Tags

, ,

 Stelling: Mathieu Seegers merkt vandaag in FD[1] zeer terecht op dat de crash-MH17 van een totaal andere orde en daarmee onvergelijkbaar is met de crash van de Twin Towers (2001), hoe vaak ook overeenkomsten van beide rampen worden getrokken. Omdat er geen overeenkomsten bestaan – buiten het feit dat het om ‘luchtverkeer’ gaat en ging – is het ook zeer onverstandig om in Navoretoriek herinneringen op de roepen van de Koude Oorlog, of om in navolging het Amerikaans terrorismebeleid een eigen Europese 9/11-maatregelen te nemen:

‘Maar het Amerikaans voorbeeld van 9/11 verdient geen navolging. Alleen al omdat Europa beschikt over heel andere machtsmiddelen. Als de internationale macht van de EU ergens zichtbaar wordt, is dat wel in het uitbreidingsproces: een gigantische invloedssfeervergroting, inclusief regime change (en dat op basis van vrijwilligheid!). Geopolitiek gezien is dat een ongelooflijk succes. De wereld weet dit al jaren, maar Europa zelf wilde het nooit zien. Dat is curieus en niet langer houdbaar. Europa zal dit geopolitieke megaresultaat nu ook moeten erkennen. Evenals de verantwoordelijkheden voor Oost-Europa die daarbij horen.’

Het is dus correct te stellen dat het Amerikaanse voorbeeld geen navolging verdient. Maar daarna vervolgt Segers met een moeilijke redenering, als hij stelt dat het uitbreidingsproces van de EU een gigantische invloedssfeervergroting betekende. Dat is om verschillende redenen onjuist: (1) de uitbreiding van de EU naar 28 landen is alleen qua marktomvang van betekenis, maar vooralsnog niet – en zelfs verre van dat – in geopolitieke machtsbetekenis. Daarvoor is de bestuurlijke verdeeldheid veel te groot, de besluitvormingstempo te traag – omdat er 28 verschillende schijven in dit besluitvormingsmechanisme betrokken zijn met vaak cruciaal verschillende opvattingen over de oplossingsrichting – en een financieel-economische crisis sinds 2008, die er voor gezorgd heeft dat de EU hooguit een grootmacht op drijfzand is geworden.

(2) Een politieke grootmacht moet gestut zijn door een militaire apparaat, dat – hoe groot of klein ook – in staat is om tanden te tonen. Daarvan is geen sprake sinds de EU-begrotingsnormen tot sanering van de nationale krijgsmachten van de EU-lidstaten heeft gedwongen. En dat is in zekere zin ook een blessing in disguise, aangezien we niet meer terug willen of moeten naar de Koude Oorlogstijd. De Koude Oorlog had wat militaire capaciteit een soort Derde Wereldoorlog moeten voorkomen – hetgeen geslaagd is – door een forse parate macht in stand te houden van een omvang van oorlogsvoering van de laatste wereldoorlog wat luchtcapaciteit en grondtroepen betreft. En heden zou de dienstplichtwet weer in leven kunnen worden gebracht, als dat zin zou hebben. Maar inmiddels hebben de op te roepen generatie geen enkele militaire training gekregen en dus is er niets mobilisabel. Wordt vast een agendapunt bij de volgende Algemene Politieke Beschouwingen na Prinsjesdag.

Na beëindiging van dat koude tijdperk is de Navo getransformeerd in een soort rapid-reaction force dat overal ter wereld op verzoek en mandaat van de VN kon ingrijpen. Een vraag terzijde luidt dus of de bezuinigingen op defensie ongedaan moeten worden gemaakt. Het antwoord daarop luidt stellig: neen! De huidige beroepskrijgsmacht vormt tezamen met alle andere Navo-lidstaten voldoende tegenmacht op de Russische krijgsmacht, dat wel stoer kon optreden op de Krim, maar in Oost-Oekraïne klaarblijkelijk op de terugtocht kon worden gedwongen, maar verder in staat van grootschalig achterstallig onderhoud verkeert.

Kortom, waar Segers spreekt over de geopolitieke succes van de EU, daar kan niet anders dan geconstateerd worden dat deze geheel van theoretisch karakter is, waarmee ik bedoel binnen de theorievorming van de leer der internationale betrekkingen. De EU zal dus eerst zijn schuldencrisis, concurrentiepositie en bestuurlijke onmacht binnen de Europese Commissie overwonnen moeten hebben voordat er daadwerkelijk sprake is van een supermacht met geopolitieke stuurkracht. Van dat alles is geen sprake. Maar dit Russische imperialisme dient wel een nuttig doel, te weten wat Segers omschrijft als een wake-up call: ‘Die bewustwording is inderdaad ernstig gewenst in Europa en kan ook leiden tot de broodnodige correctie op de opportunistische lichtzinnigheid waarmee de EU tot nog toe omsprong met de toestanden aan haar oostgrenzen.’

Segers constatering dat ‘Europa zal dit geopolitieke megaresultaat nu ook moeten erkennen’, dient bijgesteld te worden: van erkennen kan geen sprake zijn, waar immers nog geen feitelijke politieke macht is gevormd. First things first. Het dient eerst opgebouwd te worden. Daarom kon er ook nog geen visie op de verantwoordelijkheden voor Oost-Europa worden ontwikkeld en opgebouwd. Nog daargelaten dat ten tijde van de Europese verkiezingscampagne te nadrukkelijk is vooruitgelopen op de mogelijke nieuwe associatieverdragen met de conflictlanden van nu. De gedane uitspraken van verkiezingskandidaten Verhofstadt en Van Baalen waren koren op de molen van Poetin, die direct een potentiële bedreiging van de staatsveiligheid zag. Voor geroutineerde politici als genoemde twee een formidabele blunder, waaruit namelijk bleek dat psychologisch-strategisch inzicht afwezig was. Deze blunder is door de recente handelingen van Poetin ook afgestraft. Iedere specialist in de internationale betrekkingen had toen al zijn wenkbrauwen opgetrokken.

Maar de conclusie van Segers is onmiskenbaar juist:

‘Dat vraagt om een onafhankelijkere en standvastigere diplomatie richting Moskou. Maar vooral om nadere definiëring van de uitbreiding: de strategische consequenties ervan en de materiële en morele grenzen die daarbij horen. De EU moet al haar denkkracht aanwenden om het uitbreidingsbeleid helder en koersvast te maken. Dat is dé topprioriteit voor de komende jaren.’

Zo goed als de huidige energie-dilemma’s al eerder in blogs op deze plaats zijn benoemd, kan ook hier ten aanzien van de Oekraïne worden opgemerkt dat de Europese Commissie nog verre van een Europese denktank is geworden, die zich alleen maar op komkommers en andere kul heeft gericht, maar niet op cruciale thema’s van geopolitiek terrein. Daarom krijgt de EU ook geen poot aan de grond bij gebrek aan visie op wel haast ieder terrein. Meer dan genoeg werk aan de winkel. En hou eens op met dat vergader- en praat-circuit in Brussel. Dat geeft geen stroomlijning en snelheid van handelen.

 

[1] Waarom MH17 iets heel anders is dan 9/11 (Mathieu Segers, Opinie & Dialoog/fd, 7 augustus)

Advertisements