bieden, alleen een radicale polarisatie genereren. Daarmee is niemand gediend, want alleen de eigen ‘primitieve’ – overgenomen van Aboutaleb – meningen bevestigend. Primitieve meningen mogen niet getolereerd worden, want gecreëerd door geblokkeerde en gefrustreerde persoonlijkheden.

Aanvullend argument: iedere rationaliteit legt het bij deze volkswoede af

Citaat overgenomen van Monique Samuel uit haar blogpost van vandaag (http://www.moniquesamuel.nl/heilige-strijd-in-de-polder/)

‘Ik kom amper uit m’n woorden. vanaf het moment dat ik begin te spreken besef ik me dat iedere rationaliteit het bij deze volkswoede aflegt.
“Jij wilt een hand reiken naar hen? Wij zullen hen nooit een hand reiken. Niet tot we hen hebben laten boeten voor alles wat ze hebben gedaan. Dat je dit zelfs maar durft te zeggen! Dat je dat nu tijdens deze demonstratie durft te zeggen! Niet te geloven.” En ze priemt met haar vinger in mijn richting. “Ik ben nog niet klaar met jou. Ik ben nog lang niet klaar met jou. Ik ga nu niet met je in de discussie maar ik zoek je straks op. Want ik moet een heel hartig woordje met je wisselen.”

Noten:

[1] http://fd.nl/economie-politiek/359478-1408/hier-komt-zeker-geen-gaza-aan-de-maas

[2] http://www.trouw.nl/tr/nl/5009/Archief/archief/article/detail/3722929/2014/08/22/CDA-Verheerlijken-van-terrorisme-strafbaar-stellen.dhtml; Zie ook: http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2844/Archief/archief/article/detail/3722878/2014/08/22/Terreurverheerlijking-niet-te-beteugelen.dhtml